Metalektro

Verbindendverklaring gewijzigde CAO-bepalingen;

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

ALGEMEEN VERBINDENDVERKLARING VAN GEWIJZIGDE BEPALINGEN VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST IN DE METALEKTRO

AI Nr. 9660

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelezen het verzoek van de Stichting Centraal Secretariaat Metaal- en Elektrotechnische Industrie (CESMETEL) en de Stichting Raad van Overleg in de Metaal- en Elektrotechnische Industrie (ROM) namens de Vereniging FME-CWM, vereniging van ondernemingen in de metaal-, kunststof-, elektronika- en elektrotechnische industrie en aanverwante sectoren als partij te ener zijde mede namens FNV Bondgenoten, CNV Bedrijvenbond en De Unie als partijen te anderer zijde bij de collectieve arbeidsovereenkomst in de Metalektro, strekkende tot algemeen verbindendverklaring van gewijzigde bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst;

Overwegende,

dat de wijziging van genoemde collectieve arbeidsovereenkomst in werking is getreden;

dat van het verzoek tot algemeen verbindendverklaring mededeling is gedaan in de Staatscourant;

dat naar aanleiding van dit verzoek geen schriftelijke bedenkingen zijn ingebracht;

dat de bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst gelden voor een belangrijke meerderheid van de in de bedrijfstak werkzame personen;

Overwegende ten aanzien van de artikelen 1.5 en 1.6 van de CAO:

Genoemde artikelen bieden ondernemingen de mogelijkheid om bij eigen aparte CAO tussentijds en ook in voor werknemers ongunstige zin af te wijken van een aantal bepalingen in de CAO Metalektro. Dit onder de voorwaarde dat die eigen aparte CAO uitsluitend kan worden aangegaan met de vakverenigingen die betrokken zijn bij de CAO Metalektro;

In de overwegingen bij het besluit tot algemeen verbindendverklaring (AVV) van bepalingen van de CAO Metalektro d.d. 15 december 2000, Stcrt. 2000, nr. 244, is geformuleerd dat AVV van de hiervoor genoemde voorwaarde te zeer inbreuk maakt op fundamentele arbeidsnormen, te weten het recht op vrijheid van organisatie en het recht op onderhandelingsvrijheid, zoals onder meer vastgelegd in de ILO-verdragen 87 en 98. Na kenbaar maken aan CAO-partijen van dit bezwaar hebben deze de genoemde artikelen buiten het toen voorliggende AVV-verzoek gehouden;

Nadien hebben CAO-partijen en het ministerie, in het kader van het vinden van een structurele oplossing in dezen, in een gezamenlijke adviesaanvraag aan een commissie van externe deskundigen de vraag voorgelegd of AVV van de artikelen 1.5 en 1.6 van de CAO Metalektro zich verdraagt met de eerder gememoreerde fundamentele arbeidsnormen. De commissie heeft deze vraag bevestigend beantwoord;

De conclusie van de commissie heeft voor ondergetekende zwaar meegewogen bij de beoordeling van het onderhavige verzoek tot AVV;

Hierbij zij aangetekend dat het advies bij ondergetekende nog enkele vragen oproept waar het de onderbouwing van de conclusies betreft. Aan de commissie is verzocht daar nader op in te gaan. Deze vragen zijn nog niet beantwoord. Hoewel dit de besluitvorming inzake het onderhavige AVV-verzoek niet in de weg staat, is duidelijk dat het antwoord op de vragen van belang is voor toekomstige besluiten tot AVV en de onderbouwing daarvan;

Gelet op de artikelen 2, 4 en 5 van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten;

Besluit:

I. Trekt in zijn besluit van 15 december 2000 (Stcrt. 2000, nr. 244) en van 14 augustus 2001 (Stcrt 2001, nr. 158), voor zover daarin werd overgegaan tot het algemeen verbindend verklaren van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst in de Metalektro, zulks met inachtneming van hetgeen onder V en VI is bepaald;

II. Verklaart algemeen verbindend tot en met 30 juni 2002 de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst in de Metalektro, eerder algemeen verbindend verklaard bij besluit van 15 december 2000 (Stcrt. 2000, nr. 244) en van 14 augustus 2001 (Stcrt. 2001, nr. 158), zulks met inachtneming van de navolgende door partijen toegevoegde bepalingen en van hetgeen onder III, IV, V en VI is bepaald:

Artikel 1.5 is toegevoegd als volgt:

„Artikel 1.5 MetalektroB-CAO

Geldend vanaf 1 januari 2001

  • 1. Bij of krachtens een CAO met bij deze overeenkomst betrokken vakverenigingen kan worden afgeweken van de B-bepalingen in deze overeenkomst. Die CAO wordt hierna aangeduid als „MetalektroB-CAO", afgekort „MB-CAO". Van de A-bepalingen in deze CAO kan bij MB-CAO slechts in voor werknemers gunstige zin worden afgeweken.

