Winningsvergunning Oosterwolde

6 december 2006

Nr. ET/EM/6102967

De Minister van Economische Zaken,

Procesverloop

- Smart Energy Solutions B.V. (hierna te noemen SES) heeft ingevolge artikel 6, van de Mijnbouwwet (Stb. 2002, 542) op 26 juli 2005 een aanvraag ingediend bij de Minister van Economische Zaken om een winningsvergunning voor koolwaterstoffen voor een gebied met een omvang van 4,26 km2 gelegen in de provincie Friesland, aangeduid met de naam Oosterwolde;

- Naar aanleiding van de onderhavige aanvraag is ingevolge artikel 15, tweede lid, van de Mijnbouwwet, in het Publicatieblad van de Europese Unie van 28 december 2005, nr. C 331 en in de Staatscourant van 11 januari 2006, nr. 8, een uitnodiging geplaatst voor het indienen van concurrerende aanvragen om een winningsvergunning;

- Vermilion Oil and Gas Netherlands (hierna te noemen Vermilion) heeft naar aanleiding van deze publicatie binnen de periode van 13 weken na plaatsing van de uitnodiging in het Publicatieblad van de Europese Unie, op 29 maart 2006 een aanvraag om een winningsvergunning voor dit gebied ingediend;

- TNO Bouw en Ondergrond, adviesgroep Economische Zaken (hierna te noemen TNO) en Staatstoezicht op de mijnen (hierna te noemen Sodm) en Energie Beheer Nederland B.V. (hierna te noemen EBN) hebben op verzoek van de Minister van Economische Zaken bij brieven gedateerd 1 september 2006, 21 augustus 2006 en medio september 2006 advies uitgebracht;

- De Mijnraad heeft op 2 oktober 2006 op basis van artikel 105, derde lid, van de Mijnbouwwet advies uitgebracht (kenmerk MIJR/6078686);

- Gedeputeerde Staten van de provincie Friesland (hierna te noemen de provincie) heeft bij brief van 6 september 2006 op basis van artikel 16, van de Mijnbouwwet, advies uitgebracht;

- De provincie vraagt in haar advies aandacht voor het bestemmingsplan, het natuurgebied Drents-Friese Wold, het Provinciaal Milieu Plan, de eventuele mer-plicht, het grondwaterbeschermingsgebied en de aanwezigheid van archeologische monumenten en eventuele schade aan belangen van derden en kabels en pijpleidingen. Dit advies heeft mogelijk invloed op de latere beslissing(en) over de winning van aardgas maar zijn voor de beslissing omtrent de aanvraag om een winningsvergunning gelet op de criteria in de Mijnbouwwet niet relevant. Voor de beoordeling van de aanvraag van de winningsvergunning spelen genoemde aspecten geen rol. Zij zijn relevant bij de beoordeling van de aanleg van de mijnbouwwerken die nodig zullen zijn voor de winning en de daarbij benodigde vergunningen. Het belang van het milieu is een criterium dat wordt beoordeeld in het kader van de milieuvergunning die nodig is voor een inrichting voor de winning van aardgas. Deze beoordeling is thans niet aan de orde.

Gelet op:

de artikelen 6, 8, 9, 10, 11, eerste tot en met derde lid, 15, vierde lid, artikel 22, vijfde en zesde lid, en 90 van de Mijnbouwwet, alsmede op de artikelen 1.3.6 en 1.3.7 van de Mijnbouwregeling;

Besluit:

Artikel 1

Aan SES wordt een winningsvergunning voor koolwaterstoffen verleend.

Artikel 2

De vergunning geldt voor het gebied dat wordt begrensd door de punten A, B, C en D en de rechte lijnen daartussen. De coördinaten van eerder genoemde punten zijn:

A x=214665 y=550806

B x=217620 y=550551

C x=217476 y=549132

D x=214513 y=549373

De coördinaten zijn vermeld volgens het stelsel van de Rijks Driehoeksmeting.

Artikel 3

SES sluit met EBN, te Heerlen, een overeenkomst als bedoeld in artikel 90, eerste lid, van de Mijnbouwwet.

Artikel 4

De vergunning geldt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding, gedurende een tijdvak van 10 jaar, nadat zij onherroepelijk is geworden.

Artikel 5

De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door verzending aan SES. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken,namens deze:
Y. Peters,
MT-lid directie Energiemarkt.

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: L/1410), Postbus 20101, 2500 EC ’s-Gravenhage. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven