2 mei 2006
MLA/045/2006
Militaire Luchtvaart Autoriteit
De Staatssecretaris van Defensie,
Gelezen het verzoek van de commandant van de 43 Gemechaniseerde Brigade;
Gelet op artikel 17, eerste lid, van de Luchtvaartwet en artikel 45, vijfde
lid, van het Luchtverkeersreglement;
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat;
Besluit:
Artikel 1
1. Aan de commandant van de 43 Gemechaniseerde Brigade wordt vergunning
verleend om een luchtvaartvertoning te houden op donderdag 11 mei tot en met
zondag 14 mei 2006 boven en in de onmiddellijke omgeving van de Johannes Postkazerne
in Havelte.
2. Aan de gezagvoerders die deelnemen aan de luchtvaartvertoning, bedoeld
in het eerste lid, wordt ontheffing verleend van het verbod een VFR-vlucht
uit te voeren beneden de in artikel 45, eerste lid, van het Luchtverkeersreglement
omschreven minimum vlieghoogtes.
Artikel 2
Aan de vergunning en de ontheffing zijn de volgende voorwaarden verbonden:
a. de gezagvoerders van de deelnemende militaire luchtvaartuigen dienen
bij de voorbereiding en de uitvoering van het vliegprogramma strikt de hand
te houden aan de voorwaarden en bepalingen vervat in STANAG 3533 (Edition
nr. 6) van 3 februari 2003 (Safety Rules for Flying and Static Displays);
b. het aanvliegen van convergerende koersen in de richting van het publiek
is niet toegestaan;
c. tijdens het voorvliegen mogen uitsluitend personen in het deelnemende
militaire luchtvaartuig aanwezig zijn die direct noodzakelijk zijn voor de
besturing van het luchtvaartuig;
d. de vertoning moet zodanig worden uitgevoerd dat geen personen of zaken
in gevaar worden gebracht en op zodanige wijze dat het altijd mogelijk is
op een veilige wijze een noodlanding uit te voeren;
e. het overvliegen van publiek is niet toegestaan;
f. de minimum vlieghoogte voor langsvluchten met vastvleugelige vliegtuigen
is 200 voet;
g. de minimum vlieghoogte voor hefschroefvliegtuigen tijdens de hover
is 1 voet, waarbij de afstand tot het publiek minimaal 30 meter bedraagt,
horizontaal gemeten;
h. de minimum vlieghoogte voor de deelnemende F-16 is 500 voet;
i. de minimum scheidingsafstanden tussen de vertoninglijn en de publieklijn
zijn afhankelijk van de maximum snelheid.
Artikel 3
Als Display Director is aangewezen majoor B.F. Pijper. Als plaatsvervangend
Display Director is aangewezen majoor C.H.M.V. Dalloyaux. De deelnemende gezagvoerders
dienen zich te houden aan de door of namens de Display Director uitgegeven
richtlijnen en het door of namens hem uitgegeven programma te volgen. Ten
tijde van de vertoning liggen een lijst van deelnemers en het programma ter
inzage bij de Display Director.
Artikel 4
1. Het programma bestaat uit een demonstratie met helikopters en straalvliegtuigen
van de Koninklijke Luchtmacht en parachutespringen.
2. Het programma vindt plaats op:
11 mei 2006 tussen 14.00 uur en 16.00 uur plaatselijke tijd;
12 mei 2006 tussen 14.00 uur en 16.00 uur plaatselijke tijd;
13 mei 2006 tussen 11.00 uur en 16.00 uur plaatselijke tijd;
14 mei 2006 tussen 11.00 uur en 16.00 uur plaatselijke tijd.
Artikel 5
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt op
15 mei 2006.
Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst
en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.
Tegen deze beschikking kan bezwaar worden ingesteld bij de Minister van
Defensie, door middel van een bezwaarschrift, dat binnen zes weken na inwerkingtreding
van deze beschikking bij de Minister van Defensie (Postbus 20701, 2500 ES ’s-Gravenhage)
moet worden ingediend.
Om de Nederlandse samenleving een beeld te geven van de manier waarop
het Commando Landstrijdkrachten (CLAS) zijn personeel en middelen inzet, organiseert
het CLAS jaarlijks de Landmachtdagen. Tijdens deze dagen stelt het CLAS de
poorten van een van zijn kazernes open voor publiek. Het programma tijdens
deze dagen bestaat uit een grondgebonden tentoonstelling en een vliegprogramma.
In het vliegprogramma tonen militaire gezagvoerders de mogelijkheden tot gebruik
van de luchtvaartuigen. Het vliegprogramma draagt het karakter van een luchtvaartvertoning
waarbij lager wordt gevlogen dan de in het Luchtverkeersvoorschrift gestelde
regels. Op basis van artikel 17, eerste lid, van de Luchtvaartwet, alsmede
artikel 45, vijfde lid, van het Luchtverkeersreglement zijn voor het organiseren
van de Landmachtdagen derhalve een vergunning en een ontheffing nodig.