Herziening bedragen Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid
Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van
17 december 2002, Directie Sociale Verzekeringen, nr. SV/F&W/2002/94471
houdende de herziening van de bedragen, genoemd in de artikelen 24, eerste
lid, 48, eerste lid en 64a, eerste lid, van de Invoeringswet stelselherziening
sociale zekerheid (kopjesbedragen)
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op de artikelen 24, derde lid, 48, vijfde lid, en 64a, vierde lid,
van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid;
Besluit:
Artikel 1
De bedragen, genoemd in de artikelen 24, eerste lid, 48, eerste lid en
64a, eerste lid, van de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid,
worden als volgt vastgesteld:
a. voor de werknemer van 21 jaar wordt het bedrag vastgesteld op €
27,79;
b. voor de werknemer van 22 jaar wordt het bedrag vastgesteld op €
34,14;
c. voor de werknemer van 23 jaar en ouder wordt het bedrag vastgesteld
op € 43,63.
Artikel 2
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2003.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
's-Gravenhage, 17 december 2002.
De Minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid,A.J. de Geus.
Toelichting
Teneinde te voorkomen dat de loondervingsuitkeringen van alleenstaanden
van 21 jaar en ouder bij ziekte, arbeidsongeschiktheid of werkloosheid beneden
het relevante sociale minimum dalen, zijn in de Invoeringswet stelselherziening
sociale zekerheid (IWS) bepalingen opgenomen die voorzien in een zodanige
verhoging van die uitkeringen dat de netto-uitkomst gelijk is aan het niveau
van het relevante sociale minimum. Het recht op een verhoging bestaat alleen
indien de uitkering berekend is naar een dagloon dat ten minste gelijk is
aan 70% van het minimumloon.
De bedragen die in de artikelen 24, 48 en 64a van de IWS zijn opgenomen
dienen door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te worden herzien
op dezelfde wijze en op hetzelfde tijdstip als waarop de bedragen genoemd
in hoofdstuk IV van de Algemene bijstandswet worden herzien. Laatstbedoelde
bedragen worden met ingang van 1 januari 2003 aangepast omdat ook het (afgeronde)
minimumloon en de sociale uitkeringen worden verhoogd conform de Wet van 14
november 1991 tot wijziging van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
en van een aantal sociale zekerheidswetten, houdende de vaststelling van een
stelsel van koppeling van minimumloon en uitkeringen aan de loonontwikkeling
met de mogelijkheid tot afwijking (Stb. 1991, 624) (Wet koppeling met afwijkingsmogelijkheid).
In verband hiermee worden de bedragen in deze ministeriële regeling met
ingang van 1 januari 2003 als volgt vastgesteld:

* Exclusief vakantietoeslag.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
A.J. de Geus.