Vooraankondiging bekendmaking

Vooraankondiging gewijzigde openingstijden van de Merwedebrug te Papendrecht, gelegen over de Beneden Merwede kmr. 973.775 te Papendrecht

24 februari 2004

Nr. AVS/2004/017

Rijkswaterstaat directie Zuid-Holland

De Minister van Verkeer en Waterstaat;

Vooraankondiging bekendmaking

De hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de directie Zuid-Holland maakt gelet op afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, de openbare voorbereidingsprocedure namens de minister van Verkeer en Waterstaat bekend, dat voornoemde Minister het voornemen heeft om ingaande 1 mei 2004 de openingstijden van de Merwedebrug te Papendrecht te wijzigen.

Overwegingingen ten aanzien van de bekendmaking

Begripsbepalingen

In deze bekendmaking wordt verstaan onder:

1. `hoofdingenieur-directeur', de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in directie Zuid-Holland, Postbus 556, 3000 AN Rotterdam;

2.'het hoofd scheepvaartzaken', het hoofd van de afdeling Scheepvaartzaken van de Rijkswaterstaat directie Zuid-Holland, Postbus 556, 3000 AN Rotterdam;

Vereiste van besluit

Op grond van het bepaalde in artikel 13 van het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer kunnen voor scheepvaartwegen waar verkeerstekens, die een gebod of een verbod dan wel een aanbeveling of een inlichting bevatten, niet doelmatig zijn, worden vervangen door een bekendmaking met dezelfde strekking als een verkeersteken.

Op grond van artikel 2, eerste lid, onder a. sub 1 van de Scheepvaartverkeerswet ben ik bevoegd dit besluit te nemen.

Het betrokken vaarweggedeelte op de rivier de Beneden Merwede is in beheer bij het Rijk en is gelegen binnen de gemeente Papendrecht.

Het voornemen van de bekendmaking tot het wijzigen van de openingstijden is wenselijk om frequente filevorming op de Rijksweg N3 te voorkomen en daarmee een bijdrage te leveren aan de doorstroming van het wegverkeer in de regio.

De rivier de Beneden Merwede is een CEMT klasse VIc vaarweg, die in beheer is bij het Rijk en behoort tot de wateren waar schepen met de klasse VIc kunnen varen.

De Rijkswaterstaat behoudt de mogelijkheid indien er een gevaar bestaat voor een vlotte en veilige vaart ten gevolge van nautische ontwikkelingen of mogelijke andere omstandigheden dit besluit aan te passen.

Procedure

Door mij is een openbare voorbereidingsprocedure als bedoeld in afdeling 3.4 van de Algemene Wet Bestuursrecht gevolgd. Reden hiervan is, dat ik er vanuit ga dat belanghebbenden door het nemen van dit besluit redelijkerwijs in hun rechten zouden kunnen worden aangetast.

Het voornemen tot het nemen van het verkeersbesluit is omstreeks 27 februari 2004 geplaatst in de Staatscourant, in het Weekblad Schuttevaer en de Scheepvaartkrant.

Belangenafweging en motivering.

Gelet op het toenemende wegverkeer en het daardoor steeds vaker ontstaan van filevorming, met name in de spits, is het wenselijk om de openingstijden van de Merwedebrug, welke is gelegen over de Beneden Merwede kmr. 973.775 te Papendrecht, te wijzigen.

De rivier de Beneden Merwede is een CEMT klasse VIc vaarweg, die in beheer is bij het Rijk. De vaarweg wordt veel gebruikt door vaartuigen welke op weg naar hun bestemming naar de bedrijven in de regio Dordrecht, Hardinxveld en Gorinchem door hun grotere hoogte gebruik moeten maken van het hefbare doorvaartgedeelte van de, in de te volgen vaarroute gelegen, bruggen.

De rijksweg N 3 is een belangrijke regionale verbindingsroute tussen de rijkswegen A 15 en A 16 en wordt door zowel doorgaand als ook regionaal/lokaal wegverkeer gebruikt. Tevens fungeert de weg als een belangrijke verbinding voor de locale hulpverleningsdiensten en het openbaar vervoer. Voorts is het een belangrijke route voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. De groei van het verkeer op de N3 is bovengemiddeld.

Rijkswaterstaat heeft de afgelopen periode onderzoek uitgevoerd naar de oorzaak van de filevorming op de N3, waaruit blijkt dat de brugopeningen de meeste files veroorzaken, met daarbij negatieve uitstralingseffecten op de doorstroming op de uitvalswegen in de gemeenten Dordrecht en Papendrecht.

Bovenstaande is voor mij gegronde reden om een betere afstemming na te streven van de belangen van weg- en scheepvaartverkeer.

Op dinsdag 11 november 2003 is gestart om gedurende een periode van ongeveer 3 weken in 23 metingen het effect van brugopeningen te meten. De metingen werden, verdeeld over de gehele dag, uitgevoerd op werkdagen en zaterdagen.

Op 20 januari 2004 is een voorlichtingsbijeenkomst georganiseerd voor belanghebbenden, zoals Vereniging Beroeps Chartervaart, ANWB afdeling belangenbehartiging watersport, Loodsen Corporatie Rotterdam-Rijnmond, K.N.W.V. werkgroep Delta Noord, namens de Bokkencentrale het bedrijf Smit Heavy Lift Europe BV, Kamer van Koophandel regiokantoor Dordrecht, centraal Bureau Rijn- en Binnenvaart, Kon. Schippersvereniging Schuttevaer afdeling Drechtsteden, de gemeente Papendrecht, het Gemeentelijk havenbedrijf Dordrecht en de betrokken afdelingen van Rijkswaterstaat, directie Zuid Holland.

Tevens heeft met Arriva Openbaar Vervoer uit Rijsoord afstemming van de voorgestelde bedieningstijden plaatsgevonden met de brugpassages van het openbaar vervoer in het gebied.

Na presentatie van de meetresultaten en de plannen om te komen tot een openingsregiem ging men in grote lijnen akkoord, mits:

• rekening zou worden gehouden met de zg corridorbenadering, dat wil zeggen; afstemming van de openingstijden op de openingstijden van andere bruggen op de route Dordrecht/Alblasserdam - Gorinchem;

• per dag buiten de spits enkele tijdvensters worden gecreëerd;

• voor grote bijzondere transporten een bijzondere regeling van toepassing blijft;

• procedures voor het bestellen van brugopeningen worden gestroomlijnd.

Om de belangen van het wegverkeer nog beter te kunnen dienen zal Rijkswaterstaat de informatie over geplande brugopeningen volgens de geëigende kanalen bekend maken.

Voornemen

Op grond van vorenstaande overwegingen overweeg ik:

1. met ingang van 1 mei 2004 instelling van vaste bedieningstijden van de Merwedebrug Papendrecht welke is gelegen over de Beneden Merwede kmr. 973.775 te Papendrecht.

De brug wordt bediend op:

a. maandag t/m vrijdag om 06.00, 09.30, 11.00, 12.00, 13.00, 14.00, 15.10, 19.30, 20.15 en 21.15 uur;

b. zaterdag om 08.00, 09.30, 11.00, 12.00, 13.05, 14.00, 15.10, 17.00, 19.30, 20.15 en 21.15 uur;

c. zon en feestdagen om 08.00, 09.30, 11.00, 12.00, 13.00, 14.00, 15.10, 17.00, 19.30, 20.15 en 21.15 uur.

2. Buiten genoemde tijden, is behoudens uitzondering bij grote bijzondere transporten en mits vooraf gepleegd overleg met Rijkswaterstaat, geen bediening mogelijk.

3. Het scheepvaartverkeer moet minimaal 3 uur van te voren een brugbestelling aanvragen.

4. De gewijzigde bedieningstijden, alsmede de te volgen aanmeldingsprocedure wordt door een Bekendmaking aan de scheepvaart bekend gemaakt.

5. Deze ontwerp-bekendmaking zal worden geplaatst in de Staatscourant.

Terinzagelegging

De ontwerp-bekendmaking met de ter zake zijnde stukken kan tot 6 weken na de datum van publicatie tijdens kantooruren worden ingezien bij de Rijkswaterstaat directie Zuid-Holland, afdeling Scheepvaartzaken (kamer 16.29) Boompjes 200, 3011 DA Rotterdam, telefoon 010 - 4026315/16 en bij de Rijkswaterstaat directie Zuid-Holland Afdeling Scheepvaartzaken, Van Leeuwenhoekweg 20, 3316 AV Dordrecht, telefoon 078 - 6322553.

Inlichtingen

Inlichtingen omtrent de ontwerp-bekendmaking worden verstrekt door de heer A.M. van Zanten, coördinator Beleidsondersteuning en Advies, telefoon 078 - 6322553.

Bezwaren indienen

Gedurende voornoemde periode kunnen belanghebbenden hun zienswijze omtrent de ontwerp-bekendmaking schriftelijk kenbaar maken bij het hoofd van de afdeling Scheepvaartzaken te Rotterdam.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,namens deze,
de hoofdingenieur-directeur,
namens deze,
het hoofd van de afdeling Scheepvaartzaken,
R.J.Hagman.

Bezwaar

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan tegen dit besluit binnen zes weken na de dag, waarop dit besluit is bekendgemaakt, een bezwaarschrift worden ingediend.

Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de Minister van Verkeer en Waterstaat en worden gezonden aan de hoofdingenieur-directeur van de Rijkswaterstaat in de directie Zuid Holland, t.a.v. het hoofd van de Hoofdafdeling Bestuur en Juridische zaken (RX) Postbus 556, 3000 AN Rotterdam.

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en ten minste het volgende bevatten:

a. naam en adres van de indiener;

b. de dagtekening;

c. vermelding van de datum en het nummer of het kenmerk van het besluit waartegen het bezwaar zich richt en;

d. een opgave van de redenen waarom men zich met het besluit niet kan verenigen.

Indien het bezwaarschrift in een vreemde taal is gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van het bezwaar noodzakelijk is, dient de indiener zorg te dragen voor een vertaling.

Indien een bezwaarschrift is ingediend, is het mogelijk om daarnaast een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening in te dienen.

Een dergelijk verzoek dient te worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank binnen het rechtsgebied, waarin de indiener van het bezwaarschrift zijn woonplaats heeft.

Het verzoek dient te zijn ondertekend en ten minste het volgende te bevatten:

a. de naam en adres van de verzoeker;

b. de dagtekening;

c. vermelding van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en de datum en nummer van het besluit en;

d. de gronden van het verzoek (motivering).

Bij het verzoek dient voorts een afschrift van het bezwaarschrift te worden overgelegd. Zo mogelijk wordt tevens een afschrift van het besluit, waarop het geschil betrekking heeft, overlegd.

Indien het verzoekschrift in een vreemde taal is gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van het verzoek noodzakelijk is, dient de indiener zorg te dragen voor een vertaling.

Naar aanleiding van het verzoek kan de bevoegde president een voorlopige voorziening treffen, indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen dat vereist.

Voor de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening wordt een bedrag aan griffierechten geheven. De griffier van de betrokken Rechtbank wijst de verzoeker na indiening van diens verzoek op de verschuldigdheid van het griffierecht en bericht de verzoeker binnen welke termijn en op welke wijze het verschuldigde griffierecht moet worden voldaan.

Naar boven