Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatscourant 2001, 4 pagina 6 | Overig |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatscourant 2001, 4 pagina 6 | Overig |
Aan de gemeentebesturen
19 december 2000
Nr. BW2000/103039
Directoraat-generaal Openbaar Bestuur
Hierbij informeer ik u over de uitkomsten van het overleg met de VNG en het GO burgemeesters over de onkostenvergoedingen van gemeentebestuurders.
Politieke ambtsdragers ontvangen vergoedingen van kosten die zij maken bij de uitoefening van hun ambt. Vaste kostenvergoedingen kunnen alleen belastingvrij worden ver-strekt voorzover deze naar aard en veronderstelde omvang van de kosten zijn gespecificeerd. De belastingdienst kan verlangen dat een onbelaste vaste kostenvergoeding met behulp van een steekproef wordt onderbouwd. Aan een groep werknemers kan alleen een zelfde vaste kostenvergoeding belastingvrij worden verstrekt als die groep homogeen is. Op verzoek van de belastingdienst is door het SGBO in opdracht van VNG/IPO een onderzoek verricht naar de werkelijk gemaakte kosten waarvoor de vaste kostenvergoedingen worden toegekend. De belangrijkste uitkomst van het onderzoek was dat de gemiddelde feitelijke kosten veelal in overeenstemming waren met de vergoedingen, maar dat er in de uitgaven binnen de onderscheiden kostencategorieën een behoorlijke spreiding was. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek heeft de belastingdienst geconcludeerd dat de huidige vaste kostenvergoedingen in de belastingheffing betrokken worden.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft vervolgens voorstellen gedaan voor een aangepaste systematiek. De nieuwe regeling voor de kostenvergoedingen van gemeentebestuurders is een nadere uitwerking van de lijn die is gevolgd bij het ontwerpen van het nieuwe voorzieningenstelsel voor bewindslieden.
In de Belastingherziening 2001 worden de wettelijke regels voor de aftrek van beroepskosten en de onbelaste vergoeding van beroepskosten gewijzigd. Bij de fiscale behandeling van vaste kostenvergoedingen wordt het onderscheid tussen de groep die in (fictieve) dienstbetrekking staat (werknemers) en zij die geen dienstbetrekking hebben (niet-werknemers) nog belangrijker. De mogelijkheid van aftrekbare kosten komt voor werknemers te vervallen. Niet-werknemers behouden de mogelijkheid van aftrekbare kosten, maar komen niet in aanmerking voor een onbelaste vergoeding.
Burgemeesters zijn in dienstbetrekking. Wethouders en raadsleden zijn niet in dienstbetrekking, maar kunnen zoals beschreven voor de loonbelasting opteren en worden in dat geval fiscaal als werknemer aangemerkt (fictief werknemerschap).
Voor de heffing van inkomstenbelasting/premies volksverzekeringen wordt de beloning (bezoldiging of vergoeding voor de werkzaamheden) in aanmerking genomen hetzij als belastbaar loon (ingeval van werknemerschap), hetzij als belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden (ingeval van niet-werknemerschap). Dit onderscheid is van belang voor de genoemde mogelijkheden om onbelaste vergoedingen te ontvangen dan wel beroepskosten te kunnen aftrekken.
Belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden is het gezamenlijk bedrag van het resultaat uit een of meer werkzaamheden die geen belastbare winst of belastbaar loon genereren. Onder deze categorie inkomsten valt hetgeen ambtsdragers genieten indien zij niet (fictief) als werknemer worden aangemerkt. Bij resultaat uit overige werkzaamheden zijn eventuele (vaste) vergoedingen integraal als inkomen belast. Beroepskosten kunnen echter, met inachtneming van een aantal wettelijke beperkingen en normeringen langs dezelfde regels als ondernemers, in mindering op het belastbare resultaat worden gebracht. Genieters van resultaat uit overige werkzaamheden hebben evenals ondernemers een wettelijke admini-stratieverplichting.
Samenvattend leidt het bovenstaande tot het volgende overzicht.
• Vaste kostenvergoedingen
Voor personen die van rechtswege of door daarvoor te opteren fiscaal als werknemer worden aangemerkt en onder de loonbelasting vallen, geldt met betrekking tot hun vaste kostenvergoeding het volgende.
Vaste vergoedingen behoren niet tot het loon voor zover deze naar aard en veronderstelde omvang van de kosten zijn gespecificeerd en daaraan voorts - op verzoek van de inspecteur - een steekproefsgewijs onderzoek van de werkelijk gemaakte kosten tot verwerving van het loon ten grondslag ligt. Daarbij geldt voorts dat zij voor wat betreft het kostenpatroon zijn aan te merken als homogene groep (zie eerdergenoemde vereisten).
b. Niet onder de loonbelasting
Voor functionarissen die niet onder de loonbelasting vallen kan een vaste kostenvergoeding niet meer onbelast worden verstrekt. Elke vergoeding die in verband met verrichte werkzaamheden wordt ontvangen, wordt als belastbaar inkomen beschouwd.
