Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van JustitieStaatscourant 2006, 51 pagina 19Besluiten van algemene strekking

Wijziging Regeling Wapens en Munitie

Regeling van de Minister van Justitie van 6 maart 2006, nr. 5408115/506, tot wijziging van de Regeling Wapens en Munitie in verband met de wijziging van onkostenvergoedingen en enige technische wijzigingen

De Minister van Justitie, handelende in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op de artikelen 2, eerste lid, categorie I, onder 7° en categorie IV, onder 6°, 2, derde lid, 3a, derde lid, 4, 5, 7, eerste lid, onder a, 8, achtste en negende lid, 9, vijfde lid, 10, eerste en tweede lid, 14, vierde lid, 15, 22, tweede lid, 26, derde, vierde en zesde lid, 27 derde en vierde lid, 28a, tweede lid, 31, vijfde lid, 33, eerste en tweede lid, 38, eerste lid, 39, 40, 41, 42, eerste en tweede lid, 45, eerste lid, onder 2° en 52, derde lid, van de Wet wapens en munitie;

Besluit:

Artikel I

De Regeling Wapens en Munitie wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 19, tweede lid, van de Regeling Wapens en Munitie wordt ‘waarvoor een certificaat van goedkeuring als bedoeld in artikel 4 van de Wet op de gevaarlijke werktuigen (Stb. 1952, 104) is afgegeven’ vervangen door: waarvoor een certificaat van goedkeuring als bedoeld in artikel 12, zesde lid, van het Warenwetbesluit schiethamers is afgegeven.

B

Artikel 50 komt als volgt te luiden:

Artikel 50

1. De onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 41 van de wet, bedraagt voor:

a. een ontheffing of de wijziging of verlenging daarvan: € 50,–

b. een erkenning als bedoeld in artikel 10 van deze regeling: € 50,– voor ieder jaar waarvoor de erkenning geldt;

c. een erkenning, niet zijnde een erkenning als bedoeld onder b: € 500,– voor ieder jaar waarvoor de erkenning geldt;

d. het afgeven van een nieuw bewijs van erkenning uitsluitend ten gevolge van een wijziging van de beheerder: € 10,–

e. een consent: € 0,–

f. een doorlopend verlof tot vervoer ten behoeve van werknemers van erkenninghouders: € 10,–

g. een verlof tot vervoer, niet zijnde een verlof als bedoeld onder f: € 5,–

h. een verlof tot het voorhanden hebben of het verlengen van de geldigheidsduur daarvan: € 10,–

i. een verlof tot dragen € 10,–

j. een verlof tot verkrijging € 5,–

k. een Europese vuurwapenpas:

1°. voor de afgifte daarvan € 40,–

2°. voor de verlenging van de geldigheidsduur daarvan € 5,–

l. het afgeven van een nieuw document, met uitzondering van de documenten genoemd in het eerste lid, onder a en k, uitsluitend ten gevolge van een redactionele wijziging daarin: € 5,–

2. Voorzover ter uitvoering van artikel 40 van de wet regels zijn gegeven over combinatie van de daarin genoemde bescheiden bedraagt de onkostenvergoeding voor een dergelijke combinatie niet meer dan het bedrag dat verschuldigd zou zijn voor dat deel van de combinatie waarvoor de hoogste vergoeding geldt.

C

In artikel 51 komt de zinsnede ‘van de divisie Vervoer’ te vervallen.

Artikel II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Justitie, J.P.H. Donner.

Toelichting

Artikel 19

Omdat de Wet op de Gevaarlijke Werktuigen (WGW) in de Warenwet is geïncorporeerd en bepalingen met betrekking tot voorgeschreven certificaten van goedkeuring sindsdien niet meer in die wet maar in de op die wet gebaseerde besluiten zijn opgenomen, is de verwijzing in de Regeling wapens en munitie naar de WGW vervangen door een verwijzing naar het desbetreffende artikel van het Warenbesluit schiethamers.

Artikel 50

In artikel 50 is bepaald welke onkostenvergoeding verschuldigd is bij de aanvraag op grond van de wet van een erkenning, een ontheffing, een consent, een vergunning of een Europese vuurwapenpas. Op verzoek van de Raad van Hoofdcommissarissen is besloten om de hoogte van de onkostenvergoeding niet langer afhankelijk te stellen van het aantal wapens dat op een vergunning is vermeld. Dit zorgt voor een vermindering van de administratieve lasten en voor een vereenvoudiging van de vergunningverlening. Tevens zijn de verschuldigde bedragen aangepast in verband met een stijging van de kostprijs van de bevoegdheidsdocumenten.

Bij de aanvraag van een vergunning voor het mogen verrichten van verschillende soorten handelingen met wapens, bijvoorbeeld een verlof tot het voorhanden hebben en vervoeren van wapens, is het bedrag verschuldigd dat geldt voor de vergunning met de hoogste legesvergoeding. De vergoeding die verschuldigd is voor een verlof tot verkrijging ziet mede op de bijschrijving van het wapen op een bestaand verlof of jachtakte. Bij een eerste aanvraag is tevens de vergoeding verschuldigd die geldt voor het verlenen van een verlof respectievelijk een jachtakte.

In het eerste lid, onder k, is bepaald welk bedrag verschuldigd is voor de afgifte van een Europese vuurwapenpas. Deze pas kan maximaal vier keer worden verlengd en na een periode van vijf jaar moet dus opnieuw het voor de afgifte geldende bedrag worden betaald.

Artikel 51

Bij de Inspectie Verkeer en Waterstaat (IVW) heeft een reorganisatie plaatsgevonden waarbij de divisiebenamingen zijn vervallen. Het onderhavige artikel vereist derhalve aanpassing. Met het oog op eventuele toekomstige veranderingen bij de IVW heeft het ministerie van Verkeer en Waterstaat er voor gekozen om toezichthoudende bevoegdheden te attribueren aan ‘de ambtenaren van de Inspectie Verkeer en Waterstaat’ zonder toevoeging van een bepaalde afdeling zoals voorheen ‘de divisie Vervoer’.

De Minister van Justitie,

J.P.H. Donner