Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2004, 250 pagina 11 | Ontheffingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Defensie | Staatscourant 2004, 250 pagina 11 | Ontheffingen |
Broeder de Vries International B.V.
23 december 2004
Nr. B2004.039851
Koninklijke Luchtmacht
De Staatssecretaris van Defensie en de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,
Gelezen het verzoek van Broeder de Vries International B.V., Cateringweg 10, 1118 AN Schiphol, d.d. 7 december 2004;
Gelet op artikel 34, tweede lid, van de Luchtvaartwet (Stb. 1958, 47);
Besluiten:
1. Op grond van een algemeen maatschappelijk belang wordt aan gezagvoerders van luchtvaartuigen van Broeder de Vries International B.V., ten behoeve van ambulance- en donorvluchten, ontheffing verleend van de verbodsbepaling van artikel 34, eerste lid, onder a, van de Luchtvaartwet met betrekking tot het medegebruik van de militaire luchtvaartterreinen Leeuwarden, Twenthe, Gilze-Rijen, Soesterberg, Volkel, Eindhoven en Woensdrecht. Deze ontheffing geldt uitsluitend op dagen en tijden dat deze luchtvaartterreinen zijn opengesteld zoals gepubliceerd in de Military Aeronautical Information Publication Netherlands (MILAIP) of notice to airman (NOTAM).
2. Buiten de in lid 1 genoemde dagen en tijden kan medegebruik van de militaire luchtvaartterreinen Leeuwarden, Soesterberg en Volkel plaatsvinden ten behoeve van ambulance- en donorvluchten, indien levensbedreigende omstandigheden zulks eisen.
De Algemene en Bijzondere Voorwaarden betreffende het medegebruik van militaire luchtvaartterreinen door derden, zoals vastgesteld in de ministeriële beschikking van 8 mei 1967, nr. 202.620/11k, laatstelijk gewijzigd bij beschikking van 26 november 1980, nr. CWL 80/028, zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat onder `de vergunning' deze beschikking dient te worden verstaan.
De ontheffing wordt verleend onder de voorwaarde dat voor de militaire luchtvaartterreinen vastgestelde of vastgelegde geluidszones niet worden overschreden.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2005 en vervalt op 1 januari 2008.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
Hoofddorp, 23 december 2004.
De Staatssecretaris van Verkeer
en Waterstaat,namens deze,
de directeur-hoofdinspecteur van
de Divisie Luchtvaart a.i.,
namens deze,
wnd. hoofd van de Unit Infrastructuur,
J.H.
Wilbrink.
's-Gravenhage, 23 december 2004.
De Staatssecretaris van
Defensie,voor deze,
de Luchtvaartautoriteit Koninklijke Luchtmacht,
E.H.
Evers, generaal-majoor.
Tegen dit besluit kunnen belanghebbenden, op grond van de Algemene wet bestuursrecht, binnen zes weken na de dag waarop het besluit bekend is gemaakt, een bezwaarschrift indienen bij de Staatssecretaris van Defensie, Postbus 20701, 2500 ES 's-Gravenhage.
In de Luchtvaartwet wordt voor de toepassing van het bij of krachtens de Luchtvaartwet bepaalde, verstaan onder `Onze Minister' voor wat betreft de burgerluchtvaart en de algemene verkeersveiligheid in de lucht, de Minister van Verkeer en Waterstaat. Voor wat de militaire luchtvaart betreft wordt onder `Onze Minister', de Minister van Defensie verstaan. Op een verzoek tot medegebruik van een militair luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen zal de Minister van Defensie beoordelen of hij het militaire luchtvaartterrein wil openstellen. De Minister van Verkeer Waterstaat zal beoordelen of het medegebruik van het militaire luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen voldoet aan de voor de burgerluchtvaart geldende veiligheidseisen.
Het rijksbeleid voor het burgermedegebruik van militaire luchtvaartterreinen ligt vast in het Structuurschema Militaire Terreinen (SMT) en de nota Regionale luchthavenstrategie (RELUS). In het SMT is aangegeven dat burgermedegebruik mogelijk blijft indien daardoor geen afbreuk wordt gedaan aan de veiligheid en de taakuitvoering van de militaire luchtvaart, met inachtneming van de geluidhinderproblematiek. Onderhavige ontheffing past in het huidige beleid van de betrokken ministeries. Indien dit beleid in het kader van de herziening van de in procedure gebrachte structuurschema militaire terreinen-2 zodanig zal worden gewijzigd dat dit rechtstreeks van invloed is op dit besluit, zal door middel van een wijzigingsbesluit tot aanpassing worden overgegaan.
