Aanwijzing rijksgecommitteerden en leden keuringscommissies politiespeurhonden

15 mei 2001

Nrs. EA2001/U66219 en 5097561/501/GBJ

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Justitie,

Gelet op artikel 1, onder e, van de Regeling politiespeurhonden 1997 en artikel 4, eerste lid, van de Regeling politiesurveillancehonden 1999;

Besluiten:

Artikel 1

Als rijksgecommitteerden voor de politiespeurhonden worden aangewezen:

a. J.C. Zoodsma, commandant Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

b. N.J. Ram, instructeur opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

c. J.M. Schreijer, Belastingdienst/Directie Douane;

d. A.R.L. Massop, coördinator opleidingen Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

e. J.P. Klootwijk, hoofd opleiding hondengeleiders Divisie Spoorwegpolitie van het Korps landelijke politiediensten.

Artikel 2

De keuringscommissie voor de politiespeurhond menselijke geur bestaat uit de volgende leden:

a. A.R. de Vreugd, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

b. A.C. Feitz, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

c. G. Harmsen, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

d. J.E. van de Peet, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

e. A.J. Prins, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

f. H. Timmermans, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

g. A.J. Callemeijn, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

h. J.H. de Haas, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

i. Th.A. Ophuis, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

j. A.B. Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

k. A.M.J. van der Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond.

Artikel 3

De keuringscommissie voor de politiespeurhond verdovende middelen bestaat uit de volgende leden:

a. A.R. de Vreugd, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

b. A.C. Feitz, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

c. G. Harmsen, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

d. J.E. van de Peet, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

e. A.J. Prins, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

f. H. Timmermans, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

g. B. Eekhof, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

h. A.J. Callemeijn, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

i. J.H. de Haas, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

j. Th.A. Ophuis, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

k. A.B. Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

l. A.M.J. van der Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

m. J.G. Schaafsma, geleider bij het regionale politiekorps Noord- en Oost-Gelderland;

n. L. Boer, geleider bij het regionale politiekorps Gelderland-Midden;

o. N. Neef, geleider bij het regionale politiekorps Zaanstreek-Waterland;

p. P.M. Vermeulen, regionaal politiekorps Amsterdam-Amstelland;

q. L.C.E. Warnies, Belastingdienst/Directie Douane;

r. P. van Zanten, Belastingdienst/Directie Douane.

Artikel 4

De keuringscommissie voor de politiespeurhond explosieven bestaat uit de volgende leden:

a. A.R. de Vreugd, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

b. A.C. Feitz, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

c. G. Harmsen, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

d. J.E. van de Peet, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

e. A.J. Prins, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

f. B. Eekhof, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

g. A.J. Callemeijn, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

h. J.H. de Haas, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

i. Th.A. Ophuis, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

j. A.M.J. van der Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

k. A.B. Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

l. M.J.M. Rutzerveld, geleider District Koninklijke Marechaussee Schiphol;

m. R. van Vulpen, geleider District Koninklijke Marechaussee Schiphol.

Artikel 5

De keuringscommissie voor de politiespeurhond stoffelijke resten (lijken) bestaat uit de volgende leden:

a. A.B. Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

b. A.J. Callemeijn, africhter Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

c. A. van de Hoek, geleider opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

d. L. Boer, geleider bij het regionale politiekorps Gelderland-Midden;

e. L. Amersfoort, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

f. R. Versluis, africhter/geleider Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten.

Artikel 6

Als rijksgecommitteerden voor de politiesurveillancehond worden aangewezen:

a. J.P. Klootwijk, hoofd opleiding hondengeleiders Divisie Spoorwegpolitie van het Korps landelijke politiediensten;

b. J.C. Zoodsma, hoofd Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

c. N.J. Ram, instructeur opleidingsinstituut politiehonden van het regionale politiekorps Rotterdam-Rijnmond;

d. A.R.L. Massop, coördinator opleidingen Afdeling Speurhonden van de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten;

e. H. Herman, hoofd opleiding diensthonden van het regionale politiekorps Utrecht;

f. S. Brugman, instructeur-hondengeleider bij het regionale politiekorps Amsterdam-Amstelland;

g. L. Roosjen, hoofdinspecteur van politie bij het regionale politiekorps Gooi en Vechtstreek;

h. M.M.J. Peerboom, hoofdagent van politie bij het regionale politiekorps Limburg-Zuid;

i. H.B.J. Rikkerink, 1e luitenant bij de Koninklijke Marechaussee;

j. J. Bross, inspecteur van politie bij het regionale politiekorps Haaglanden.

Artikel 7

De `Regeling aanwijzing leden keuringscommissies politiespeurhonden 1998' wordt ingetrokken.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juni 2001.

Artikel 9

Dit besluit wordt met toelichting in de Staatscourant geplaatst.

Den Haag, 15 mei 2001.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,K.G. de Vries.
De Minister van Justitie,A.H. Korthals.

Toelichting

In de Regeling politiespeurhonden 1997 wordt onderscheid gemaakt tussen een aantal disciplines speurhonden. In deze regeling wordt ook een kader gegeven voor de keuring van de combinaties honden en geleiders. De aanwijzing van de rijksgecommitteerden en van de leden van de keuringscommissies dient volgens de Regeling politiespeurhonden 1997 afzonderlijk te geschieden. Het onderhavige besluit strekt daartoe en geeft een geactualiseerd overzicht van degenen die met betrekking tot de politiespeurhonden zijn aangewezen als rijksgecommitteerde en de samenstelling van de keuringscommissies. Tevens bevat het besluit een geactualiseerd overzicht van rijksgecommitteerden voor de politiesurveillancehond.

Dit besluit vervangt de regeling aanwijzing leden keuringscommissie politiespeurhonden, nrs. EA98/U2390 en 707188/598/GBJ. Diverse rijksgecommitteerden en leden van de keuringscommissies zijn vervangen. Ook zijn er inhoudelijke en tekstuele wijzigingen aangebracht. In verband met de leesbaarheid is niet gekozen voor een besluit waarin de aanpassingen zijn weergegeven, maar voor een geheel nieuw besluit met bijbehorende toelichting.

De keuringseisen die door de keuringscommissies worden gehanteerd, zijn opgenomen in op basis van de Regeling politiespeurhonden 1997 opgestelde keuringsreglementen. Deze reglementen (menselijke geur, verdovende middelen, explosieven en stoffelijke resten (lijken)) zijn verkrijgbaar bij de Dienst Levende Have Politie van het Korps landelijke politiediensten.

Den Haag, 15 mei 2001.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

K.G. de Vries.

De Minister van Justitie,

A.H. Korthals.

Naar boven