Regeling landbouwtelling en GDI 2004

18 maart 2004

Nr. TRCJZ/2004/1584

Directie Juridische Zaken

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

– Gelet op artikel 32, eerste lid van de Verordening (EG) nr. 2342/1999 van de Commissie van 28 oktober 1999 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees met betrekking tot de premieregelingen;

– Gelet op artikel 7, eerste lid, van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen, op artikel 4.2a, eerste lid, van de Regeling dierlijke EG-premies, en op artikel 5a van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet;

– Voorts gelet op de artikelen 24 en 25 van de Landbouwwet;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. LASER: Agentschap LASER van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

b. beschrijvingsbiljet: in bijlage I opgenomen modelformulier voor de periodieke inventarisatie in de land- en tuinbouw;

c. opgaveplichtige: persoon die, anders dan in het kader van de teelt van griendhout, riet en biezen, in de landbouw zijn hoofdbestaan of een gedeelte van zijn bestaan vindt, voor zover aan hem een beschrijvingsbiljet, bedoeld in onderdeel b, dan wel anderszins een oproep voor de landbouwtelling is uitgereikt of toegezonden.

Artikel 2

In het tijdvak dat loopt van 1 april 2004 tot en met 15 mei 2004 wordt een landbouwtelling gehouden als bedoeld in de artikelen 24 en 25 van de Landbouwwet.

Artikel 3

Ten behoeve van de telling, bedoeld in artikel 2, wordt een beschrijvingsbiljet uitgereikt of verzonden door de Minister.

Artikel 4

1. De opgaveplichtige verstrekt de ten aanzien van de veestapel gevraagde gegevens naar de toestand op 1 april 2004.

2. De opgaveplichtige verstrekt de ten aanzien van de oppervlakten gevraagde gegevens naar de toestand op 1 april 2004. Indien een oppervlakte op 1 april 2004 nog niet is beteeld, wordt de eerstvolgende geplande teelt opgegeven.

3. Onverminderd het eerste en tweede lid, verstrekt de opgaveplichtige de op het beschrijvingsbiljet gevraagde gegevens naar de toestand op de datum van verzending, tenzij op het biljet of door LASER anders is aangegeven, en neemt daarbij de overige op het biljet of door LASER gegeven aanwijzingen in acht.

Artikel 5

1. De opgaveplichtige ondertekent het beschrijvingsbiljet en doet dat binnen veertien dagen na dagtekening van de aanbieding aan LASER toekomen.

2. Indien het beschrijvingsbiljet aangetekend aan de opgaveplichtige is toegezonden, doet deze dat binnen vijf dagen ingevuld en ondertekend aan LASER toekomen.

Artikel 6

1. Voor de bepaling van de bedrijfsomvang geldt dat één Nederlandse grootte-eenheid gelijk is aan 1375 eenheden bruto standaardsaldo.

2. De bruto standaardsaldi respectievelijk de Nederlandse grootte-eenheid worden vastgesteld als vermeld in bijlage II.

3. Bruto-standaardsaldi worden overeenkomstig bijlage II omgerekend in Nederlandse grootte-eenheden.

Gecombineerde inwinning

Artikel 7

Onverminderd het bepaalde in artikel 4 maakt de uit dien hoofde opgaveplichtige die tevens gehouden is gegevens te verstrekken met betrekking tot:

a. de aanvraag oppervlakten, bedoeld in artikel 6 van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen,

b. het extensiveringsbedrag, bedoeld in artikel 4.2a, eerste lid, van de Regeling dierlijke EG-premies, of

c. de opgave gewaspercelen, bedoeld in artikel 5a van de Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet,

voor het verstrekken van alle onderscheiden gegevens gebruik van het formulier waarvan het model is opgenomen als bijlage III bij deze regeling.

Elektronische indiening

Artikel 8

De opgave, bedoeld in artikel 2 van deze Regeling, de aanvraag, bedoeld in artikel 7a van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen en de verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 5a van de Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet kunnen gezamenlijk elektronisch worden ingediend.

Artikel 9

1. De gezamenlijke elektronische indiening geschiedt met het daartoe bestemde elektronische formulier.

2. Het formulier wordt elektronisch ondertekend met een door de Minister aan de ondertekenaar ter beschikking gestelde eenmalig bruikbare tancode.

