De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Gelezen het verzoek van Vliegcentrum ULN, d.d. 9 april 2001;
Gelet op artikel 16b Luchtvaartwet;
Besluit:
Artikel 1. Algemeen
Aan Vliegcentrum Lelystad B.V. te Lelystad wordt tot 16 maart 2002 een
vergunning verleend voor het houden van rondvluchten met luchtvaartuigen voorzien
van de kenmerken PH-ULN, PH-MBR, PH-ABB en PH-TWY overeenkomstig het bepaalde
in de volgende artikelen.
Artikel 2. Vervoer
De houder van de vergunning is gerechtigd rondvluchten te houden vanaf
luchtvaartterreinen voorzover terzake ontheffing is verleend van het verbod,
bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Luchtvaartwet.
Artikel 3. Vliegtuigen
1. De in artikel 2 genoemde vluchten mogen slechts worden uitgevoerd met
luchtvaartuigen waarvan de maximale startmassa niet meer bedraagt dan 5700
kg.
2. De te gebruiken luchtvaartuigen dienen ingeschreven te zijn in het
Nederlandse luchtvaartuigregister.
Artikel 4. Verlenging
De vergunning kan op verzoek van de houder worden verlengd. De vergunning
komt niet voor verlenging in aanmerking indien een van de in artikel 16b,
derde lid, van de Luchtvaartwet genoemde omstandigheden zich voordoet.
Artikel 5. Tarieven
De Directeur-Generaal van de Rijksluchtvaartdienst kan eisen dat de door
de vergunninghouder vast te stellen tarieven door hem worden goedgekeurd.
Artikel 6. Verzekering
De vergunninghouder dient adequaat verzekerd te zijn:
a. tegen de aansprakelijkheid met betrekking tot de vervoerde passagiers
en goederen overeenkomstig hetgeen bij en krachtens verdrag daarover is bepaald;
en
b. tegen de aansprakelijkheid voor schade, veroorzaakt aan derden op het
aardoppervlak.
Artikel 7. Intrekking
De beschikking van 27 maart 2001, houdende verlening van een rondvluchtenvergunning
aan Vliegcentrum ULN met kenmerk NLA/OV/01.550378 wordt per 1 mei 2001 ingetrokken.
Artikel 8. Publicatie
Deze beschikking zal worden geplaatst in de Staatscourant en treedt in
werking op 1 mei 2001.