Convenant gebruik bakkerszout

De ondergetekenden:

1. de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de heer A. Klink;

2. de Nederlandse Vereniging voor de Bakkerij, te dezen vertegenwoordigd door de voorzitter de heer Albert Schipper;

3. de Nederlandse Brood- en banketbakkers Ondernemers Vereniging, te dezen vertegenwoordigd door de voorzitter de heer Rin van der Molen;

Overwegende:

  • dat de Nederlandse overheid in het kader van de volksgezondheid stimuleert dat bij de bereiding van brood en broodvervangers gebruik wordt gemaakt van gejodeerd keukenzout;

  • dat jodium een essentiële bouwsteen is voor de goede ontwikkeling van het zenuwstelsel en de stofwisseling van de mens;

  • dat in artikel 9a, onder b, van het Warenwetbesluit Toevoeging micro-voedingsstoffen aan levensmiddelen was bepaald dat het jodiumgehalte van gejodeerd keukenzout ten minste 70 en ten hoogste 85 mg per kg zout dient te bedragen;

  • dat de Nederlandse bevolking 50% van haar jodiumbehoefte haalt uit brood, en dat brood dus een belangrijke bron is voor de jodiumvoorziening van de Nederlandse bevolking;

  • dat de Nederlandse overheid het nodig acht dat in verband met veranderende voedingsgewoonten, gejodeerd keukenzout niet alleen aan brood en broodvervangers wordt toegevoegd, maar ook aan andere productcategorieën zoals andere bakkerijproducten;

  • dat uit onderzoek van TNO blijkt dat voorwaarde hiervoor is dat het toegelaten jodiumgehalte van gejodeerd keukenzout verlaagd wordt naar 50–65 mg jodium per kg zout;

  • dat het wenselijk was het Warenwetbesluit in deze zin te wijzigen, en af te spreken dat vanaf dat moment bij de bereiding van alle bakkerijproducten gebruik wordt gemaakt van gejodeerd keukenzout met 50–65 mg jodium per kg zout;

komen overeen:

Artikel 1

In dit convenant wordt verstaan onder:

a. Minister:

de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

b. organisaties van producenten:
  • de Nederlandse Vereniging voor de Bakkerij;

  • de Nederlandse Brood- en banketbakkers Ondernemers Vereniging;

c. brood:

brood, bedoeld in het Warenwetbesluit Meel en brood;

d. bakkerszout:

gejodeerd keukenzout dat gebruikt wordt bij de bereiding van brood en andere bakkerijproducten;

e. verordening (EEG) 2092/91:

verordening (EEG) nr. 2092/91 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 24 juni 1991 inzake de biologische productiemethode en aanduidingen dienaangaande op landbouwproducten en levensmiddelen (PbEG L 198);

f. verordening (EG) 834/2007:

verordening (EG) nr. 834/2008 van de Raad van de Europese Unie van 28 juni 2007 (PbEU L 364) inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 2092/91.

Artikel 2

  • 1. De organisaties van producenten bevorderen dat met ingang van 1 oktober 2008 de bij hen aangesloten leden bij de bereiding van brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten uitsluitend gebruik maken van bakkerszout met een jodiumgehalte van 50–65 mg jodium per kg zout.

  • 2. Het eerste lid is niet van toepassing op brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten die:

    • a. bereid zijn volgens de biologische productiemethode, bedoeld in verordening (EEG) 2092/91, of de biologische productie, bedoeld in verordening (EG) 834/2007; of

    • b. bestemd zijn om buiten Nederlands grondgebied te worden gebracht.

Artikel 3

De Minister bevordert dat bij brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten waaraan uitsluitend overeenkomstig dit convenant jodium is toegevoegd, voedingswaarde-etikettering niet verplicht is.

Artikel 4

  • 1. Partijen zullen de werking van dit convenant iedere twee jaar evalueren, voor het eerst vóór 1 oktober 2010.

  • 2. De evaluatie zal worden verricht en een verslag daarvan zal worden opgemaakt door een commissie, bestaande uit door partijen te benoemen leden. Bij deze evaluatie zal de medewerking van de Voedsel en Waren Autoriteit worden gevraagd.

  • 3. De commissie zal haar verslag telkens vóór 1 december aan partijen aanbieden, voor het eerst vóór 1 december 2010.

Artikel 5

  • 1. Teneinde producenten of organisaties van producenten van brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten in zo ruim mogelijke mate te doen participeren in dit convenant, bestaat voor hen de mogelijkheid om gedurende de looptijd van het convenant als partij toe te treden. Een toetredende partij aanvaardt de verplichtingen die voor haar uit het convenant voortvloeien.

  • 2. Een verzoek tot toetreding wordt schriftelijk ingediend bij de Minister. Zodra alle partijen bij dit convenant schriftelijk hebben ingestemd met het verzoek tot toetreding, ontvangt de toetredende partij de status van partij bij het convenant en gelden voor die partij de voor haar uit het convenant voortvloeiende verplichtingen.

  • 3. Het verzoek tot toetreding en de verklaring tot instemming worden in afschrift als bijlage aan het convenant gehecht.

  • 4. Van de toetreding wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

Artikel 6

  • 1. Elke partij kan de andere partijen schriftelijk verzoeken het convenant te wijzigen. De wijziging behoeft de schriftelijke instemming van alle partijen.

  • 2. Partijen treden in overleg binnen één maand nadat een partij de wens daartoe schriftelijk aan de andere partijen heeft medegedeeld.

  • 3. De wijziging en de verklaringen tot instemming worden in afschrift als bijlage aan het convenant gehecht.

  • 4. De zakelijke inhoud van de wijziging wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

Artikel 7

Elke partij kan dit convenant te allen tijde met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden schriftelijk opzeggen.

Artikel 8

Dit convenant treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening, en eindigt met ingang van het tijdstip waarop regelgeving van de Europese Unie inzake het jodiumgehalte van zout en brood in werking treedt.

Artikel 9

Dit convenant wordt aangehaald als: Convenant gebruik bakkerszout.

De tekst van het convenant wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

Den Haag, 18 oktober 2008

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink.

Wageningen, 29 september 2008

De voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor de Bakkerij,

A. Schipper.

Breda, 30 september 2008

De voorzitter van de Nederlandse Brood- en banketbakkers Ondernemers Vereniging,

R. van der Molen.

Naar boven