  • 2. Een bij deze overeenkomst betrokken vakvereniging kan er van afzien betrokken te zijn bij het overeenkomen van de in het vorige lid bedoelde MB-CAO.

  • 3. De bepalingen in de MB-CAO treden voorzover nodig in de plaats van de betreffende bepalingen in deze overeenkomst.

  • 5. In een MB-CAO kan worden bepaald wat de consequenties zijn van wijzigingen in B-bepalingen van deze CAO voor de lopende MB-CAO.

  • 6. De werkgever stelt de betrokken werknemers schriftelijk in kennis van de gesloten MB-CAO, van de bepaling(en) van deze overeenkomst waarop de afwijking betrekking heeft, van de ingangsdatum en van de duur van de MB-CAO.

  • 7. Partijen bij de in lid 1 bedoelde MB-CAO melden de MB-CAO aan bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en zenden een exemplaar ter informatie aan de Raad van Overleg in de Metaal- en Elektrotechnische Industrie."

    Artikel 1.6 is toegevoegd als volgt:

„Artikel 1.6

De B-bepalingen van deze CAO zijn van toepassing indien en voorzover daarvan niet in de onderneming bij of krachtens een MB-CAO is afgeweken."

Bijlage K is toegevoegd als volgt:

„BIJLAGE K

Overzicht A- en B-bepalingen

HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN
   
Artikel 1.1DefinitiesA-bepaling
Artikel 1.2WerkingssfeerA-bepaling
Artikel 1.3Bijzondere bepalingen werkingssfeerA-bepaling
Artikel 1.4Gunstiger en andere bepalingen/FlexibiliseringA-bepaling
Artikel 1.5MetalektroB-CAOA-bepaling
Artikel 1.6Toepassing B-bepalingenA-bepaling
   
HOOFDSTUK 2 ARBEIDSDUUR EN WERKTIJDEN
   
§ 1. Arbeidsduur
   
Artikel 2.1BegrippenA-bepaling
Artikel 2.2BSJA/SJA/BJA/Vrije roosterurenA-bepaling
Artikel 2.3DeeltijdarbeidB-bepaling
Artikel 2.4Meeruren bij deeltijdarbeidB-bepaling
Artikel 2.5Wijziging van de arbeidsduur per dag in de werktijdregelingB-bepaling
   
§ 2. Werktijden
   
Artikel 2.6BegrippenB-bepaling
Artikel 2.7Vaststelling van het dienstroosterB-bepaling
Artikel 2.8Nadere regels inzake de vaststelling van het dienstroosterA-/B-bepaling
Artikel 2.9Vaststelling vrije roostertijdB-bepaling
Artikel 2.10Overlegprocedure bij overwerkB-bepaling
Artikel 2.11Overlegprocedure bij ploegendienstB-bepaling
Artikel 2.12ConsignatiedienstB-bepaling
§ 3. Afwijkingen
   
Artikel 2.13TijdsparenB-bepaling
Artikel 2.14TijdspaarregelingB-bepaling
   
HOOFDSTUK 3 BEGIN EN EINDE DIENSTVERBAND
   
Artikel 3.1Bevestiging van proeftijd en aanstellingB-bepaling
Artikel 3.2OpzeggingB-bepaling
Artikel 3.3Te veel genoten vakantieB-bepaling
Artikel 3.4Nog niet genoten vakantieB-bepaling
Artikel 3.5Beëindiging dienstverbandB-bepaling
Artikel 3.6Vrije roostertijdB-bepaling
   