Op grond van een algemeen maatschappelijk belang is aan Broeder de Vries International B.V. ontheffing gegeven. Vooraf is niet te bepalen om hoeveel vliegtuigbewegingen het gaat. Vandaar dat geen limitering in de ontheffing is opgenomen. De militaire luchtvaartterreinen kunnen worden aangedaan indien het gaat om operationeel noodzakelijke vluchten. Buiten dagen en tijden dat de militaire luchtvaartterreinen normaal gesloten zijn kan gebruik van een drietal luchtvaartterreinen worden gemaakt indien levensbedreigende omstandigheden zulks eisen. Aanvragen voor het medegebruik van de luchtvaartterreinen Leeuwarden, Soesterberg en Volkel buiten de reguliere openstellingstijden dienen te worden gericht aan de Supervisor van het MilATCC te Nieuw Milligen (telefoon 0577-458700/ 456366) en dus niet rechtstreeks naar het betreffende luchtvaartterrein. De Supervisor MilATCC zal conform de gestelde richtlijnen handelen en eventueel een van de drie genoemde militaire luchtvaartterreinen openstellen. Omdat buiten de reguliere openstelling personeel is geconsigneerd op basis van een reactietijd van 2 uur dient tijdig in contact te worden getreden met de Supervisor MilATCC.
Ten aanzien van de geluidsbelasting is het volgende van belang. In de Luchtvaartwet is vastgelegd dat de geluidsbelasting door startende en landende vliegtuigen van een luchtvaartterrein wordt berekend. De geluidsbelasting door de grote civiele en militaire luchtvaart wordt berekend op jaarbasis en wordt uitgedrukt in Kosteneenheden. De geluidsbelasting wordt berekend volgens een daartoe vastgesteld berekeningsvoorschrift en met inachtneming van het Besluit geluidsbelasting grote luchtvaart (BGGL). Deze systematiek is van toepassing op alle vliegtuigen met uitzondering van vaste vleugelvliegtuigen met schroefaandrijving lichter dan 6000 kg. Voor de - in de Ke-systematiek uitgesloten categorie - kleine luchtvaart wordt de geluidsbelasting uitgedrukt in de eenheid bkl. Ook hiervoor is een berekeningsvoorschrift vastgesteld. De beoordeling van de geluidsbelasting in bkl geldt - op basis van het Besluit geluidsbelasting kleine luchtvaart (BGKL) - evenwel niet wanneer de bkl zone geheel binnen een Ke zone valt. In dat geval is het regime van de Ke zonering dominant. Met de wijziging van de Luchtvaartwet in 1994 is echter bepaald dat vliegtuigbewegingen van luchtvaartuigen met een toegelaten totaalmassa van minder dan 6000 kg, maar meer dan 390 kg, voorzover dit hefschroefvliegtuigen betreft dan wel deze luchtvaartuigen gebruik maken van dezelfde aan- en uitvliegroutes als de luchtvaartuigen van ten minste 6000 kg, dan wel de vliegpatronen van deze luchtvaartuigen overeenkomen met die van luchtvaartuigen van tenminste 6000 kg moeten worden meegenomen in de berekening van de geluidsbelasting in Kosteneenheden.
Van belang is voorts dat wanneer een helikopter een militair luchtvaartterrein zou aandoen, de vliegtuigbewegingen worden meegenomen in de berekening van de geluidsbelasting in kosteneenheden. Voor zogenaamde ontheffingen met een algemeen maatschappelijk belang (amb) is het vaststaand beleid dat deze vliegtuigbewegingen (in het kader van milieunormen) als `militaire' vliegtuigbewegingen worden aangemerkt. De gegevens omtrent het feitelijk gebruik van militaire luchtvaartterreinen worden jaarlijks herleid tot contouren welke de actuele geluidsbelasting in dat jaar weergeven. Gelet op de beschikbare ruimtes in de afgelopen jaren is er geen indicatie aan te nemen dat door deze vliegtuigbewegingen buiten de vastgestelde respectievelijk vastgelegde geluidszones wordt getreden.
Toetsing aan andere milieuparameters heeft niet plaatsgevonden, aangezien de ontheffing een verlenging betreft van een reeds bestaand uitvoeringsbesluit op grond van de Luchtvaartwet en er op voorhand niet aan te geven is of dat een intensivering zal optreden van het aantal vliegtuigbewegingen.
In de onmiddellijke nabijheid van de militaire luchtvaartterreinen zijn Habitatrichtlijngebieden en Vogelrichtlijngebieden gelegen. Ten aanzien van het verzoek om voortzetting van het bestaande medegebruik kan worden gesteld dat er geen redenen zijn aan te nemen dat als gevolg van dit voortgezette gebruik significante effecten zullen optreden waarvoor de gebieden zijn aangewezen.
Met deze beschikking wordt toestemming gegeven gebruik te maken van militaire luchtvaartterreinen op dagen en tijden dat deze zijn opengesteld. Op enig moment kan besloten worden een luchtvaartterrein niet meer open te stellen. Bijvoorbeeld in het geval van een sluiting. Het spreekt voor zich dat op het moment dat een luchtvaartterrein niet meer bij defensie als zodanig in gebruik is, er geen medegebruik meer kan plaatsvinden. Van het besluit een luchtvaartterrein niet meer open te stellen zal melding worden gemaakt in de MILAIP en/of bij NOTAM.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2004-250-p11-SC68242.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.