Ontheffing verbodsbepaling m.b.t. medegebruik militair luchtvaartterrein
ANWB Medical Air Assistance B.V.
18 december 2000
Nr. B 2000055963
Staf van de Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten Stafgroep Juridische
Zaken
De Staatssecretaris van Defensie en de Minister van Verkeer en Waterstaat,
Gelezen het verzoek van ANWB Medical Air Assistance B.V., kenmerk FOM/077/2000,
d.d. 23 oktober 2000;
Gelet op artikel 34, tweede lid, van de Luchtvaartwet;
Besluiten:
Artikel 1
1. Aan de gezagvoerders van de hefschroefvliegtuigen van ANWB, Medical
Air Assistance BV te Voorschoten, voorzien van de registraties PH-KHD, PH-KHE
en D-HHBG, wordt ontheffing verleend van de verbodsbepaling van artikel 34,
eerste lid, onder a, van de Luchtvaartwet met betrekking tot het medegebruik
van de militaire luchtvaartterreinen Leeuwarden, Twenthe, Gilze-Rijen, Soesterberg,
Eindhoven, Woensdrecht, Valkenburg en De Kooy tot wederopzegging, doch uiterlijk
tot 01 januari 2002.
2. De ontheffing in het eerste lid wordt verleend voor alle operationeel
noodzakelijke humanitaire reddingsvluchten, niet zijnde trainingsvluchten,
gedurende de reguliere openstellingstijden.
3. Voor de militaire luchtvaartterreinen Gilze-Rijen en Soesterberg wordt
tevens ontheffing verleend voor dag- en avond-trainingsvluchten, gedurende
de openstellingstijden. Dergelijke vluchten kunnen alleen worden uitgevoerd
indien minimaal 24 uur voorafgaand aan de vlucht een verzoek daartoe wordt
ingediend bij het coördinatiecentrum van het betreffende luchtvaartterrein
4. Van de platformvoorzieningen van de militaire luchtvaartterreinen Eindhoven,
Twenthe en De Kooy kan slechts gebruik worden gemaakt gedurende de vastgestelde
openstellingstijden, wanneer géén gebruik kan worden gemaakt
van de platformvoorzieningen van het civiele gedeelte van de luchthavens aldaar.
Artikel 2
Van deze ontheffing mag slechts gebruik worden gemaakt nadat de vereiste
privaatrechtelijke vergunning is verleend en met inachtneming van de daarbij
gestelde voorwaarden.
Artikel 3
Aan deze ontheffing zijn verbonden de Algemene en Bijzondere Voorwaarden
betreffende het medegebruik van militaire luchtvaartterreinen door derden,
zoals vastgesteld in de ministeriële beschikking van 08 mei 1967, nr.
202.620/11k, nadien gewijzigd.
Artikel 4
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2001.
`s-Gravenhage, 18 december 2000.
De Staatssecretaris van
Defensie,voor deze:
het Hoofd Stafgroep Juridische Zaken van
de Staf van de Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten,
S. van Groningen,
kolonel.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,voor deze:
Manager
Unit Infrastructuur,
D.C. Esveld.
Tegen dit besluit kunnen belanghebbenden, op grond van de Algemene wet
bestuursrecht, binnen zes weken na de dag waarop het besluit bekend is gemaakt,
een bezwaarschrift indienen bij de Staatssecretaris van Defensie, t.a.v. de
Commissie Advisering Bezwaarschriften Defensie, postbus 20701, 2500 ES 's-Gravenhage.
Toelichting
In de Luchtvaartwet wordt voor de toepassing van het bij of krachtens
de Luchtvaartwet bepaalde, verstaan onder `Onze Minister' voor wat betreft
de burgerluchtvaart en de algemene verkeersveiligheid in de lucht betreft,
Onze Minister van Verkeer en Waterstaat. Voor wat de militaire luchtvaart
betreft wordt onder `Onze Minister', de Minister van Defensie verstaan. Op
een verzoek tot medegebruik van een militair luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen
zal de Minister van Defensie moeten beoordelen of hij het militaire luchtvaartterrein
wil openstellen. De Minister van Verkeer en Waterstaat zal moeten beoordelen
of het medegebruik van het militaire luchtvaartterrein door burgerluchtvaartuigen
voldoet aan de voor de burgerluchtvaart geldende veiligheidseisen.
De Ministers van Verkeer en Waterstaat en Defensie zijn overeengekomen
gezamenlijk een regeling te ontwikkelen waarin ieders verantwoordelijkheid
tot uiting komt. Het project Burgermedegebruik Militaire Luchtvaartterreinen
(BML) voorziet hierin. Binnen afzienbare tijd zal de regeling gereed zijn.
Onderhavige ontheffing past in het huidige beleid van de betrokken ministeries.
Dit beleid is op dit moment volop in ontwikkeling. Voorzover dit beleid in
het kader van de herziening van de Luchtvaartwet, de in procedure gebrachte
structuurschema's militaire terreinen 2 en Regionale en Kleine Luchtvaart
en de in ontwikkeling zijnde regeling burgermedegebruik militaire luchtvaartterreinen
zodanig zal worden gewijzigd dat dit rechtstreeks van invloed is op dit besluit,
zal door middel van een wijzigingsbesluit tot aanpassing worden overgegaan,
of wordt een soortgelijke ontheffing niet voor een nieuwe periode afgegeven.
Onderhavig besluit geeft enkel ontheffing van het verbod tot gebruik van
een militair luchtvaartterrein. Indien en voorzover commerciële vluchten
worden uitgevoerd dient hiervoor een separate ontheffing te worden aangevraagd.
Een aanvraag voor een dergelijke ontheffing kan geschieden via: Sita: HAGRLXH;
Fax: ++31204054719; AFTN telex: EHGVYAYX.