Wijziging Regeling beperkingsgebieden bluetongue 2006

Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 8 september 2006, nr. TRCJZ/2006/2856, houdende wijziging (7) van de Regeling beperkingsgebieden bluetongue 2006

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op richtlijn 2000/75/EG van de Raad van de Europese Unie van 20 november 2000 tot vaststelling van specifieke bepalingen inzake de bestrijding en uitroeiing van bluetongue (PbEU L 327), artikel 10, eerste lid, van richtlijn 90/425 van de Raad van de Europese Unie van 26 juni 1990 inzake veterinaire en zoötechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en produkten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt (PbEG L 224) en beschikking 2005/393/EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 23 mei 2005 inzake beschermings- en toezichtsgebieden in verband met bluetongue en de voorwaarden voor verplaatsingen uit of binnen deze gebieden (PbEU L 130);

Gelet op de artikelen 10, 17, 29, 30, eerste en derde lid, en 31 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren;

Besluit:

Artikel I

A

De artikelen 1 tot en met 16 van de Regeling beperkingsgebieden bluetongue 20061 worden vervangen door de volgende artikelen:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. autosnelweg: weg als bedoeld in artikel 1, aanhef en onderdeel c, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, alsmede langs de autosnelweg gelegen parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen;

b. bedrijf: bedrijf als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van richtlijn 2000/75/EG;

c. beschikking 2005/393/EG: beschikking 2005/393/EG van de Commissie van de Europese Unie van 23 mei 2005 inzake beschermings- en toezichtsgebieden in verband met bluetongue en de voorwaarden voor verplaatsingen uit of binnen deze gebieden (PbEU L 130);

d. gebied: gebied als beschreven in de bijlagen I en II, bij deze regeling;

e. mesterij: bedrijf of onderdeel van een bedrijf waar runderen, jonger dan 12 maanden, worden gehouden die zijn bestemd om te worden afgevoerd naar een slachthuis;

f. Minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

g. richtlijn 2000/75/EG: richtlijn 2000/75/EG van de Raad van de Europese Unie van 20 november 2000 tot vaststelling van specifieke bepalingen inzake de bestrijding en uitroeiing van bluetongue (PbEU L 327);

h. vectoren: vectoren als bedoeld in artikel 2, onderdeel e, van richtlijn 2000/75/EG;

i. VWA: Voedsel en Waren Autoriteit.

Artikel 2

Deze regeling berust mede op artikel 10 van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.

Artikel 3

1. Het is in een gebied verboden te handelen in strijd met de in het tweede en derde lid bij de gebieden telkens van toepassing verklaarde artikelen of artikelonderdelen van deze regeling.

2. Op het gebied, beschreven in bijlage I, zijn de artikelen 4, 8, 9, 10, 12 en 13 van toepassing.

3. Op het gebied, beschreven in bijlage II, zijn de artikelen 4, 5, 6, 7, 8 en 11 van toepassing.

Artikel 4

1. Het vervoer, met inbegrip van verplaatsing over de openbare weg zonder vervoermiddel, van:

a. herkauwers;

b. sperma, eicellen en embryo’s van herkauwers;

vanuit het gebied is verboden.

2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op sperma, eicellen en embryo’s, van herkauwers, die

a. in Nederland zijn gewonnen vóór 1 mei 2006;

b. buiten Nederland zijn gewonnen vóór 1 mei 2006 en afkomstig zijn uit de in bijlage I bij beschikking 2005/393/EG, onder ‘Gebied F’ beschreven delen van België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg;

c. buiten Nederland zijn gewonnen en niet afkomstig zijn uit de in bijlage I bij beschikking 2005/393/EG, onder ‘Gebied F’ beschreven delen van België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg.

3. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op herkauwers die binnen een bedrijf worden verplaatst van het gebied naar een ander gebied.

Artikel 5

Het verbod, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is niet van toepassing op het vervoer van herkauwers en sperma, eicellen en embryo’s van herkauwers vanuit het gebied naar:

a. het gebied, bedoeld in bijlage I;

b. een buiten Nederland gelegen locatie, gelegen in de in bijlage I bij beschikking 2005/393/EG, onder ‘Gebied F’ beschreven delen van België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg, met dien verstande dat voor het vervoer naar het in bijlage I bij beschikking 2005/393/EG, onder ‘Gebied F’ beschreven toezichtsgebied van Frankrijk toestemming van de bevoegde autoriteit van Frankrijk nodig is.

