Machtigingsbesluit directeur SAV
Besluit van de Minister van Justitie van 2 juli 2004, nr. 5295070/04/DJC, houdende verlening van machtiging aan de directeur van de Stichting Adoptievoorzieningen tot het verrichten van administratieve handelingen met betrekking tot het in behandeling nemen van verzoeken tot het verlenen van een beginseltoestemming als bedoeld in de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie (Machtigingsbesluit directeur SAV)
De Minister van Justitie,
Gelet op de artikelen 10:3, 10:4 en 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluit:
Artikel 1
Aan de directeur van de Stichting Adoptievoorzieningen te Utrecht wordt machtiging verleend tot het verrichten van administratieve handelingen met betrekking tot het in behandeling nemen van verzoeken tot het verlenen van een beginseltoestemming als bedoeld in de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin dit besluit is geplaatst.
Artikel 3
Dit besluit wordt aangehaald als: Machtigingsbesluit directeur SAV.
Dit besluit zal met toelichting in het Staatscourant worden geplaatst.
Den Haag, 2 juli 2004.
De Minister van Justitie, J.P.H. Donner.
Toelichting
In dit besluit wordt aan de directeur van de Stichting Adoptievoorzieningen de bevoegdheid verleend om namens de Minister van Justitie de aanvragen ter verkrijging van toestemming tot adoptie van een buitenlands kind (zgn. beginseltoestemming) in behandeling te nemen. Het betreft hier machtiging tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn (vg. artikel 10:12 Algemene wet bestuursrecht). De bevoegdheid ziet met name op het uitoefenen van administratieve taken ten behoeve van (interlandelijke) adoptie vanaf het moment dat een aanvraag tot beginseltoestemming wordt ingediend totdat de Raad voor de Kinderbescherming een gezinsonderzoek instelt en het afdoen van standaardcorrespondentie met burgers op het terrein van (interlandelijke) adoptie.
Ingevolge artikel 10:12 j˚ 10:9 van de Algemene wet bestuursrecht is het aan de directeur van de Stichting Adoptievoorzieningen niet toegestaan zijn machtigingsbevoegdheid door te verlenen.
Reden voor dit besluit is gelegen in de overheveling naar de Stichting Adoptievoorzieningen van de administratieve taken ten behoeve van de verkrijging van een beginseltoestemming en de zorg voor de voorlichting aan aspirant-adoptiefouders zoals voortvloeit uit de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie en het Besluit opneming buitenlandse kinderen ter adoptie voor zover deze berusten bij het Ministerie van Justitie (het Bureau Centrale Autoriteit). Over de aard en inhoud van de over te hevelen taken zijn afspraken gemaakt tussen het Ministerie van Justitie en de Stichting Adoptievoorzieningen, die zijn vastgelegd in een uitvoeringsovereenkomst tussen het Ministerie van Justitie en de Stichting Adoptievoorzieningen. Deze overeenkomst geeft blijk van de ingevolge artikel 10:12 j˚ 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht vereist instemming van de directeur van de Stichting Adoptievoorzieningen met de thans verleende machtiging.
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner