Verlening winningsvergunning koolwaterstoffen

Blokdelen B10c en B13a

30 juni 2005

E/EP/5034954

De Minister van Economische Zaken,

Procesverloop:

- Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V., gevestigd te Den Haag (NAM), en DSM Energie B.V. (DSM), gevestigd te Heerlen (DSM), hebben ingevolge de artikelen 2 en 13 van de Mijnwet continentaal plat (Stb. 1965, 428) op 29 december 1999 aanvragen ingediend om een vergunning voor de winning van koolwaterstoffen voor een deel van de blokken A12 en B10 van het continentaal plat (toenmalige blokdelen A12b/B10a) en een vergunning voor de winning van koolwaterstoffen voor een deel van het blok B13 van het continentaal plat (blokdeel B13a). Deze blokken zijn aangegeven op de als bijlage 3 bij de Mijnbouwregeling (Stcrt. 2002, 245) gevoegde kaart;

- In de beschikkingen van 24 september 2004, nr. E/EP/UM/4058585 en nr. E/EP/UM/4058587 (Stcrt. 185), heeft de Minister toestemming verleend tot overdracht van de opsporingsvergunning voor de blokdelen A12b/B10a en de opsporingsvergunning voor het blokdeel B13a overgedragen aan Unocal Netherlands B.V., gevestigd te Den Haag (Unocal), DSM en Dyas B.V., gevestigd te Utrecht (Dyas);

- Unocal, DSM en Dyas hebben op 15 november 2004 aanvullende gegevens verstrekt ter onderbouwing van de aanvragen van de winningsvergunningen voor de toenmalige blokdelen A12b/B10a en voor blokdeel B13a;

- Bij besluit van 15 april 2005, nr. E/EP/5009041 (Stcrt. 77), zijn de opsporingsvergunning voor de toenmalige blokdelen A12b/B10a en de opsporingsvergunning voor het blokdeel B13a samengevoegd en vervolgens gesplitst in een opsporingsvergunning voor de blokdelen A12b/B10a en een opsporingsvergunning voor de blokdelen B10c/B13a;

- De Mijnraad heeft adviezen uitgebracht op 22 april 2002 (kenmerk MIJR/02014319) en 21 maart 2005 (kenmerk MIJR/5014850).

Overwegingen:

- NAM heeft met gebruikmaking van de bij beschikking van de Minister van Economische Zaken van 17 november 1989, nr. e/eam/98089670 (Stcrt. 226), verleende opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen in 1990 met de boring B13-3 de aanwezigheid van een winbare hoeveelheid koolwaterstoffen aangetoond;

- Op grond van de ingediende aanvraag, de aanvullende gegevens en de adviezen van het Nederlands Instituut voor Toegepaste Geowetenschappen TNO (TNO-NITG) van 24 januari 2005, kenmerk 05-004-C, en Energie Beheer Nederland B.V. (EBN) van februari 2005 is het aannemelijk dat de met de boring B13-3 aangetoonde hoeveelheid koolwaterstoffen, die gelegen is binnen het (nieuwe) vergunninggebied B10c/B13, economisch gewonnen kan worden;

- Noch de technische of financiële mogelijkheden van de huidige aanvragers, noch de manier waarop zij voornemens zijn de winning in het gebied, waarvoor de vergunning wordt aangevraagd, te verrichten geven aanleiding tot weigering van de gevraagde vergunning;

- De huidige aanvragers hebben niet onder een eerdere vergunning bij activiteiten als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Mijnbouwwet, blijk gegeven van gebrek aan efficiëntie of verantwoordelijkheidszin;

- Gelet op de door de aanvragers voorziene periode van winning, is een tijdvak van 20 jaren niet langer dan noodzakelijk om de in de aanvraag voorziene activiteiten te doen plaatsvinden.

Gelet op de artikelen 6, 8, 9, 10, 11, eerste tot en met derde lid, 15, vierde lid, 22, vijfde en zesde lid, en 90 van de Mijnbouwwet, alsmede op de artikelen 1.3.6 en 1.3.7 van de Mijnbouwregeling;

Besluit:

Artikel 1

Aan Unocal Netherlands B.V., DSM Energie B.V. en Dyas B.V. wordt een winningsvergunning voor koolwaterstoffen verleend.

Artikel 2

De winningsvergunning geldt voor delen van de blokken B10 en B13. Deze blokken zijn weergegeven op de kaart in bijlage 3 van de Mijnbouwregeling. De delen van de blokken worden begrensd door de lengtecirkels tussen de punten B-C, D-E en F-G, de breedtecirkels tussen de punten A-B, C-D en E-F en de grootcirkel tussen de punten A en G. De coördinaten van deze punten zijn:

A 55° 22' 36.000” NB

en 04° 03' 30.000” OL

B 55° 22' 36.000” NB

en 04° 10' 46.000” OL

C 55° 20' 00.000” NB

en 04° 10' 46.000” OL

D 55° 20' 00.000” NB

en 04° 10' 30.000” OL

E 55° 10' 00.000” NB

en 04° 10' 30.000” OL

F 55° 10' 00.000” NB

en 04° 00' 00.000” OL

G 55° 20' 00.000” NB

en 04° 00' 00.000” OL

De ligging van de bovengenoemde punten is uitgedrukt in geografische coördinaten, berekend volgens het stelsel van de Europese verefening.

Artikel 3

Unocal is de persoon als bedoeld in artikel 22, vijfde lid, van de Mijnbouwwet.

Artikel 4

De vergunninghouder sluit met Energie Beheer Nederland B.V., te Heerlen, een overeenkomst als bedoeld in artikel 90, eerste lid, van de Mijnbouwwet.

Artikel 5

De vergunning geldt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding, nadat zij onherroepelijk is geworden, gedurende een tijdvak van 20 jaar.

Artikel 6

De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken,namens deze:
J.C. De Groot,
directeur Energieproductie.

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen 6 weken na de dag van verzending van dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken, Directie Wetgeving en Juridische Zaken (ALP: L/1410), Postbus 20101, 2500 EC 's-Gravenhage. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven