Aanpassingsregeling Algemene douanewet

14 juli 2008

Nr. DV 2008-520 M

Directoraat-Generaal voor Fiscale Zaken, Directie Douane en Verbruiksbelastingen

De Staatssecretaris van Financiën en de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op artikel 1:3, eerste lid, onderdeel c, van de Algemene douanewet, de artikelen 3, vijfde lid, 68, tweede lid, en 69 van de Wet op de accijns, artikel 3, vijfde lid, en 31 van de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten, artikel 39 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, artikel 21 van de Wet op de omzetbelasting 1968 alsmede artikel 3:3, onderdeel a en c, en artikel 3:4, eerste lid, van het Algemeen Douanebesluit;

Besluiten:

Artikel I

De Uitvoeringsregeling Belastingdienst 20031 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1 wordt ‘rijksbelastingen, de artikelen 4, tweede lid, 15, tweede lid, en 18 van de Douanewet, de artikelen 2’ vervangen door: rijksbelastingen, de artikelen 2.

B

Artikel 9 komt als volgt te luiden:

De voorzitters van de managementteams van de in artikel 3, eerste lid, onderdelen a, b en c.1, genoemde organisatieonderdelen zijn ambtenaar als bedoeld in artikel 84 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (contactambtenaar).

C

In artikel 10 wordt ‘Invorderingswet 1990 en artikel 9 van de Douanewet bestaan’ vervangen door: Invorderingswet 1990 bestaan.

D

In artikel 11 komt het tweede lid te vervallen onder vernummering van het derde tot en met het vijfde lid tot het tweede tot en met het vierde lid.

E

Artikel 23 komt te luiden:

Een verzoek om teruggaaf van accijns van minerale oliën als bedoeld in artikel 71d van de Wet op de accijns dient te worden gedaan bij de voorzitter van het managementteam van de Belastingdienst/Douane Noord.

F

Artikel 25 vervalt.

Artikel II

De Uitvoeringsregeling accijns2 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 3, derde lid, onderdelen b en c, alsmede in artikel 32, tweede en derde lid, wordt ‘bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Douanewet’ vervangen door: bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet.

B

In artikel 32a, eerste lid, wordt ‘met toepassing van de artikelen 84 en 85 van de Douaneregeling’ vervangen door: met toepassing van de artikelen 7:8, 7:9 en 711 van de Algemene douaneregeling.

C

In artikel 55a wordt ‘zijn de artikelen 1 tot en met 3 van de Douaneregeling van toepassing’ vervangen door: is de regeling van de Minister van Justitie, bedoeld in de artikelen 1:24, vierde lid, en 1:27, tweede lid, van de Algemene douanewet van toepassing.

Artikel III

De Uitvoeringsregeling verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten3 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 3, tweede lid, onderdelen b en c, alsmede in artikel 18, twee en derde lid, wordt ‘bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Douanewet’ vervangen door: bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet.

B

In artikel 19, eerste lid, wordt ‘met toepassing van de artikelen 84 en 85 van de Douaneregeling’ vervangen door: met toepassing van de artikelen 7:8, 7:9 en 7:11 van de Algemene douaneregeling.

Artikel IV

In artikel 32, zevende lid van de Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 19944 wordt ‘de voorwaarden van de artikelen 84 tot en met 88 van de Douaneregeling’ vervangen door: de voorwaarden van de artikelen 7:8 tot en met 7:14 van de Algemene douaneregeling.

Artikel V

In artikel 16b van de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 19685 vervalt: artikel 102 van de Douaneregeling.

Artikel VI

De Regeling bijzondere restituties bij uitvoer bepaalde soorten rundvlees6 wordt als volgt gewijzigd:

A

Na artikel 1 wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 1a

Deze regeling berust op artikel 3:3, onder a en c, en 3:4, eerste lid, van het Algemeen douanebesluit.

B

In artikel 2, derde lid, wordt ‘Regeling in- en uitvoer landbouwgoederen’ vervangen door: Algemene douaneregeling.

C

In artikel 10, vijfde en zesde lid, wordt ‘op het formulier L, als bedoeld in artikel 19 van de Regeling in- en uitvoer landbouwgoederen’ telkens vervangen door: bij de aangifte ten invoer.

D

Artikel 22, vijfde lid, komt te luiden:

5. De nummers van zowel het identificatieattest als van het attest uitgebeend vlees dienen op bij de aangifte ten invoer onderscheidenlijk op de maandstaat als bedoeld in artikel 3:24 van de Algemene douaneregeling, te worden vermeld.

E

Artikel 23 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het vierde lid wordt ‘het formulier L, als bedoeld in artikel 19 van de Regeling in- en uitvoer landbouwgoederen’ vervangen door: de aangifte ten invoer.

2. In het vijfde lid wordt ‘levering als bedoeld in artikel 95 van de Regeling in- en uitvoer landbouwgoederen’ vervangen door: scheepsproviandering als bedoeld in artikel 3:23, eerste lid, van de Algemene douaneregeling.

Artikel VII

In artikel 8.16 van de Regeling handel levende dieren en levende producten7 wordt ‘een plaats als bedoeld in artikel 11 of 17 van de Douaneregeling’ vervangen door: een douanekantoor als bedoeld in artikel 1:3 van de Algemene douaneregeling.

Artikel VIII

De Regeling invoer, uitvoer en verkeer van planten8 wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 20a wordt het zinsdeel ‘artikel 32 van de Douaneregeling’ telkens vervangen door: artikel 1:11 van de Algemene Douaneregeling.