Artikel 6

Het verbod, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is niet van toepassing op het vervoer vanuit het gebied van sperma, eicellen en embryo’s van herkauwers, die zijn gewonnen ná 1 mei 2006, naar een bestemming buiten Nederland, niet zijnde een locatie gelegen in de in bijlage I bij beschikking 2005/393/EG, onder ‘Gebied F’ beschreven delen van België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg, mits:

a. het sperma is verkregen van donordieren die voldoen aan bijlage II, onderdeel B, van beschikking 2005/393/EG;

b. de eicellen en embryo’s zijn verkregen van donordieren die voldoen aan bijlage II, onderdeel C, van beschikking 2005/393/EG;

c. het land van bestemming voorafgaand aan het vervoer het vervoer heeft goedgekeurd, en

d. voor zover het vervoer naar een lidstaat, IJsland, Liechtenstein of Noorwegen betreft, het certificaat dat de producten vergezelt, voldoet aan artikel 5, tweede lid, van beschikking 2005/393/EG;

e. voor zover het rechtstreeks vervoer naar een derde land betreft, het certificaat dat de producten vergezelt voldoet aan de eisen die het derde land stelt;

f. voor zover het vervoer naar een derde land door een lidstaat betreft, wordt voldaan aan de onderdelen d en e.

Artikel 7

Het verbod, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is niet van toepassing op het vervoer van herkauwers uit het gebied naar een bestemming buiten Nederland, niet zijnde een bestemming gelegen in de in bijlage I bij beschikking 2005/393/EG, onder ‘Gebied F’ beschreven delen van België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg, mits:

a. voldaan wordt aan bijlage II, onderdeel A, bij beschikking 2005/393/EG;

b. het land van bestemming voorafgaand aan het vervoer het vervoer heeft goedgekeurd, en

c. voor zover het vervoer naar een lidstaat, IJsland, Liechtenstein of Noorwegen betreft, het certificaat dat de dieren vergezelt, voldoet aan artikel 5, tweede lid, van beschikking 2005/393/EG;

d. voor zover het rechtstreeks vervoer naar een derde land betreft, het certificaat dat de dieren vergezelt voldoet aan de eisen die het derde land stelt;

e. voor zover het vervoer naar een derde land door een lidstaat betreft, wordt voldaan aan de onderdelen c en d.

Artikel 8

Het verbod, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is niet van toepassing op het vervoer van herkauwers, die afkomstig zijn uit gebieden buiten Nederland, waarvoor geen beperkingen gelden op grond van richtlijn 2000/75/EG, door het gebied, over autosnelwegen en spoorlijnen en via luchthavens rechtstreeks naar een bestemming gelegen buiten Nederland, zonder dat in het gebied wordt gelost of halt gehouden, op voorwaarde dat:

a. de dieren en het vervoermiddel op de plaats van lading of in ieder geval vóór binnenkomst in het gebied een behandeling hebben ondergaan met middelen als bedoeld in artikel 13;

b. de lidstaat van bestemming voorafgaand aan het vervoer toestemming heeft gegeven voor het vervoer, en

c. het certificaat dat de dieren vergezelt, voldoet aan artikel 6, tweede lid, van beschikking 2005/393/EG.

Artikel 9

Het verbod, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is niet van toepassing op het rechtstreekse vervoer van herkauwers uit het gebied naar een slachthuis gelegen in het gebied, bedoeld in bijlage II, indien:

a. de te verplaatsen herkauwers op de dag van vervoer geen enkel verschijnsel van bluetongue vertonen;

b. de afvoer van de te verplaatsen herkauwers van een bedrijf en aanvoer van deze dieren op een slachthuis plaatsvinden tussen 07.00 uur en 18.00 uur van dezelfde dag.

Artikel 10

Het verbod, bedoeld in artikel 4, eerste lid, is niet van toepassing op het vervoer van runderen jonger dan 3 maanden naar een mesterij gelegen in het gebied, bedoeld in bijlage II, mits:

a. de te verplaatsen herkauwers op de dag van vervoer geen enkel verschijnsel van bluetongue vertonen;

b. de runderen en de vervoermiddelen voorafgaand aan het vervoer een behandeling hebben ondergaan met middelen als bedoeld in artikel 13, en

c. de afvoer van de te verplaatsen herkauwers van een bedrijf en aanvoer van deze dieren op de mesterij plaatsvinden tussen 07.00 uur en 18.00 uur van dezelfde dag.

Artikel 11

1. Het is in het gebied verboden runderen jonger dan 3 maanden, afkomstig uit het gebied, bedoeld in bijlage I, op een mesterij te ontvangen.

2. Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien voldaan wordt aan artikel 10 en de houder van de mesterij de gebouwen waarin deze runderen worden ondergebracht en de omgeving daarvan met middelen als bedoeld in artikel 13 worden behandeld.

Artikel 12

1. De houder van herkauwers is verplicht er zorg voor te dragen dat deze dieren van één uur voor zonsondergang tot één uur na zonsopgang worden opgestald.

2. De houder van herkauwers is verplicht er zorg voor te dragen dat deze dieren de in het eerste lid bedoelde verblijfsplaats niet verlaten gedurende de in dat lid genoemde periode.

3. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien geschikte stalruimte om te voldoen aan de verplichtingen, bedoeld in genoemde leden, niet beschikbaar is.

Artikel 13

De houder van herkauwers behandelt deze dieren, de gebouwen waarin deze dieren zijn ondergebracht en de omgeving met de volgende middelen ter wering van vectoren geregistreerde, toegelaten of vrijgestelde middelen, overeenkomstig het voorgeschreven gebruik.

Artikel 14

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beperkingsgebieden bluetongue 2006.

B

Bijlage I wordt vervangen door de in de bij deze regeling opgenomen bijlage 1.

C

Bijlage II wordt vervangen door de in de bij deze regeling opgenomen bijlage 2.

D

Bijlage III vervalt.

Artikel II

Deze regeling wordt aan de media bekendgemaakt en treedt op 8 september 2006, om 16.30 uur in werking.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
overeenkomstig het door de minister genomen besluit:
de Secretaris-Generaal, C.J. Kalden.

Bijlage 1

Bijlage I

20-kilometergebied Zuid-Limburg

Het 20-kilometergebied is als volgt begrensd:

1. Vanaf de kruising Belgische grens, Stramproyergrensweg, Stramproyergrensweg volgend in oostelijke richting overgaand in Eltenbosdijk volgend in oostelijke richting overgaand in Bergero⁠thweg volgend in oostelijke richting overgaand in Savelveld volgend in noordoostelijke richting tot aan Maaseikerweg (N266).

2. Maaseikerweg (N266) volgend in noordelijke richting tot aan Tungeler Dorpsstraat.

3. Tungeler Dorpsstraat volgend in oostelijke richting overgaand in Casterstraat volgend in oostelijke richting overgaand in Baldersstraat volgend in oostelijke richting overgaand in Antoniusstraat volgend in noordoostelijke richting overgaand in Sebastiaanstraat volgend in noordoostelijke richting overgaand in Ellerweg volgend in noordoostelijke richting tot aan Leemvenweg.

4. Leemvenweg volgend in zuidelijke richting overgaand in Lidwinastraat volgend in noordoostelijke richting tot aan Grathemerweg.

5. Grathemerweg volgend in zuidoostelijke richting tot aan Ensebroekerweg.

6. Ensebroekerweg volgend in noordoostelijke richting overgaand in Kuiperweg volgend in zuidoostelijke richting overgaand in Hunselerdijk volgend in noordoostelijke richting overgaand Veldstraat volgend in zuidoostelijke richting tot aan Heiakker.

7. Heiakker volgend in noordoostelijke richting overgaand in Abenhofweg volgend in noordoostelijke richting tot aan Rijksweg (N280).

8. Rijksweg (N280) volgend in oostelijke richting tot aan N273.

9. N273 volgend in noordoostelijke richting tot aan Heythuyserweg (N279).

10. Heythuyserweg (N279) volgend in noordwestelijke richting overgaand in Biesstraat (N279) volgend in noordoostelijke richting overgaand in Walk (N279) overgaand in Heythuyserweg volgend in noordoostelijke richting overgaand in Tramstraat volgend in noordelijke richting overgaand in Hoek N279 volgend in noordelijke richting tot aan Heldensedijk (N562).

11. Heldensedijk (N562) volgend in noordoostelijke richting overgaand in Roggelsedijk (N562) volgend in noordoostelijke richting overgaand in Roggelseweg N562 volgend in noordelijke richting overgaand in Molenstraat (N562) volgend in noordoostelijke richting overgaand in Maasbreeseweg (N562) volgend in noordelijke richting tot aan Provincialeweg (N275).

12. Provincialeweg (N275) volgend in oostelijke richting tot aan Wilhelminalaan.

13. Wilhelminalaan volgend in noordelijke richting overgaand in Sevenumseweg volgend in noordelijke richting overgaand in Roozendaal tot aan A67/E34.

