Medegebruik militair luchtvaartterrein Eindhoven
4 februari 2002
B/2002004737
Staf van de Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten Stafgroep Juridische
Zaken
De Staatssecretaris van Defensie en de Minister van Verkeer en Waterstaat;
Gelezen het verzoek van de Commandant Vliegbasis Eindhoven, d.d. 23 oktober
2001, namens de Korpsbeheerder van de Politie Regio Brabant Zuid-Oost;
Gelet op artikel 34, tweede lid, van de Luchtvaartwet,
Besluiten:
Artikel 1
1. Aan de gezagvoerders van het luchtvaartuig TB10, type Tabago GT (vierzitter),
registratienummer PH-COP van de Politie Regio Brabant Zuid-Oost te Eindhoven
wordt ontheffing verleend van de verbodsbepaling van artikel 34, eerste lid,
onder a, van de Luchtvaartwet met betrekking tot het medegebruik van het militaire
luchtvaartterrein Eindhoven vanaf 1 januari 2002, tot wederopzegging, doch
uiterlijk tot 1 januari 2005.
2. De ontheffing in het eerste lid wordt verleend voor alle operationeel
noodzakelijke vluchten gedurende de vastgestelde openingstijden en voor alle
operationeel noodzakelijke vluchten (niet zijnde trainingsvluchten), buiten
de vastgestelde openingstijden, voor zover de eerstvolgende normale openstelling
niet kan worden afgewacht.
Artikel 2
Van deze ontheffing mag slechts gebruik worden gemaakt nadat de vereiste
privaatrechtelijke vergunning is verleend en met inachtneming van de daarbij
gestelde voorwaarden.
Artikel 3
Aan deze ontheffing zijn verbonden de Algemene en Bijzondere Voorwaarden
betreffende het medegebruik van militaire luchtvaartterreinen door derden,
zoals vastgesteld in de ministeriële beschikking van 8 mei 1967, nr.
202.620/11k, nadien gewijzigd laatstelijk gewijzigd bij beschikking van 26
november 1980, nr. CWL 80/028.
Artikel 4
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de tweede dag na de
dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug
tot en met 1 januari 2002.
`s-Gravenhage, 4 februari 2002.
De Staatssecretaris van Defensie,voor deze,
Het Hoofd Stafgroep Juridische Zaken van de Staf
van de Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten,
S. van Groningen, commodore.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,voor deze,
De Manager
Unit Infrastructuur,
D.C. Esveld.
Tegen dit besluit kunnen belanghebbenden, op grond van de Algemene wet
bestuursrecht, binnen zes weken na de dag waarop het besluit bekend is gemaakt,
een bezwaarschrift indienen bij de Staatssecretaris van Defensie, t.a.v. de
Commissie Advisering Bezwaarschriften Defensie, postbus 20701, 2500 ES 's-Gravenhage.
Toelichting
In de Luchtvaartwet wordt voor de toepassing van het bij of krachtens
de Luchtvaartwet bepaalde, verstaan onder `Onze Minister' voor wat betreft
de burgerluchtvaart en de algemene verkeersveiligheid in de lucht betreft,
Onze Minister van Verkeer en Waterstaat. Voor wat de militaire luchtvaart
betreft wordt onder `Onze Minister', de Minister van Defensie verstaan. Op
een verzoek tot medegebruik van een militair luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen
zal de Minister van Defensie moeten beoordelen of hij het militaire luchtvaartterrein
wil openstellen. De Minister en Verkeer Waterstaat zal moeten beoordelen of
het medegebruik van het militaire luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen
voldoet aan de voor de burgerluchtvaart geldende veiligheidseisen.
De Minister van Verkeer en Waterstaat en Defensie zijn overeengekomen
gezamenlijk een regeling te ontwikkelen waarin ieders verantwoordelijkheid
tot uiting komt. Het project Burgermedegebruik Militaire Luchtvaartterreinen
(BML) voorziet hierin. Binnen afzienbare tijd zal de regeling gereed zijn.
Onderhavige ontheffing past in het huidige beleid van de betrokken ministeries.
Dit beleid is op dit moment volop in ontwikkeling. Voor zover dit beleid in
het kader van de herziening van de Luchtvaartwet, de in procedure gebrachte
structuurschema's militaire terreinen 2 en Regionale en Kleine Luchtvaart
en de in ontwikkeling zijnde regeling burgermedegebruik militaire luchtvaartterreinen
zodanig zal worden gewijzigd dat dit rechtstreeks van invloed is op dit besluit,
zal door middel van een wijzigingsbesluit tot aanpassing worden overgegaan,
of wordt een soortgelijke ontheffing ziet voor een nieuwe periode afgegeven.
Onderhavig besluit geeft enkel ontheffing van het verbod tot gebruik van
een militair luchtvaartterrein. Indien en voor zover commerciële vluchten
worden uitgevoerd dient hiervoor een separate ontheffing te worden aangevraagd.
Een aanvraag voor een dergelijke ontheffing kan geschieden via: Sita: HAGRLXH;
Fax: ++31204054719; AFTN telex: EHGVYAYX.