• Aftrekbaarheid kosten
Ambtsdragers die als werknemer worden aangemerkt kunnen bij de aangifte inkomstenbelasting hun werkelijke beroepskosten niet meer aftrekken.
b. Niet onder de loonbelasting
Ambtsdragers die niet als werknemer worden aangemerkt, kunnen bij de aangifte inkomstenbelasting hun werkelijke beroepskosten, met inachtneming van een aantal wettelijke beperkingen en normeringen, in mindering brengen op hun belastbaar inkomen (belastbare resultaat).
Gezien de uitkomsten van het SGBO-onderzoek en de fiscale regels is geconcludeerd dat de onkostenvergoedingen niet meer onbelast kunnen worden verstrekt. In lijn met de benadering voor bewindslieden is voor de nieuwe systematiek de volgende wijze van redeneren gehanteerd:
- welke voorzieningen worden aangeboden door de organisatie (bedrijfsvoering en bestuurskosten);
- welke voorzieningen zijn noodzakelijk voor de uitoefening van het ambt, maar zijn niet rechtstreeks aan te bieden door de organisatie;
- kan voor deze voorzieningen nog een onbelaste vergoeding worden aangeboden?
- voor die voorzieningen die niet onbelast aangeboden kunnen worden, kan een (bruto) vergoeding worden verstrekt.
Bekeken is welke voorzieningen rechtstreeks door de organisatie ter beschikking kunnen worden gesteld. Vervolgens is bezien welke kostensoorten resteren waarvoor een vaste kostenvergoeding toegekend moet worden. Dit betekent dat de (basis van de) huidige regeling voor onkostenvergoedingen aangepast zal moeten worden.
De nieuwe systematiek gaat er vanuit dat een aantal kostencomponenten die momenteel deel uitmaken van de vaste onkostenvergoeding in de gemeentelijk bedrijfsvoering worden ondergebracht en van daaruit beschikbaar gesteld en dat vervolgens het resterende deel van de onkostenvergoeding wordt gebruteerd. De kostensoorten fax/pc en cursussen, congressen worden ondergebracht in de bedrijfsvoering. Dit betekent dat deze zaken in de toekomst geacht worden rechtstreeks door de gemeentelijke organisatie te worden verstrekt. Dit houdt bijvoorbeeld in dat facturen direct door de gemeente worden voldaan of dat genoemde voorzieningen in bruikleen worden gegeven.
Voor die aangelegenheden waarvoor een (bruto) vergoeding worden verstrekt, is het niveau van de huidige vaste kostenvergoedingen als uitgangspunt genomen. Aan de hand van het SGBO-onderzoek is uitgerekend welk percentage van de totale kosten door deze kostensoorten worden bestreken. Dit betekent dat de gemiddelde uitkomsten van het SGBO-onderzoek niet hebben geleid tot bijstelling, nog in opwaartse nog in neerwaartse zin, van de kostenvergoedingen. Het percentage voor de kostensoorten fax/pc en cursussen, congressen is in mindering gebracht op de huidige vaste kostenvergoeding. Het uiteindelijke bedrag van de nieuwe vaste kostenvergoeding is gebruteerd tegen het belastingtarief van 52% middels de volgende formule:
100/48 X de nieuwe ongebruteerde vergoeding.
De brutering heeft geen betrekking hebben op de categorieën ambtsdragers die niet onder het loonbelastingregime vallen en hiervoor ook niet hebben geopteerd. Dit in verband met de aftrekmogelijkheden per 1-1-2001 van de werkelijk gemaakte kosten op het resultaat uit onderneming (zie boven). Deze ambtsdragers ontvangen de vergoeding zonder de brutering.
Voor de uitwerking en de concrete bedragen verwijs ik naar de bijlage bij deze brief.
De gemeenten ontvangen voor de kosten van de brutering compensatie via het Gemeentefonds.
Zowel de VNG als de vertegenwoordiging van de burgemeesters kunnen, zij het met een kanttekening, instemmen met de lijn van de behandeling van de vaste kostenvergoedingen. De kanttekening betreft de componenten die zoals beschreven uit de vaste vergoeding worden gehaald en in verband daarmee de verlaging van de vergoedingen. Over deze kanttekening zal ik nog overleg voeren met de VNG en het GO burgemeesters.
