Intentieverklaring Leren & Werken versterken in de stadsregio Arnhem - Nijmegen

Partijen:

Gemeenten:

• Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Arnhem, handelend als bestuursorgaan van gemeente Arnhem, namens deze mevrouw drs. W.R.J.M. Pijnenburg, wethouder, hierna te noemen ’de gemeente Arnhem’;

• Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Nijmegen, handelend als bestuursorgaan van gemeente Nijmegen, namens deze mevrouw drs. H.T.M. Scholten, wethouder, hierna te noemen ’de gemeente Nijmegen’;

Beroepsonderwijs:

• Stichting ROC Nijmegen e.o., te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer drs. J.H. Schutte, de voorzitter van het College van Bestuur, hierna te noemen ’ROC Nijmegen’;

• Stichting Regionaal Opleidingen Centrum Arnhem, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw drs. T.C. Lamers, de voorzitter van het College van Bestuur, hierna te noemen ’ROC Rijn IJssel’;

• Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer mr. M.J.G. Wintels, de voorzitter van het College van Bestuur, hierna te noemen ’Hogeschool’;

Kenniscentra Beroepsonderwijs Bedrijfsleven:

• Stichting Kenniscentrum Handel, kenniscentrum voor bedrijfsleven en beroepsonderwijs, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer drs. P. Cras, algemeen directeur, hierna te noemen ’Kenniscentrum Handel’;

• Stichting Vakopleiding Transport en Logistiek, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer G. Ros, directeur, hierna te noemen ’VTL’;

• Stichting Landelijk Orgaan Beroepsonderwijs Horeca, Toerisme en Voeding, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw drs. A.J. Cnossen, directeur, hierna te noemen ’LOB HTV’;

• Stichting Ecabo, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer drs. C.W. Streumer, algemeen directeur, hierna te noemen ’Ecabo’;

• Stichting Kenteq, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer J. Eijkelenboom, algemeen directeur, hierna te noemen ’Kenteq’;

• Stichting OVDB-Landelijk Orgaan van het Beroepsonderwijs, Gezondheidszorg, Dienstverlening, Welzijn en Sport te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer ing. R.E. van den Bosch, directeur, hierna te noemen ’OVDB’;

• Stichting Kenniscentrum VAPRO, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer J.P.J. Mens, directeur, hierna te noemen ’VAPRO’;

• Stichting SVGB, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer drs. J.J.M. Vissers, directeur, hierna te noemen ’SVGB’;

• Innovam, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer D.

Schmidt, directeur, hierna te noemen ‘Innovam’;

Ondernemersorganisaties:

• MKB-Nijmegen, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer E. Verkroost, voorzitter;

• MKB Oost, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer W. Benda, voorzitter MKB Centraal-Gelderland;

• Industriële Kring Nijmegen, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer B.G. Jeene, voorzitter, hierna te noemen ’IKN’;

• Ondernemers Kontact Arnhem, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw L. Hübner, secretaris, hierna te noemen ’OKA’;

• Kamer van Koophandel Centraal Gelderland, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer G.M.P.J. Keulen , voorzitter;

CWI:

• Centrale Organisatie voor Werk en Inkomen Oost-Nederland, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de mevrouw A. Lichtenberg, districtsmanager CWI Oost-Nederland, hierna te noemen ’CWI’;

Rijksoverheid:

• De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mevrouw M.J.A. van der Hoeven, handelend als bestuursorgaan, hierna te noemen ’de Minister’.