14. A67/E34 volgend in oostelijke richting tot aan Wesselseweg.

15. Wesselseweg volgend in noordoostelijke richting tot aan de Duitse grens.

16. Duitse grens volgend in zuidelijke richting overgaand in de Belgische grens.

17. Belgische grens volgend in noordwestelijke richting tot aan Stramproyergrensweg.

Bijlage 2

Bijlage II

Beperkingsgebied

Het beperkingsgebied is heel Nederland met uitzondering van het gebied, beschreven in bijlage I.

Toelichting

Inleiding

Met de onderhavige regeling wordt de Regeling beperkingsgebieden bluetongue 2006 gewijzigd. Deze wijziging houdt verband met de bevestigde aanwezigheid van bluetongue bij twee runderen op een exportverzamelcentrum in de omgeving van Leeuwarden en met de implementatie van een beschikking van de Europese Commissie tot wijziging van beschikking 2005/393/EG1 inzake bluetongue.

Ook wordt het 20-kilometergebied Zuid-Limburg uitgebreid in verband met een nieuw geval van bluetongue in Duitsland.

Uitbraak

Bij twee runderen op een exportverzamelcentrum in de omgeving Leeuwarden is de aanwezigheid van bluetongue vastgesteld. De runderen zijn afkomstig uit Noord-Brabant. Omdat de runderen niet afkomstig zijn uit het 20-kilometer-gebied Zuid-Limburg, is sprake van een nieuwe uitbraak van bluetongue. Momenteel wordt onderzocht of de uitbraak kan worden gesitueerd in Friesland of Noord-Brabant. De uitkomst van dit onderzoek is bepalend voor de ligging van het op grond van richtlijn 2000/75/EG2 nieuw in te stellen 20-kilometer-gebied. Thans staat al vast dat onafhankelijk van de ligging van een eventueel in te stellen 20-kilometergebied, heel Nederland beperkingsgebied wordt. Daarom wordt nu al, vooruitlopend op de onderzoeksuitkomsten naar de haard van de besmetting, heel Nederland – met uitzondering van het 20-kilometergebied Zuid-Limburg – tot beperkingsgebied verklaard.

Dit heeft tot gevolg dat geen enkel deel van Nederland meer de status bluetongue-vrij heeft. Daarom vervallen de voorschriften die zagen op het westelijke en noordelijke gedeelte van Nederland dat tot op heden bluetongue-vrij was.

Implementatie beschikking

Tijdens het Permanent Comité voor de Voedselketen en Diergezondheid van 5 en 6 september jl. is overeenstemming bereikt over enkele wijzigingen van beschikking 2005/393/EG. Deze wijzigingen houden voor Nederland enkele versoepelingen in. Omdat deze versoepelingen belangrijk zijn voor de Nederlandse veehouderijsector, wordt nu al uitvoering gegeven aan de wijziging van voornoemde beschikking, vooruitlopend op officiële publicatie en inwerkingtreding. De wijzigingen hebben de volgende inhoud.

– Verplaatsingen binnen het 20-kilometergebied

Het aan- en afvoerverbod voor herkauwers van of naar bedrijven binnen het 20-kilometergebied wordt opgeheven. Dit betekent dat herkauwers binnen een 20-kilometergebied vrij mogen worden verplaatst, zowel tussen bedrijven als van een bedrijf naar de slacht.

Dit geldt niet voor bedrijven waar zich besmette dieren of van besmetting verdachte dieren bevinden.

– Verplaatsingen vanuit het 20-kilometergebied

De verplaatsing van herkauwers vanuit het 20-kilometer-gebied naar het beperkingsgebied is slechts voor een beperkt aantal vervoerstromen onder voorwaarden toegestaan. Vervoer naar de slacht is onder voorwaarden al toegestaan. De voorwaarden worden als volgt gewijzigd. De eis dat voertuigen waarmee de dieren naar de slacht worden vervoerd, moet zijn verzegeld, vervalt. De periode waarbinnen de dieren mogen worden vervoerd, wordt verruimd. De dieren mogen tussen 07.00 uur en 18.00 worden vervoerd.