3. De Minister bevestigt de ontvangst van een elektronisch ingediend formulier.

4. De Minister bevestigt bij ontvangst van een door een gemachtigde ingediend elektronisch formulier aan de gemachtigde en de aanvrager.

Artikel 10

Een tancode wordt uitsluitend overeenkomstig deze regeling gebruikt voor het doel waarvoor en door degene aan wie de tancode is verstrekt.

Aanvraag tancodes

Artikel 11

De Minister verstrekt ambtshalve een set tancodes aan bij hem bekende agrarische ondernemers.

Artikel 12

De Minister verstrekt op een met redenen omkleed verzoek van de aanvrager een set tancodes ten behoeve van de elektronische handtekening, ingeval

a. deze geen tancodes heeft ontvangen;

b. de verstrekte tancodes zijn gebruikt, of

c. van verlies van eerder verstrekte tancodes.

Artikel 13

De Minister kan besluiten een set tancodes niet te verstrekken of in te trekken, indien de indiener of een met hem geassocieerd bedrijf of organisatie in het verleden een tancode heeft gebruikt in strijd met deze regeling of op andere wijze de integriteit van een verstrekte handtekening heeft geschonden.

Gemachtigden

Artikel 14

1. In afwijking van artikel 10 kan een belanghebbende de aan hem verstrekte tancodes doen gebruiken door een gemachtigde als bedoeld in artikel 2:1 van de Algemene wet bestuursrecht ten behoeve van het indienen van een elektronische formulier namens belanghebbende.

2. De gemachtigde maakt bij het indienen van de aanvraag, de opgave onderscheidenlijk de verstrekking als bedoeld in artikel 8 slechts gebruik van de aan de gemachtigde ter beschikking gestelde toegangscodes tot het elektronische formulier.

Bijzondere bepalingen over de behandeling van een elektronisch formulier

Artikel 15

1. De Minister kan een elektronisch formulier weigeren, indien dit niet overeenkomstig deze regeling is ingediend.

2. De Minister kan elektronisch verschafte gegevens en bescheiden weigeren voor zover de aanvaarding daarvan tot een onevenredige belasting voor de Minister zou leiden.

3. De Minister kan een elektronisch verzonden bericht weigeren voor zover de betrouwbaarheid of vertrouwelijkheid van dit bericht onvoldoende is gewaarborgd, gelet op de aard en de inhoud van het bericht en het doel waarvoor het wordt gebruikt.

4. De Minister deelt een weigering op grond van dit artikel zo spoedig mogelijk aan de afzender mede.

Artikel 16

Als tijdstip waarop een elektronisch formulier door de Minister elektronisch is ontvangen, geldt het tijdstip waarop het bericht zijn systeem voor gegevensverwerking heeft bereikt.

Artikel 17

De Minister kan besluiten de elektronische aanvraag, opgave onderscheidenlijk verstrekking niet te behandelen, indien het elektronisch formulier geheel of gedeeltelijk is geweigerd op grond van artikel 11. Artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.

Slotbepalingen

Artikel 18

De Regeling landbouwtelling boomkwekerijgewassen, vaste planten en waterplanten 2001, de Regeling landbouwtelling 2003, de Regeling GDI 2003 en de Regeling elektronische indiening GDI 2003 worden ingetrokken.

Artikel 19

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 20

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling landbouwtelling en GDI 2004.

Deze regeling zal met de toelichting en bijlagen in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 18 maart 2004.
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.P. Veerman.

Toelichting

Algemeen

Voor 2004 worden de formulieren voor de landbouwtelling en voor de gecombineerde opgave vastgesteld bij één regeling. Tevens worden de bepalingen inzake de elektronische ondertekening van de gegevensverstrekking via internet in deze regeling vastgesteld. Op deze wijze wordt het drietal regelingen die bepalingen bevatten rondom de jaarlijkse landbouwtelling met het oog op de vereenvoudiging van regelgeving ondergebracht in één regeling.

De Regeling Landbouwtelling en GDI 2004 bepaalt dat er in de periode van 1 april 2004 tot en met 15 mei 2004 een landbouwtelling wordt gehouden. Tevens bepaalt deze regeling dat de agrarische producent die premie aanvraagt in het kader van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen of die in aanmerking wil komen voor het extensiveringsbedrag in het kader van de Regeling dierlijke EG-premies deze aanvragen combineert met de opgave van landbouwtellingsgegevens door gebruik te maken van het formulier Gecombineerde Opgave 2004. Van deze gegevens wordt daarnaast voor het tijdvak van 1 april tot 15 mei 2004 gebruik gemaakt ten behoeve van de controle gewaspercelen in het kader van de Meststoffenwet. Daarmee voldoet de producent voor die periode tevens aan de verplichting om bepaalde wijzigingen van het grondgebruik door te geven.

