De Staatssecretaris van Defensie,
Gelet op:
artikel 45, vijfde en zesde lid, van het Luchtverkeersreglement;
Handelende:
in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Waterstaat;
Besluit:
Artikel 1
Aan de gezagvoerders van de luchtvaartuigen die deelnemen aan de langsvluchten
op zaterdag 28 en zondag 29 april 2007 onder andere ter gelegenheid van de
herdenking van de Operatie Manna wordt ontheffing verleend van het verbod,
genoemd in artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van het Luchtverkeersreglement
om een VFR-vlucht uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte, boven
gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder
begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen, gedurende de daglichtperiode,
zoals gepubliceerd in de MilAIP.
Artikel 2
Aan de ontheffing zijn de volgende voorwaarden verbonden:
a. de minimum toegestane vlieghoogte boven gebieden met aaneengesloten
bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen,
bedraagt 500 voet boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van
150 meter van het luchtvaartuig;
b. de vliegroute, vlieghoogte en vliegsnelheid worden zodanig gekozen
dat:
1°. overlast aan derden zoveel mogelijk wordt vermeden;
2°. in geval van een noodlanding het risico voor inzittenden en derden
zoveel mogelijk wordt beperkt;
c. de gezagvoerders stellen zich van tevoren op de hoogte met betrekking
tot plaatsen die geschikt zijn voor het uitvoeren van een noodlanding;
d. te allen tijde dienen de vliegers in een zodanige combinatie van hoogte
en snelheid te vliegen dat zij in staat zijn om, in geval van een motorstoring,
de bebouwing zonder hoogteverlies te verlaten.
Artikel 3
De in artikel 2, onderdeel a, omschreven afwijking van de minimum vlieghoogte
is alleen van toepassing voor die delen van de vlucht waar het doel van de
vlucht dit vereist en boven de navolgende locaties:
Zaterdag 28 april 2007
a. Texel, begraafplaats
53°03’N 004°48’E
b. Berkhout, wraklocatie
52°38’N 004°58’E
c. Ursem, wraklocatie
52°38’N 004°56’E
d. Bergen, begraafplaats
52°38’N 004°42’E
e. Rotterdam, monument
51°57’N 004°30’E
Zondag 29 april 2007
a. Alkmaar
52°37’N 004°44’E
b. Vlieland
53°18’N 005°04’E
Artikel 4
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening
van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op 30 april 2007.
Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst
en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.
Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene
wet bestuursrecht (Awb), binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking
is bekendgemaakt een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift dient te
worden gericht aan de Minister van Defensie, ter attentie van de Commissie
advisering bezwaarschriften Defensie, Postbus 20701, 2500 ES ‘s-Gravenhage.
Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten:
de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van
de beschikking waartegen het bezwaar is gericht; de gronden van het bezwaar.
Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening
te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is
griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.
Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog heerste er in de randstad een
schrikbarende hongersnood. Op 24 april 1945 heeft Generaal Eisenhower op aandringen
van Koningin Wilhelmina de beslissing genomen om met grote formaties viermotorige
bommenwerpers een aantal dagen lang voedsel af te werpen boven bezet gebied.
De Britse Royal Air Force noemde deze actie toepasselijk ‘Operatie Manna’.
Operatie Manna begon op zondag 29 april 1945 met ruim 240 Lancasters die het
eerste ‘voedselbombardement’ uitvoerden boven de Waalhaven, Ypenburg,
Valkenburg enz.
Ter nagedachtenis aan de Operatie Manna worden jaarlijks herdenkingsplechtigheden
georganiseerd. Ter opluistering van deze plechtigheden maakt een luchtvaartuig
van de Royal Air Force Battle of Britain Memorial Flight een langsvlucht over
de herdenkingslocaties. Om een duidelijke bijdrage te leveren aan de herdenkingsplechtigheid
op een beperkt aantal locaties op de grond en om onderscheid te maken met
een reguliere overvlucht zal het luchtvaartuig kortstondig lager vliegen dan
de in artikel 45, eerste lid, onderdeel a, van het Luchtverkeersreglement
omschreven hoogte. Gedurende de kruisgedeeltes van de route zal het luchtvaartuig
de standaard minimum vlieghoogte respecteren.