Overwegende dat:

- de arbeidsmarkt in de regio Arnhem - Nijmegen goed opgeleide vakmensen nodig heeft;

- de combinatie van leren en werken een aantrekkelijke wijze van leren is voor werkenden en werkzoekenden;

- de combinatie van leren en werken bijdraagt aan de innovatiekracht van de regio Arnhem - Nijmegen;

- de partijen het opzetten en inrichten van een toegankelijke infrastructuur tussen bedrijven, onderwijsinstellingen, kenniscentra, CWI, ondernemersorganisaties, Kamer van Koophandel en gemeenten als een voorwaarde zien voor het succesvol uitvoeren van activiteiten in het kader van een leven lang leren;

- partijen aanjagen en impulsen willen geven, zodat de verschillende sectoren op termijn over voldoende beter gekwalificeerd personeel kunnen beschikken;

- de combinatie van leren en werken bijdraagt aan de duurzame arbeidsparticipatie van werkenden en werkzoekenden in de regio;

- de samenwerking tussen partijen bijdraagt aan het oplossen van de werkloosheidsproblematiek en een antwoord biedt op de toenemende vraag naar goed gekwalificeerd personeel in de verschillende sectoren;

- regionale samenwerkingsovereenkomsten mede gericht dienen te zijn op regionaal structuurversterkende projecten en het stimuleren van organiserend vermogen tussen bedrijven, beroepsonderwijs en lokale overheid;

- de vraag naar personeel op de regionale arbeidsmarkt sturend is voor scholings- dan wel uitplaatsingtrajecten van zowel werkenden als werkzoekenden;

- Erkenning van Verworven Competenties (EVC) ingezet wordt om op een efficiënte manier het opleidingsniveau van mensen te verhogen;

- de toegankelijkheid van scholing, EVC en loopbaanadvies bevorderd wordt door het creëren van een infrastructuur van leerwerkloketten in de gemeenten Arnhem en Nijmegen;

Komen het volgende overeen:

Doelstelling

Artikel 1. Duale trajecten, leerwerkloket, EVC en structurele samenwerking

1. Deze intentieverklaring heeft tot doel het leren en werken voor werkenden en werkzoekenden te bevorderen door middel van activiteiten in het kader van het project ‘Leren & Werken versterken in de stadsregio Arnhem - Nijmegen’, hierna te noemen ’het project’, die strekken tot:

a. het tot stand komen van minimaal 600 nieuwe (andersoortige) duale trajecten en deelneming daaraan in de regio’s Arnhem en Nijmegen per 1 oktober 2007, die zullen leiden tot een aantoonbare vergroting van de instroom van personen binnen de doelgroep ten opzichte van de periode voorafgaand aan de intentieverklaring;

b. scholing van de doelgroep deelnemers aan deze bovengenoemde nieuwe duale trajecten, te weten werknemers en werkzoekenden ouder dan 23 jaar, tot een erkend opleidingsniveau dat minimaal resulteert in behaalde (deel)certificaten op MBO niveau 2;

c. realisering van één leerwerkloket in de regio Arnhem-Nijmegen, met uitvoeringslokaties voor de twee steden en de gebruikmaking daarvan door minimaal 800 deelnemers.

d. het via het leerwerkloket realiseren van 800 EVC-trajecten;

e. het leveren van een impuls tot een structurele samenwerking tussen bij het leerwerkloket betrokken partijen in de regio op het gebied van leven lang leren.

2. Het leerwerkloket is een gezamenlijk loket van de deelnemende organisaties, die in afstemming deelnemers gaan acquireren. Aansluiting wordt gezocht bij bestaande initiatieven.

3. De functies van het leerwerkloket zijn:

a. voorlichting over EVC, scholing, duale trajecten en verspreiding daarvan;

b. informatie over financiering EVC, scholing, duale trajecten en totstandkoming regionale financieringsafspraken;

c. actieve acquisitie deelnemers EVC, duale trajecten onder werkgevers, werknemers, uitkeringsinstanties, werkzoekenden en burgers;

d. stimuleren ontwikkeling nieuwe EVC en standaardisering aangeboden EVC-procedures;

e. commitment dat kennisinstellingen maatwerk leveren;

f. toegankelijkheid voor iedereen.

4. EVC-trajecten hebben als doel instroom in een (nieuw) duaal traject en het in kaart brengen van niveau en competenties van deelnemers. EVC-trajecten vinden plaats door middel van procedures die voldoen aan het kwaliteitskader van het Kenniscentrum EVC.

Inspanning partijen

Artikel 2: Gemeente Arnhem en Gemeente Nijmegen

De gemeenten Arnhem en Nijmegen verbinden zich aan de in deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen door:

a. inzicht te verstrekken in de informatie en ontwikkelingen met betrekking tot de regionale arbeidsmarkt, met name vanuit perspectief van de werkzoekenden;

b. actief de toestroom van kandidaten te bevorderen vanuit gemeentelijke sociale diensten;

c. een concrete bijdrage te leveren aan opzet en uitvoering van projectplannen voor de afzonderlijke regio’s en sectoren.

Artikel 3: Beroepsonderwijs

De Hogeschool, ROC Nijmegen en ROC Rijn IJssel verbinden zich aan de in deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen door het, in onderlinge afstemming:

a. bieden van inzicht in kansrijke opleidingstrajecten in dit project;

b. op maat aanbieden van competentiegerichte scholingstrajecten;

c. plaatsen van deelnemers in duale trajecten;

d. aanbieden van flexibele instroommomenten;

e. begeleiden van deelnemers in duale trajecten;

f. aanstellen van één intern aanspreekpunt per onderwijsinstelling, en stroomlijning van de interne activiteiten;

g. onderhouden van contacten met bedrijven en het acquireren van bedrijven voor deelname aan duale trajecten en EVC-trajecten.

Artikel 4: Kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven

De kenniscentra Handel, VTL, LOB HTV, Ecabo, Kenteq, OVDB, VAPRO, SGVB en Innovam verbinden zich aan de in deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen door, in onderlinge afstemming:

a. inzicht te bieden in de regionale arbeidsmarktsituatie en ontwikkelingen;

b. inzicht te bieden in de vraag naar gekwalificeerd personeel bij de bedrijven, die geregistreerd staan in het bedrijvenregister;

c. de opnamecapaciteit van de extra BPV-plaatsen binnen de bedrijven concreet in kaart te brengen;

d. inzicht te bieden in toekomstige aantallen EVC en duale trajecten bij de reeds erkende en de nog te erkennen bedrijven in de verschillende sectoren;

e. de regie te voeren op de actieve acquisitie (bedrijfsbezoeken) van bedrijven en hen te stimuleren tot deelname aan duale trajecten en EVC trajecten en hen te begeleiden bij het opleidingsproces;

f. de praktijkopleiders te ondersteunen in de praktijkbegeleiding;

g. het monitoren van (tussen)resultaten in het project;

h. één aanspreekpunt namens de gezamenlijke kenniscentra te leveren;

i. de resultaten van dit project actief te communiceren;

j. via aanvullende informatie de bedrijfsprofielen in het register van erkende leerbedrijven te versterken;

k. de activiteiten van de afzonderlijke kenniscentra te bundelen.

Artikel 5: Ondernemersorganisaties:

MKB-Nijmegen, MKB Oost, IKN, OKA en Kamer van Koophandel Centraal Gelderland verbinden zich aan de in deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen door:

a. actief bedrijven te stimuleren de EVC-procedure van de sectoren te benutten;

b. actief bedrijven te stimuleren om duale trajecten ter beschikking te stellen voor niet-gekwalificeerde werkenden en werkzoekenden van 23 jaar en ouder en deze te informeren over de eisen die gesteld worden aan de begeleiding van deelnemers aan de duale trajecten;

c. alle hen ter beschikking staande (communicatie-)kanalen te benutten om bedrijven te werven.

Artikel 6: CWI

CWI verbindt zich aan de in deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen door:

a. inzicht te verschaffen in de vraag - aanbodverhoudingen op de arbeidsmarkt voor 23-plussers in de regio Arnhem - Nijmegen;

b. het project actief onder de aandacht te brengen van werkzoekenden in de regio;

c. haar bemiddelingsnetwerk actief in te zetten voor de in dit project op te leiden deelnemers;

d. actief een toestroom van kandidaten op het project te bevorderen;

e. in het project de bemiddeling naar werk van in het project opgeleide deelnemers te bevorderen.