Producenten die geen van de bovengenoemde premies aanvragen, geven de landbouwtellingsgegevens op via het reguliere beschrijvingsbiljet landbouwtelling 2004 dat bij dit besluit wordt vastgesteld als bijlage I. Het formulier gecombineerde opgave wordt bij dit besluit vastgesteld als bijlage III.

Bij de landbouwtelling 2004 zal, evenals in voorgaande jaren, de bedrijfsomvang worden bepaald aan de hand van de Nederlandse grootte-eenheid (Nge).

De Nge vertegenwoordigt een aantal bruto standaardsaldi (bss). De bruto standaardsaldi zijn door het Landbouw Economisch Instituut (LEI) berekend. Voor 2004 is vastgesteld dat één Nge gelijk is aan € 1375,-. In bijlage II bij dit besluit is een lijst met bss weergegeven.

Het volledig ingevulde en ondertekende formulier dient uiterlijk op 15 mei 2004 door LASER te zijn ontvangen. Het niet voldoen aan deze verplichting is een economisch delict in de zin van artikel 1, onder 2, van de Wet op de economische delicten (Stb. 2001, 206). De gevolgen van het niet-tijdig insturen van de gegevens in het kader van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen en de Regeling dierlijke EG-premies zijn neergelegd in de desbetreffende regelingen.

Elektronische opgave

Voor 2004 kan er ook een elektronisch beschrijvingsbiljet worden toegezonden aan LASER. In de onderhavige regeling wordt onder andere bepaald onder welke voorwaarden het mogelijk is de gecombineerde opgave elektronisch in te dienen.

Ook producenten die alleen de gegevens op grond van de Regeling landbouwtelling 2004 elektronisch willen indienen, kunnen gebruik maken van het elektronische GDI-formulier en hierop het gedeelte invullen dat betrekking heeft op de landbouwtelling 2004.

Achtergrond elektronische opgave

De behoefte aan elektronische vormen van communicatie tussen burger en overheid neemt toe. Het gaat dan niet alleen om de e-mail waarmee aan de overheid een eenvoudige vraag wordt gesteld. Elektronische communicatie heeft vele voordelen ten opzichte van de vertrouwde schriftelijke communicatie. Zo kan de wijze van indiening van een aanvraag voor een subsidie via Internet veel sneller verlopen dan via een papieren formulier. Ook het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit ontplooit al sinds 2001 activiteiten op dit terrein. Destijds bestond nog niet de mogelijkheid om deze formulieren elektronisch van een handtekening te voorzien doch moesten aanvragers de geprinte versie van de elektronisch ingediende aanvraag alsnog met de hand ondertekenen. In het kader van de verlichting van administratieve lasten is hiervoor een oplossing gezocht. Elektronische indiening van het formulier voor GDI 2004 kan, evenals in 2003 het geval was, met een unieke code, tancode geheten, die wordt beschouwd als een handtekening.

Elektronische communicatie is juridisch nog niet gelijk gesteld aan schriftelijke communicatie. Vooruitlopend op een gelijkstelling die wordt beoogd met het voorstel van wet houdende aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met regels over verkeer langs elektronische weg tussen burgers en bestuursorganen (Wet elektronisch bestuurlijk verkeer), Kamerstukken II, 2001/2002, 28 483, nr. 1–2 wordt in onderhavige regeling bij wijze van experiment gebruik gemaakt van elektronisch rechtsverkeer.

Werking

Vanaf eind maart 2004 ontvangen alle relaties, die voorkomen in het aanschrijfbestand GDI 2004 en gekoppeld zijn aan het relatiebeheersysteem REBUS van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, op het bij dit Ministerie laatst bekende adres, zoals dat rond 20 januari 2004 geregistreerd is, een toelichting en lijst met daarop vijftien tancodes per separate post. Deze tancodes worden willekeurig aangemaakt door een onafhankelijk systeem.