HOOFDSTUK 4 SALARISBEPALINGEN
   
Artikel 4.1Salarisgroepen; functielijstB-bepaling
Artikel 4.2Indeling van de functies in de ondernemingB-bepaling
Artikel 4.3Indeling van de werknemersB-bepaling
Artikel 4.4SalariëringA-/B-bepaling
Artikel 4.5OndernemingssalarissystemenB-bepaling
Artikel 4.6BegrippenA-bepaling
Artikel 4.7Bijzonder verzuimB-bepaling
Artikel 4.8Wijziging salarisgroep en/of eventuele nevencodeB-bepaling
Artikel 4.9Her- en omscholingB-bepaling
Artikel 4.10ZiektekostenverzekeringB-bepaling
Artikel 4.11Pensioengerechtigde werknemersB-bepaling
Artikel 4.12Betaling van arbeid in ploegenB-bepaling
Artikel 4.13Betaling van continuarbeidB-bepaling
Artikel 4.14Meeruren en overurenB-bepaling
Artikel 4.15Doorlopende werkzaamhedenB-bepaling
Artikel 4.16Toeslag voor afwijkende werktijdB-bepaling
Artikel 4.17Betaling van overwerk bij continuarbeidB-bepaling
   
HOOFDSTUK 5 VAKANTIE
   
§ 1. Algemene bepalingen
   
Artikel 5.1OmschrijvingB-bepaling
Artikel 5.2Doorbetaling en verrekening gedurende het dienstverbandB-bepaling
§ 2. Het verdienen van vakantierechten
   
Artikel 5.3VakantierechtenB-bepaling
Artikel 5.4Extra vakantie wegens langdurig dienstverbandB-bepaling
Artikel 5.5Extra vakantie voor jeugdigenB-bepaling
Artikel 5.6Extra vakantie voor seniorenB-bepaling
Artikel 5.7Het verdienen van vakantiedagen gedurende het kalenderjaarB-bepaling
   
§ 3. Het genieten van vakantie
   
Artikel 5.8VaststellingsprocedureB-bepaling
Artikel 5.9Data van de vakantieB-bepaling
Artikel 5.10ZaterdagenB-bepaling
   
§ 4. Het vervallen van vakantierechten
   
Artikel 5.11VerjaringB-bepaling
   
§ 5. Vakantietoeslag
   
Artikel 5.12VakantietoeslagA-bepaling
   
HOOFDSTUK 6 VERZUIM
   
Artikel 6.1Kort verzuimB-bepaling
Artikel 6.2Uitkering bij werkloosheid tijdens dienstverbandB-bepaling
Artikel 6.3Bijzonder verlof voor werknemers die lid zijn van de vakverenigingA-/B-bepaling
Artikel 6.4Verlof zonder behoud van salarisB-bepaling
Artikel 6.5Uitkering bij arbeidsongeschiktheidA-bepaling
Artikel 6.6Vrijaf na overwerkB-bepaling
Artikel 6.7Vakopleiding en vormingB-bepaling
HOOFDSTUK 7 PENSIOENREGELING
   
Artikel 7.3OverlijdensuitkeringA-bepaling
   
HOOFDSTUK 8 KARWEIWERK
   
Artikel 8.1KarweiwerkzaamhedenB-bepaling
Artikel 8.2Reis- en verblijfkostenB-bepaling
   
HOOFDSTUK 9 DIVERSE BEPALINGEN
   
Artikel 9.1Niet in dienst zijnde werknemersA-/B-bepaling
Artikel 9.3Wijziging van gereglementeerde winstdelingsregelingB-bepaling
Artikel 9.4Sociaal beleidB-bepaling
   
HOOFDSTUK 10 SLOTBEPALINGEN
   
Artikel 10.5Bondswerk in de ondernemingB-bepaling
Artikel 10.6Fusie, reorganisatie, sluiting, inschakeling van OrganisatiebureausB-bepaling
Artikel 10.9WijzigingenA-bepaling
Artikel 10.11KinderopvangA-bepaling
Artikel 10.12Opleiding en ArbeidsmarktA-bepaling
   
BIJLAGEN   
   
Bijlage CRegeling Bijdrage KinderopvangA-bepaling
Bijlage GToeslagenpercentages" 

III. Het is de werkgever toegestaan om in het kader van een verzoek om ontheffing als bedoeld in artikel 8, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945, af te wijken van de onder II opgenomen bepaling(en) houdende een mutatie van het loon voorzover de onverkorte toepassing van die bepaling(en) de verlening van een ontheffing in de weg zou staan om reden dat de personeelskosten van de betrokken onderneming onvoldoende zijn gematigd.

IV. Indien en voor zover de onder II opgenomen bepalingen strijdig zijn met bij of krachtens de wet gestelde of te stellen regelen, prevaleren deze regelen.

V. Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van publicatie in de Staatscourant en heeft geen terugwerkende kracht.

VI. Dit besluit wordt gepubliceerd door plaatsing in een bijvoegsel bij de Staatscourant.

's-Gravenhage, 2 november 2001

C. J. Meerhof.

Naar boven