B

In artikel 20b wordt het zinsdeel ‘artikel 32 van de Douaneregeling’ telkens vervangen door: artikel 1:11 van de Algemene Douaneregeling.

Artikel IX

De volgende regelingen worden ingetrokken:

– Heffingsbeschikking invoer agrarische alcohol 1984;

– Regeling van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij van 16 juni 1996, J.966671 (Stcrt. 1996, 122);

– Regeling van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en visserij van 16 januari 1998, nr. J.98547 (Stcrt. 1998, 13);

– Regeling actief veredelingsverkeer landbouwgoederen 1986;

– Regeling afgifte certificaten van oorsprong bepaalde landbouwgoederen 1982;

– Regeling In- en uitvoer landbouwgoederen;

– Regeling passief veredelingsverkeer landbouwgoederen;

– Vrijstellingsbeschikking invoer agrarische alcohol 1985;

– Vrijstellingsbeschikking klein grensverkeer landbouwgoederen 1981.

Artikel X

Deze regeling wordt aangehaald als: Aanpassingsregeling Algemene douanewet.

Artikel XI

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de Algemene douanewet in werking treedt.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Financiën, J.C. de Jager, De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,G. Verburg.

Toelichting

Artikel I

In het eerste hoofdstuk van de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003 (hierna: UrBD 2003) is de organisatie van de Belastingdienst omschreven. Niet alleen de verschillende organisatieonderdelen van de Belastingdienst, maar ook de taken die worden uitgevoerd, zijn omschreven in artikel 3 van de UrBD 2003. De taken van de voorzitters van de managementteams van de in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, genoemde organisatieonderdelen zijn omschreven in artikel 3, derde lid, van de UrBD 2003. Het betreft hier niet alleen de heffing en invordering van rijksbelastingen, maar ook – onderdeel a – de heffing van douanerechten. Voor zover het de rijksbelastingen betreft, bedoeld in de onderdelen b tot en met f van artikel 3, derde lid, van de UrBD 2003, is aan de voorzitters van de managementteams van de in artikel 3, eerste lid, onderdelen a, b en c.1, genoemde organisatieonderdelen de bevoegdheid om de heffings- en invorderingstaken uit te voeren gegeven in de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Invorderingswet 1990 en artikel 5, eerste lid, van de UrBD 2003. Heffing van douanerechten vindt plaats op grond van het Communautair douanewetboek (hierna: CDW). Volgens het CDW is de douaneautoriteit belast met de uitvoering. Lezing van artikel 4, derde lid, van het CDW in samenhang met artikel 1:3, eerste lid, onderdelen c en d, van de Algemene douanewet (hierna: ADW) leert dat dit in hoofdregel de inspecteur en ontvanger is die met de toepassing van de ADW is belast en als zodanig bij Ministeriële regeling is aangewezen. In artikel 1.1.1.3 van de Algemene douaneregeling worden daartoe dezelfde voorzitters aangewezen als inspecteur en ontvanger voor de heffing en invordering van douanerechten als de voorzitters die op de voet van artikel 5, eerste lid, van de UrBD 2003 bevoegd zijn voor de heffing en invordering van rijksbelastingen. Zodoende is in de Algemene douaneregeling de aanwijzing en het volledige overzicht te vinden van de functionarissen die op basis van artikel 1:3, eerste lid, onderdeel c, van de Algemene douanewet bevoegd zijn ter zake van de heffing en invordering van douanerechten alsmede de uitvoering van niet-fiscale douanetaken. De wijzigingen van de UrBD 2003 in de artikelen 1, 9, 10, 11, 23 en 25 houden hiermee verband. Verwijzingen in artikel 1 en 10 van de UrBD 2003 naar de Douanewet vervallen. Ook de bepalingen in hoofdstuk 3 betreffende douanetaken, zijnde artikel 11, 23, eerste en tweede lid, en 25 van de UrBD 2003 vervallen.

Artikelen II tot en met VIII

Als gevolg van het vervallen van de Douanewet, het Douanebesluit en de Douaneregeling wijzigen verwijzingen in een aantal regelingen. De onderhavige bepalingen strekken ertoe die verwijzingen te actualiseren.

Artikel IX

Als gevolg van de herziening van de douanewetgeving komen een aantal regelingen te vervallen of worden ingetrokken. In het onderhavige artikel is een aantal regelingen genoemd die komen te vervallen of worden ingetrokken en waarvan het van rechtswege vervallen niet reeds bij publicatie van de Algemene douanewet of een andere regeling is bekengemaakt.

De Staatssecretaris van Financiën,

J.C. de Jager

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

G. Verburg

  • 1

    Stcrt. 2002, 247; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 4 juli 2008 (Stcrt. 2008, 130).

  • 2

    Stcrt. 1991, 252; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 23 juni 2008 (Stcrt. 2008, 122).

  • 3

    Stcrt. 1992, 252; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 22 januari 2007 (Stcrt. 2007, 19).

  • 4

    Stcrt. 1994, 114; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 4 juli 2008 (Stcrt. 2008, 130).

  • 5

    Stcrt. 1968, 169; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 20 december 2007 (Stcrt. 2007, 251).

  • 6

    Stcrt. 2006, nr. 247.

  • 7

    Stcrt. 1994, 250; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 7 december 2007 (Stcrt. 2007, 243).

  • 8

    Stcrt. 1993, 98; laatstelijk gewijzigd bij Ministeriële regeling van 20 maart 2008 (Stcrt. 2008, 63).

Naar boven