Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Verkeer en WaterstaatStaatscourant 2001, 250 pagina 91Besluiten van algemene strekking

Regeling tarieven markeringsdiensten continentaal plat 2002

20 december 2001

Nr. RWS/DNZ/MV5871

Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel 10, tweede lid, van de Mijnwet continentaal plat;

Besluit:

Artikel 1

a. In deze regeling wordt verstaan onder:

betonningsmateriaal: boeien, met inbegrip van onder meer verankering, verlichting en voedingsbronnen, die toebehoren aan de Staat;

b. betonningswerkzaamheden: het uitleggen van betonningsmateriaal ten behoeve van de vergunninghouder op een aangegeven locatie, met inbegrip van onderhoud en controle, het opheffen van storingen, alsmede het opnemen van het uitgelegde betonningsmateriaal.

Artikel 2

1. De door de vergunninghouder verschuldigde bedragen ter vergoeding van de kosten die als gevolg van het krachtens de vergunning instellen van een opsporingsonderzoek of het winnen van aardolie of aardgas voor betonningswerkzaamheden zijn gemaakt ter beveiliging van de scheepvaart en van voor genoemde werkzaamheden dienende mijnbouwinstallaties, worden per jaar berekend op basis van de in de bijlage, onder a en b, genoemde tarieven.

2. Voor kortlopende opdrachten inzake het uitleggen en het opnemen van betonningsmateriaal worden de kosten van vaar- en werkuren apart in rekening gebracht op basis van de in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven. Daarnaast wordt per object een vaste bijdrage voor het onderhoud berekend alsmede een variabele bijdrage voor de kosten van die markeringen op dagbasis. Deze bijdragen worden berekend op basis van de in de bijlage, onder b, genoemde tarieven.

Artikel 3

Indien op een locatie betonningsmateriaal wordt opgenomen met de bedoeling om het op dezelfde locatie opnieuw uit te leggen, worden de kosten van het opnemen en het opnieuw uitleggen van het materiaal apart in rekening gebracht op basis van de in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven en de overige gemaakte werkelijke kosten.

Artikel 4

1. De kosten van het verplaatsen van uitliggend betonningsmateriaal worden apart in rekening gebracht op basis van de in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven en de overige werkelijke kosten.

2. De kosten van het treffen van noodzakelijke extra voorzieningen of het verrichten van noodzakelijke extra werkzaamheden worden in rekening gebracht op basis van de in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven en de overige gemaakte werkelijke kosten.

Artikel 5

Indien er in verband met betonningswerkzaamheden een vergeefse reis wordt gemaakt door toedoen of nalatigheid van de vergunninghouder, worden de kosten daarvan op basis van de in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven in rekening gebracht.

Artikel 6

1. De in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven zijn gebaseerd op een uurtarief, met dien verstande dat de gevaren tijd wordt afgerond op (een veelvoud van) 15 minuten.

2. In het geval dat de opdracht wordt uitgevoerd in combinatie met of in aansluiting op planmatige werkzaamheden ten behoeve van de directie Noordzee van Rijkswaterstaat, worden de kosten van de extra benodigde werktijd in rekening gebracht alsmede een toeslag van een vaaruur per opdracht.

3. Indien een vaartuig gedurende het weekend of op feestdagen wordt ingezet voor het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van de vergunninghouder, worden de kosten in rekening gebracht op basis van de in de bijlage, onder a, genoemde vaaruurtarieven met een toeslag.

Artikel 7

De Regeling tarieven Vaarwegmarkeringsdienst continentaal plat 2000 wordt ingetrokken.

Artikel 8

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2002.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tarieven markeringsdiensten continentaal plat 2002.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,J.M. de Vries.

Toelichting

In de onderhavige regeling zijn de tarieven opgenomen die verschuldigd zijn aan de directie Noordzee voor markeringsdiensten ten behoeve van de opsporing of winning van delfstoffen uit hoofde van een vergunning op grond van de Mijnwet continentaal plat. Het gaat om diensten die thans worden verricht door de directie Noordzee van de Rijkswaterstaat, in plaats van de voormalige Vaarwegmarkeringsdienst. Inhoudelijk zijn er slechts enkele wijzigingen ten opzichte van de Regeling tarieven Vaarwegmarkeringsdienst continentaal plat 2000.

De vaste jaartarieven (per blok van het NCP) en het onderscheid in het soort vaartuig zijn komen te vervallen. Reden hiertoe is om op basis van een planmatig en efficiënte inzet van middelen een meer transparante toerekening van de werkelijk gemaakte kosten naar de gebruiker te bewerkstelligen.

De tarieven zijn, op één uitzondering na, rekenkundig afgerond op hele euro's. De uitzondering betreft de in artikel 2 bedoelde bijdrage op dagbasis voor de kosten van de diverse markeringen afgerond op een veelvoud van tien eurocent.

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,

J.M. de Vries.

Bijlage

a. Tarieven vaaruren in euro's (inclusief personeelskosten) als bedoeld in de artikelen 2, 3, 4 en 5

stcrt-2001-250-p91-SC32599-1.gif

De tijd besteed aan laden en lossen worden met de vergunninghouder verrekend tegen het vaaruurtarief voor normale werkdagen.

b. Tarieven markeringen als bedoeld in artikel 2

stcrt-2001-250-p91-SC32599-2.gif