Besluit Aanwijzing medewerkers BFT voor het Wid/Wet Mot Toezicht 2007

Het Bestuur van het Bureau Financieel Toezicht,

Gelet op artikel 8a, aanhef en lid 1, sub h en j èn lid 2, sub i en k van de Uitvoeringsregeling Wet identificatie bij dienstverlening en Wet melding ongebruikelijke transacties;

Gelet op artikel 1, onderdeel d en e van het Uitvoeringsbesluit Wet melding ongebruikelijke transacties en Wet identificatie bij dienstverlening (hierna ‘het Besluit’);

Gelet op artikel 8a Wid en artikel 17b Wet Mot jo. artikel 5a van het Besluit;

Besluit:

Artikel 1

Het Bestuur van het Bureau Financieel Toezicht (BFT) trekt het Besluit Aanwijzing medewerkers BFT voor het Wid/Wet Mot Toezicht van 17 augustus 2005 (Stcrt. 26 augustus 2005, nr. 165) in.

Artikel 2

Ten aanzien van de aanwijzing van medewerkers van het BFT inzake het toezicht houden op de naleving van de Wid en de Wet Mot besluit het Bestuur als volgt:

a. Het Bestuur van het BFT belast de onder b. genoemde functionarissen met het toezicht op de naleving van:

- artikelen 2, eerste, tweede, en zevende lid, 4, eerste en tweede lid, 5, 6, 7 en 8 Wid;

- artikelen 9, 10, tweede lid, 17u en 19 Wet Mot.

b. Onder functionarissen (toezichthouders in de zin van de Algemene wet bestuursrecht), worden verstaan de medewerkers met de volgende functietitels: directeur BFT, onderzoeker Wid/Mot Toezicht, beleidsmedewerker, handhavingsfunctionaris, informatieanalist en de personen fungerend als waarnemer van een van de hiervoor genoemde functionarissen, allen werkzaam bij het BFT.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Aanwijzing medewerkers BFT voor het Wid/Wet Mot Toezicht 2007.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking met terugwerkende kracht vanaf 16 oktober 2006.

Artikel 5

Dit Aanwijzingsbesluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Utrecht, 20 augustus 2007.
Bureau Financieel Toezicht,
de voorzitter van het bestuur,
L.R. van der Weij.

Naar boven