De nieuwe vergoedingsystematiek treedt per 1 januari 2001 in werking. De vereiste aanpassing van de respectievelijke rechtspositiebesluiten zal derhalve met terugwerkende kracht dienen te geschieden. Ik zal u daaromtrent nog nader inlichten. Ik stel echter voor dat u daarop vooruitlopend reeds uitvoering geeft aan de nieuwe regelingen zoals in deze brief beschreven. Ook verzoek ik u deze informatie te doen toekomen aan de respectievelijke bestuurders in uw gemeente.
Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben over de nieuwe vergoedingsystematiek. Voor nadere vragen over het belastingstelsel verwijs ik u naar de belastingdienst. Voor algemene vragen kunt u (gratis) bellen naar de belastingtelefoon 0800 - 0543, op werkdagen van maandag t/m/ donderdag van 8.00 tot 22.00 uur en op vrijdag van 8.00 tot 17.00 uur.
Informatie over het nieuwe belastingstelsel kunt u ook vinden op internet via: http://www.belastingdienst.nl/2001.
Kostenvergoeding burgemeesters

De kostensoorten fax/pc en cursussen, congressen worden ondergebracht in de bedrijfsvoering. Dit betekent dat deze zaken in de toekomst rechtstreeks door de gemeente worden verstrekt. Op grond van de SGBO-gemiddelden uit 1998 is uitgerekend welk percentage van de totale kosten door deze kostensoorten worden bestreken. Dit percentage is in mindering gebracht op de huidige vaste kostenvergoeding.
Het bedrag is vervolgens verhoogd in verband met de consumentenprijsindex. Ingevolge artikel 16, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit burgemeesters 1994, wordt de vergoeding verhoogd, indien consumentenprijsindex geldende voor de maand september is gestegen. Het prijsindexcijfer is gestegen van 109,1 (1999) naar 112,3 (2000), hetgeen een stijging inhoudt van 2,9%.
Het uiteindelijke bedrag van de nieuwe vaste kostenvergoeding is gebruteerd tegen het belastingtarief van 52% middels de volgende formule:
100/48 x de nieuwe ongebruteerde vergoeding.

De kostensoorten fax/pc en cursussen, congressen worden ondergebracht in de bedrijfsvoering. Dit betekent dat deze zaken in de toekomst rechtstreeks door de gemeente worden verstrekt. Op grond van de SGBO-gemiddelden uit 1998 is uitgerekend welk percentage van de totale kosten door deze kostensoorten worden bestreken. Dit percentage is in mindering gebracht op de huidige vaste kostenvergoeding.
Het bedrag is vervolgens verhoogd in verband met de consumentenprijsindex. Ingevolge artikel 25, derde lid, van het rechtspositiebesluit wethouders wordt de vergoeding verhoogd indien de consumentenprijsindex geldend voor de maand september is gestegen. Het prijsindexcijfer is gestegen van 109,1 (1999) naar 112,3 (2000), hetgeen een stijging inhoudt van 2,9%.
Het uiteindelijke bedrag van de nieuwe vaste kostenvergoeding is gebruteerd tegen het belastingtarief van 52% middels de volgende formule:
100/48 x de nieuwe ongebruteerde vergoeding.
De brutering zal geen betrekking hebben op de categorieën ambtsdragers die niet onder het loonbelastingregime vallen en hiervoor ook niet hebben geopteerd. Dit in verband met de aftrekmogelijkheden per 1-1-2001 van de werkelijk gemaakte kosten op het resultaat uit onderneming. Deze ambtsdragers ontvangen de vergoeding zonder de brutering.

De kostensoorten fax/pc en cursussen, congressen worden ondergebracht in de bedrijfsvoering. Dit betekent dat deze zaken in de toekomst rechtstreeks door de gemeente worden verstrekt. Op grond van de SGBO-gemiddelden uit 1998 is uitgerekend welk percentage van de totale kosten door deze kostensoorten worden bestreken. Dit percentage is in mindering gebracht op de huidige vaste kostenvergoeding.
Het bedrag is vervolgens verhoogd in verband met de consumentenprijsindex. Ingevolge artikel 2, derde lid, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, wordt de vergoeding verhoogd, indien consumentenprijsindex geldende voor de maand september is gestegen. Het prijsindexcijfer is gestegen van 109,1 (1999) naar 112,3 (2000), hetgeen een stijging inhoudt van 2,9%.
Het uiteindelijke bedrag van de nieuwe vaste kostenvergoeding is gebruteerd tegen het belastingtarief van 52% middels de volgende formule:
100/48 x de nieuwe ongebruteerde vergoeding.
De brutering de brutering heeft geen betrekking hebben op de categorieën ambtsdragers die niet onder het loonbelastingregime vallen en hiervoor ook niet hebben geopteerd. Dit in verband met de aftrekmogelijkheden per 1-1-2001 van de werkelijk gemaakte kosten op het resultaat uit onderneming. Deze ambtsdragers ontvangen de vergoeding zonder de brutering.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2001-4-p6-SC27258.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.