In dat systeem zijn de tancodes gekoppeld aan de ondernemer aan wie ze worden gezonden, zodat met het gebruik van de tancode de ondernemer kan worden herkend. Het aanmaken van tancodes is met waarborgen omkleed, zodat de betrouwbaarheid is verzekerd.

De vijftien tancodes zijn vijftien elektronische handtekeningen die elk eenmaal kunnen worden gebruikt. Iedere keer als het computerscherm dat vraagt, vult de ondernemer de eerstvolgende nog niet gebruikte tancode van het lijstje van vijftien codes in.

Met dit stelsel van maatregelen wordt voldaan aan de eisen a tot en met c van artikel 15a, tweede lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. Nu het gebruik van de tancodes beperkt is tot de gecombineerde datainwinning 2004, zodat onderschepping door derden zinloos is, is toezending over de post voldoende veilig.

Het formulier GDI 2004, waarvoor de tancodes kunnen worden gebruikt, is te vinden op Internet, de startpagina van www.minlnv.nl/loket. Toegang tot een formulier kan worden verkregen met behulp van de gebruikerscode en het wachtwoord dat reeds aan iedere ondernemer ter beschikking is gesteld. Bij het opstarten van het formulier via de daarvoor bestemde knop (aanvraag GDI 2004), zal gevraagd worden om een bevestiging van de algemene voorwaarden welke ondertekend wordt met de eerste tancode. Wanneer de ondernemer het internetformulier volledig heeft ingevuld kan hij het ondertekenen met de eerstvolgende tancode. Het systeem zal de aanvraag verzenden, waarna de ondernemer een bestand in het zogeheten PDF-formaat op zijn systeem weg schrijft. Dit PDF-bestand is de kopie van de verzonden aanvraag. Hierop worden zowel de datum als de tijd en de gebruikte tancode weggeschreven. Een bestand met dezelfde inhoud wordt via een beveiligde manier als input gebruikt voor de beoordeling van de aanvraag.

Met deze werkwijze wordt tevens voldaan aan onderdeel d van het toekomstige artikel 3:15a, tweede lid, BW.

Nu de tancodes voldoen aan de eisen van het toekomstige artikel 3:15a, tweede lid, BW, kan in het elektronisch bestuurlijk verkeer verantwoord een aanvraag worden ingediend.

Verkrijgen nieuwe tancodes

Indien door welke oorzaak dan ook de ondernemer niet langer over zijn tancode beschikt kan hij telefonisch bij het LNV-loket (0800-2233322) verzoeken om een set nieuwe tancodes.

Wanneer de ondernemer zijn op een na laatste tancode verbruikt in de internetapplicatie van GDI komt er automatisch een waarschuwing dat er telefonisch bij het LNV-loket (0800-2233322) een nieuwe set tancodes kan worden aangevraagd.

In beide gevallen zal de Minister de aanvrager een nieuwe set toesturen en de eventuele nog niet gebruikte tancodes in het systeem blokkeren.

Overigens is de kans op misbruik niet groot nu de tancodes alleen kunnen worden gebruikt voor de regeling waarvoor ze zijn aangemaakt door de ondernemer aan wie de codes zijn gezonden. Gebruik voor andere doeleinden is niet mogelijk.

Administratieve lasten

De informatieverplichtingen uit deze regeling hebben betrekking op circa 93.828 bedrijven. De administratieve lasten zijn per opgaveplichtige voor zowel de schriftelijke indiening als voor de elektronische indiening gelijk gebleven ten opzichte van 2003. De hoogte van de administratieve lasten is afhankelijk van de keuze voor landbouwtelling of gecombineerde inwinning, en voorts van de keuze voor opgave via een papieren formulier of opgave via internet:

● Opgave op papier: Uitgaande van een gemiddeld uurloon van € 30,– voor de agrarische sector zijn de administratieve lasten naar verwachting voor het invullen van de landbouwtelling op papier € 27,50 per bedrijf. Voor het totaal van bedrijven die de landbouwtelling via een papieren formulier invullen (circa 41.783 bedrijven) bedragen de administratieve lasten € 1.149.033,–. De administratieve lasten voor de gecombineerde opgave op papier bedragen € 67,50 per bedrijf. Voor het totaal van bedrijven die de gecombineerde opgave via een papieren formulier indienen (circa 40666 bedrijven) bedragen de administratieve lasten € 2.744.955,–