Het vervoer van nuchtere kalveren vanuit het 20-kilometergebied naar een mesterij gelegen in het beperkingsgebied wordt voorts toegestaan. Dit vervoer mag plaatsvinden via een in het 20-kilometergebied of het beperkingsgebied gelegen erkende runderverzameplaats. De voorwaarden voor deze verplaatsing zijn de volgende. De runderen mogen geen verschijnselen van bluetongue vertonen. Voorts moeten de runderen tijdens het vervoer zijn beschermd tegen knutten en moet het vervoer plaatsvinden tussen 07.00 uur en 18.00 uur. Voor de duidelijkheid wordt opgemerkt dat wanneer het vervoer via een verzamelplaats gaat, de vervoersbeweging ook binnen de genoemde tijdspanne moet zijn afgerond.

De mesterij mag de nuchtere kalveren slechts ontvangen als het mesterijbedrijf en de omgeving daarvan voorafgaand aan de ontvangst van de kalveren zijn behandeld met insecticiden.

– Buiten Nederland brengen

Het exporteren van herkauwers uit het beperkingsgebied naar andere lidstaten of derde landen is thans onder voorwaarden toegestaan. De voorwaarden die gelden voor het vervoer naar een lidstaat en het vervoer naar een derde land zijn grotendeels identiek. Ten eerste moet het land van bestemming het vervoer hebben toegestaan. Ten tweede moet voor transport van herkauwers naar lidstaten of EER-landen op het gezondheidscertificaat zijn vermeld dat is voldaan aan beschikking 2005/393/EG. Voor vervoer naar derde landen moet een gezondheidscertificaat zijn bijgevoegd dat het betreffende derde land vereist. Tot slot moet de zending voldoen aan bijlage II, onderdeel A, bij beschikking 2005/393/EG. Op grond hiervan moeten de dieren voorafgaand aan het vervoer gedurende een bepaalde periode zijn opgestald zodat contact met knutten gedurende die periode is uitgesloten. Deze beschermingseis is dus een veel strengere eis dan de op grond van artikel 12 geldende verplichting om herkauwers binnen het 20-kilometergebied op te stallen. Ook moeten de dieren gedurende de betreffende periode worden behandeld met insecticiden.

De lengte van de beschermingsperiode is afhankelijk van het al dan niet testen van de dieren op bluetongue voorafgaand aan het vervoer. Indien de dieren voorafgaand aan vervoer niet worden getest op bluetongue, moeten ze ten minste 60 dagen voorafgaand aan het vervoer volledig zijn beschermd tegen knutten. Als de dieren voorafgaand aan het vervoer tweemaal serologisch zijn getest overeenkomstig bijlage II, onderdeel A, onder 2, moeten de dieren gedurende 28 dagen voor het vervoer zijn beschermd. Als de dieren voorafgaand aan het vervoer tweemaal virologisch zijn getest dan wel tweemaal een PCR-test op bluetongue hebben ondergaan overeenkomstig bijlage II, onderdeel A, onder 3, moeten de dieren gedurende 14 dagen voor het vervoer zijn beschermd.

Voorts wordt toegestaan dat sperma, eicellen en embryo’s die zijn gewonnen na 1 mei 2006, naar derde landen worden vervoerd. De voorwaarden die hiervoor gelden zijn vergelijkbaar met de voorwaarden die gelden voor vervoer van deze producten naar lidstaten dan wel gebieden van lidstaten die vrij zijn van bluetongue. Deze wijziging leidt tot aanpassing van artikel 6 van de regeling.

– Handhaving

De wijziging van artikel 12 met betrekking tot het opstallen van herkauwers in het 20-kilometergebied voorziet in een verduidelijking van deze bepaling. Het in een stal onderbrengen van de herkauwers strekt tot doel contact met vectoren te beperken gedurende de uren dat deze dieren actief zijn. Dat gebeurt in een stal die daarvoor geschikt is en die tevens beschikbaar is. Een stal dient geschikt te zijn voor het onderbrengen van de specifieke diersoort. In elk geval is een stal niet geschikt ingeval de gezondheid en het welzijn van de dieren worden geschaad door het opstallen van de dieren. Alleen ingeval er redelijkerwijs geen geschikte stal beschikbaar is, geldt de uitzondering in het derde lid.

In artikel 13 wordt thans tevens verwezen naar de tijdelijk vrijgestelde middelen ter wering van vectoren. De middelen dienen te worden gebruikt op de wijze zoals voorgeschreven bij de vrijstelling van de middelen, of in geval van de geregistreerde middelen overeenkomstig de bijsluiter bij de middelen.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

overeenkomstig het door de minister genomen besluit:

de Secretaris-Generaal,

C.J. Kalden

  • 1

    Stcrt. 2006, 162; laatstelijk gewijzigd bij ministeriële regeling van 4 september 2006 (Stcrt. 173).

Naar boven