De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
Gelet op richtlijn nr. 96/22/EG van de Raad van 29 april 1996 betreffende het verbod op het gebruik, in de veehouderij, van
bepaalde stoffen met hormonale werking en van bepaalde stoffen met thyreostatische werking, alsmede van β-agonisten en tot
intrekking van de richtlijnen 81/602/EEG, 88/146/EEG en 88/299/EEG (PbEG L 125), alsmede op artikel 5 van de Diergeneesmiddelenwet
en artikel 46 van het Diergeneesmiddelenbesluit;
Besluit:
ARTIKEL I
De Diergeneesmiddelenregeling1 wordt gewijzigd als volgt:
A
Artikel 28, onderdeel d, komt te luiden:
d. de stoffen bedoeld in artikel 2 van Richtlijn nr. 96/22/EG, tenzij toediening van deze stoffen is toegestaan op grond van
artikel 4, onderdeel 2, van Richtlijn nr. 96/22/EG;.
B
Artikel 81 wordt gewijzigd als volgt:
1. In het eerste lid wordt onder vernummering van onderdeel b tot onderdeel c ingevoegd:
2. In het tweede lid, onderdeel b, vervalt ‘of gezelschapsdieren’.
3. Het tweede lid, onderdeel e, vervalt onder vervanging van de puntkomma aan het slot van onderdeel d door een punt.
ARTIKEL II
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2009.
TOELICHTING
Algemeen
Met onderhavige regeling wordt richtlijn nr. 2008/97/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 19 november
2008 tot wijziging van richtlijn nr. 96/22/EG van de Raad van de Europese Unie van 29 april 1996 betreffende het verbod op
het gebruik, in de veehouderij, van bepaalde stoffen met hormonale werking en van bepaalde stoffen met thyreostatische werking,
alsmede van β-agonisten en tot intrekking van de Richtlijnen 81/602/EEG, 88/146/EEG en 88/299/EEG (PbEG L 125) (verder: de
richtlijn) geïmplementeerd. Deze richtlijn dient uiterlijk 1 januari 2009 geïmplementeerd te zijn in de nationale regelgeving.
Het doel van de richtlijn is enerzijds het verbod op het in de handel brengen van bepaalde stoffen te beperken tot stoffen
bedoeld voor voedselproducerende dieren. Anderzijds is bepaald dat de tijdelijke vrijstelling voor het gebruik van de stof
17-β-oestradiol niet mag worden verlengd. Onderaan deze toelichting is een transponeringstabel opgenomen.
Voor deze wijziging gold voor bepaalde categoriën stoffen een handelsverbod met betrekking tot gebruik voor zowel voedselproducerende
als gezelschapsdieren. Dit totaalverbod was gericht tegen misbruik van producten bestemd voor gezelschapsdieren voor gebruik
bij voedselproducerende dieren. Gebleken is echter dat dit misbruik niet te verwachten is. Ook is een totaalverbod bezwaarlijk
gebleken voor het welzijn van gezelschapsdieren wegens een gebrek aan alternatieven voor met name stoffen met thyreostatische
werking voor behandeling van hyperthyrioidie bij honden en katten.
Daarnaast is in de richtlijn bepaald dat de beperkte vrijstelling die gold voor 17-β-oestradiol niet mag worden verlengd,
omdat een volledig verbod kan worden gerechtvaardigd op grond van nieuwe informatie met betrekking tot de schadelijkheid van
deze stof en het beschikbaar zijn van voldoende alternatieven.
Artikelsgewijs
Artikel 28, onderdeel d
In artikel 28 wordt de verwijzing naar artikel 3 van richtlijn 96/22/EG gewijzigd naar artikel 2 van richtlijn 96/22/EG. Ook
wordt de formulering van de uitzondering aangepast. Door de wijziging van de tekst van artikel 2 van richtlijn 96/22/EG sluit
deze nieuwe formulering beter aan bij de strekking van richtlijn 96/22/EG.
Artikel 81, eerste lid
De stoffen stilbenen, stilbeenderivaten, zouten en de esters daarvan’ zijn stoffen met oestrogene werking en vallen reeds
onder artikel 81, eerste lid, onderdeel a. Omdat deze categorie stoffen in richtlijn 96/22/EG en in artikel 82 expliciet worden
genoemd, wordt deze stof ook in dit artikel expliciet opgenomen.
Artikel 81, tweede lid
De wijzigingen in dit artikellid vloeien rechtstreeks uit de richtlijn voort.
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
G. Verburg.