● Opgave via internet: Uitgaande van een gemiddeld uurloon van € 30,– voor de agrarische sector zijn de administratieve lasten naar verwachting voor het invullen van de landbouwtelling via internet € 17,50 per bedrijf. De administratieve lasten voor het totaal van het agrarisch bedrijfsleven dat de landbouwtelling via internet invult (circa 3633 bedrijven) zal € 63.578,– bedragen. De administratieve lasten voor de gecombineerde opgave via internet bedragen € 37,50 per bedrijf. Naar verwachting bedragen de administratieve lasten voor dit onderdeel voor het totaal van bedrijven dat dit onderdeel elektronisch indient (circa 7746 bedrijven) € 290.475,–

In 2003 hebben 4300 ondernemers gebruik gemaakt van het aanvraagformulier GDI 2003 dat op Internet ter beschikking is gesteld. Voordelen van het elektronisch indienen zijn:

– Op het elektronische formulier zijn de gegevens van 2003 reeds ingevuld zodat de relatie meteen beschikt over zijn recent referentiekader;

– Ingebouwde controles en waarschuwingen zorgen ervoor dat de opgave direct volledig is zodat er geen niet-acceptatietraject gevolgd hoeft te worden;

– Berekeningen worden automatisch voor de relatie gedaan;

– Alle gewaspercelen, zoals deze bij LNV bekend zijn, zijn reeds ingetekend op de bedrijfskaart. Er hoeven alleen perceelsgegevens te worden toegevoegd;

– De on line versie van het GDI-formulier bevat alleen de vragen die op het bedrijf van de betrokken relatie van toepassing zijn;

– Het systeem heeft een on line help-functie;

– De relatie behoeft geen bedrijfskaarten te bestellen;

– De opgave wordt afgesloten met een elektronische handtekening en hierna kan de relatie de opgave printen ten behoeve van zijn/haar administratie.

Ten opzichte van invullen van het papieren formulier zal naar schatting een ondernemer gemiddeld 20 minuten besparen op de invulling van de landbouwtellingsgegevens (gemiddeld 35 minuten in plaats van 55 minuten), 25 minuten op de aanvraag akkerbouwsteun (gemiddeld 20 minuten in plaats van 45 minuten) en 15 minuten op de invulling van de perceelsgegevens (gemiddeld 20 minuten in plaats van 35 minuten). Dit leidt tot een geschatte gemiddelde besparing van 60 minuten per indiening als een ondernemer het formulier voor drie regelingen gebruikt.

Vermindering administratieve lasten door elektronische indiening in 2004

Ten opzichte van 2002 hebben in 2003 ongeveer drie maal zo veel ondernemers gebruik gemaakt van de mogelijkheid van elektronische indiening. Voor 2004 is de prognose dat gebruik van de elektronische opgave zal stijgen met 7053 extra bedrijven waardoor het totaal aantal bedrijven dat gebruik maakt van de elektronische indiening op 11.353 bedrijven zal komen. Dit is ongeveer 12% van de 93.828 bedrijven die opgaveplichtig zijn voor wat betreft de landbouwtelling dan wel deelnemen aan de gecombineerde opgave.

Uitgaande van een gemiddeld uurloon voor de agrarische sector van € 30,– leidt het bovenstaande bij deze extra indieningen ten opzichte van GDI 2003 tot een vermindering van de administratieve lasten voor de agrarische sector tussen € 70.530,– als alleen voor de landbouwtelling van het formulier gebruik wordt gemaakt en € 211.590,– als het formulier door alle gebruikers voor drie regelingen wordt gebruikt.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

C.P. Veerman

Bijlage I

stcrt-2004-62-p16-SC64282-1.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-2.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-3.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-4.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-5.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-6.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-7.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-8.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-9.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-10.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-11.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-12.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-13.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-14.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-15.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-16.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-17.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-18.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-19.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-20.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-21.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-22.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-23.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-24.gif

Bijlage II

stcrt-2004-62-p16-SC64282-25.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-26.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-27.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-28.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-29.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-30.gif

Bijlage III

stcrt-2004-62-p16-SC64282-31.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-32.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-33.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-34.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-35.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-36.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-37.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-38.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-39.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-40.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-41.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-42.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-43.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-44.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-45.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-46.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-47.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-48.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-49.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-50.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-51.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-52.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-53.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-54.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-55.gifstcrt-2004-62-p16-SC64282-56.gif
Naar boven