Artikel 7: De Minister

De Minister verbindt zich aan deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen door:

a. de Projectdirectie Leren & Werken als aanspreekpunt voor knellende regelgeving op het terrein van een leven lang leren te laten fungeren en deze, waar nodig, binnen de rijksoverheid aan de orde te stellen;

b. de overige partijen te informeren over de mogelijkheid van subsidieverstrekking op basis van de ‘Tijdelijke stimuleringsregeling leren en werken’ van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zoals op 16 december 2005 in de Staatscourant gepubliceerd;

c. via de Projectdirectie Leren & Werken een blijvende betrokkenheid gedurende de looptijd van deze intentieverklaring te bevorderen.

Artikel 8: Uitvoering

1. De deelnemende partijen zullen zich in gezamenlijkheid inspannen om met de hen ter beschikking staande middelen en binnen hun wettelijke bevoegdheden de in deze intentieverklaring geformuleerde doelstellingen te ondersteunen, knelpunten te verhelpen en uitvoering te geven aan de nader te benoemen activiteiten om genoemde doelstellingen te kunnen realiseren.

2. Partijen, genoemd onder ‘Gemeenten’, ‘Beroepsonderwijs’, ‘Kenniscentra Beroepsonderwijs Bedrijfsleven’, ‘Ondernemersorganisaties’ en ‘CWI’ werken de voornemens concreet uit in een activiteitenplan met een begroting, zoals bedoeld in de Tijdelijke stimuleringsregeling leren en werken. In het activiteitenplan worden voor iedere betrokken partij de verwachte en noodzakelijke activiteiten en bijdragen (financieel en niet-financieel) opgenomen om de in deze intentieverklaring vastgelegde voornemens te realiseren. Geen aanvraag voor subsidie op grond van de Tijdelijke stimuleringsregeling leren en werken wordt ingediend voor een of meer projectonderdelen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van deze intentieverklaring, indien door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap op grond van artikel 1.6 van de Tijdelijke stimuleringsregeling leren en werken geen of onvoldoende financiële middelen beschikbaar kunnen worden gesteld.

3. Partijen zijn van oordeel dat zoveel mogelijk vanuit of rekening houdende met bestaande initiatieven gebouwd moet worden aan een infrastructuur voor een Leven Lang Leren.

4. Bij de samenwerking wordt de vraag vanuit de werkgevers op de arbeidsmarkt als centraal uitgangspunt genomen. Kennisinstellingen passen, binnen de kaders van hun kwaliteitscriteria en administratie, hun aanbod aan de vraag aan door het leveren van maatwerk.

5. Voor een effectieve aanpak van opleidings- en arbeidsmarktvraagstukken, gaan partijen uit van een integrale werkgeversbenadering, ten behoeve van een integrale sluitende stageaanpak in de regio.

6. In het project stimuleren de deelnemende partijen hun bedrijvennetwerk tot melding van hun vacatures bij een Centrum voor Werk en Inkomen.

7. Projectaanvrager en penvoerder is SVGB. De projectmanager zal een projectplan opstellen en het project leiden. Tevens zorgt SVGB voor de financiële verantwoording en declaratie binnen het project.

Artikel 9: Afdwingbaarheid

Deze intentieverklaring is niet in rechte afdwingbaar.

Artikel 10: Inwerkingtreding, looptijd en verlenging

Deze intentieverklaring treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening en eindigt op 1 oktober 2007. Na schriftelijke toestemming van alle partijen kan de duur van de intentieverklaring worden verlengd.

Artikel 11: Toetreding

1. Teneinde andere partijen dan de bij het sluiten van deze intentieverklaring betrokken partijen in zo ruim mogelijke mate te doen participeren in deze intentieverklaring, bestaat voor hen de mogelijkheid om gedurende de looptijd van de intentieverklaring als partij toe te treden. Een toetredende partij dient de verplichtingen die voor haar uit de intentieverklaring voortvloeien, te aanvaarden.

