Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 26 november 2008, nr. OHW-U-2895380, houdende de vaststelling van het vrijstellingsbedrag inkomsten uit vermogen ingevolge de wetten voor oorlogsgetroffenen per 1 januari 2009

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 18, zevende lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945, alsmede op de artikelen 12a van de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945, 12 van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, 17 van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet en 27 van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945;

Besluit:

Artikel 1

De bedragen, genoemd in artikel 19, vijfde lid, onder a, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945, alsmede in de artikelen 12, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945, 11, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, 16, tweede lid, onder b, ten derde, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet en bedoeld in artikel 28, vierde lid, onder a, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945, worden als volgt herzien:

  • a. het bedrag, genoemd in artikel 19, vijfde lid, onder a, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945, wordt verhoogd tot € 775,76;

  • b. het bedrag, genoemd in de artikelen 12, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945, 11, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon zeelieden-oorlogsslachtoffers en 16, tweede lid, onder b, ten derde, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet, wordt verhoogd tot zevenhonderdenvijfenzeventig euro en zesenzeventig eurocent;

  • c. het vrij te laten bedrag, bedoeld in artikel 28, vierde lid, onder a, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945, wordt vastgesteld op € 775,76 per jaar.

Artikel 2

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2009.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

M. Bussemaker.

Naar boven