2. Een toetredende partij maakt haar verzoek tot toetreding schriftelijk bekend bij de Projectdirectie Leren & Werken van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Zodra partijen schriftelijk hebben toegestemd met het verzoek tot toetreding, ontvangt de toetredende partij de status van partij bij de intentieverklaring en gelden voor die partij de voor haar uit de intentieverklaring voortvloeiende rechten en verplichtingen.

3. Het verzoek tot toetreding en de verklaring tot instemming worden in afschrift als bijlage aan de intentieverklaring gehecht.

Artikel 12: Wijziging

Elke partij kan de andere partijen schriftelijk verzoeken de intentieverklaring te wijzigen. De wijziging behoeft de schriftelijke instemming van alle partijen.

Artikel 13: Opzegging

Elke partij kan met inachtneming van een opzegtermijn van twee maanden de intentieverklaring schriftelijk opzeggen, indien de omstandigheden zodanig zijn veranderd dat de partij het redelijk vindt om deze intentieverklaring te beëindigen. De opzegging moet de verandering van omstandigheden vermelden.

Artikel 14: Evaluatie

Partijen zullen de uitvoering en werking van deze intentieverklaring uiterlijk twee maanden na beëindiging van de deze intentieverklaring evalueren

Artikel 15: Openbaarheid

Binnen vier weken na ondertekening van deze intentieverklaring wordt de tekst daarvan gepubliceerd in de Staatscourant.

Aldus overeengekomen:

’s Gravenhage, 12 april 2006.

1. De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M.J.A. van der Hoeven.

2. Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Arnhem,

namens deze,

W.R.J.M. Pijnenburg, wethouder.

3. Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Nijmegen,

namens deze,

H.T.M. Scholten, wethouder.

4. Stichting ROC Nijmegen e.o.,

namens deze,

J.H. Schutte, voorzitter van het College van Bestuur.

5. Stichting Regionaal Opleidingen Centrum Arnhem,

namens deze,

T.C. Lamers, voorzitter van het College van Bestuur.

6. Stiching Hogeschool van Arnhem en Nijmegen,

namens deze,

M.J.G. Wintels, voorzitter van het College van Bestuur.

7. Stichting Kenniscentrum Handel, kenniscentrum voor bedrijfsleven en beroepsonderwijs,

namens deze,

P. Cras, algemeen directeur.

8. Stichting Vakopleiding Transport en Logistiek,

namens deze,

G. Ros, directeur.

9. Stichting Landelijk Orgaan Beroepsonderwijs Horeca, Toerisme en Voeding,

namens deze,

A.J. Cnossen, directeur.

10. Stichting Ecabo,

namens deze,

C.W. Streumer, algemeen directeur.

11. Stichting Kenteq,

namens deze,

J. Eijkelenboom, directeur.

12. Stichting OVDB - Landelijk Orgaan van het Beroepsonderwijs, Gezondheidszorg, Dienstverlening, Welzijn en Sport,

namens deze,

R.E. van den Bosch, directeur.

13. Stichting VAPRO,

namens deze,

J.P.J. Mens, directeur.

14. Stichting SVGB,

namens deze,

J.J.M. Vissers, directeur.

15. Innovam,

namens deze,

D. Schmidt, directeur.

16. MKB-Nijmegen,

namens deze,

E. Verkroost, voorzitter.

17. MKB Oost,

namens deze,

W. Benda, voorzitter.

18. Industriële Kring Nijmegen,

namens deze,

B.G. Jeene, voorzitter.

19. Ondernemers Kontact Arnhem,

namens deze,

L. Hübner, secretaris.

20. Kamer van Koophandel Centraal Gelderland,

namens deze,

G.M.P.J. Keulen, voorzitter.

21. Centrale Organisatie voor Werk en Inkomen,

namens deze,

A. Lichtenberg, districtsmanager Oost-Nederland.

Naar boven