Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Sociale VerzekeringsbankStaatscourant 2000, 91 pagina 16Besluiten van algemene strekking

Besluit Beleidsregels SVB 2000

28 april 2000

Het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank,

Gelet op artikel 25, eerste en derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, artikel 8a van de Remigratiewet en artikel 13 van de Regeling tegemoetkoming onderhoudskosten thuiswonende gehandicapte kinderen 2000;

Besluit:

Artikel 1

1. Bij de uitvoering van de in artikel 25 van Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 genoemde wetten, de Remigratiewet, de Regeling tegemoetkoming onderhoudskosten thuiswonende gehandicapte kinderen 2000 alsmede de Regeling Tegemoetkoming Asbestslachtoffers en de Regeling College voor zorgverzekeringen subsidiëring persoonsgebonden budget 2000, past de Sociale Verzekeringsbank het beleid toe dat is neergelegd in de als bijlage bij dit besluit gevoegde publicatie SVB Beleidsregels 2000.

2. In afwijking van het eerste lid past de Sociale Verzekeringsbank van de aldaar genoemde bijlage Deel I, paragraaf 1.3.5.1 eerst toe met ingang van 1 januari 2001.

3. In afwijking van het tweede lid blijft op personen die op 1 oktober 1999 in Nederland wonen en op die datum recht op kinderbijslag hebben omdat zij geacht worden één huishouden te vormen met hun in het buitenland verblijvende gezin, Deel II, paragraaf 1.3.5 van de Beleidsregels SVB 1999 van toepassing tot 1 juli 2001.

Artikel 2

1. De Beleidsregels Sociale Verzekeringsbank 1999, zoals vastgesteld door het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank bij besluit van 25 juni 1999 (Stcrt. 1999, 133), worden ingetrokken.

2. In afwijking van het eerste lid wordt paragraaf 1.3.5 van Deel II van de Beleidsregels SVB 1999 ingetrokken met ingang van 1 januari 2001.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als Besluit Beleidsregels SVB 2000.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlage, die ter inzage wordt gelegd. Van deze terinzagelegging zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Aldus vastgesteld door het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank op 28 april 2000.


G.H. Terpstra, voorzitter.
P.A. Schaafsma, president-directeur.

Toelichting

Dit besluit heeft betrekking op een integrale herziening van de door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) gepubliceerde Beleidsregels 1999. Het bevat formele regels met betrekking tot de vaststelling en inwerkingtreding van de bij dit besluit vastgestelde beleidsregels en de intrekking van het voorgaande besluit inzake beleidsregels.

In verband met de vele wijzigingen ten opzichte van de vorige publicatie van de beleidsregels, is gekozen voor intrekking van de oude beleidsregels en vaststelling van een integrale herziene versie. De nieuwe beleidsregels die gevormd zijn naar aanleiding van wetswijzigingen hebben in de periode tussen invoering van die wetgeving en de publicatie van dit besluit de status van interne gedragslijn.

Ten aanzien van de temporele werkingssfeer van de Beleidsregels is in artikel 3 van het besluit een uitzondering gemaakt ten behoeve van de situatie waarin een persoon in Nederland woont en zijn gezin in het buitenland woont. Voor een toelichting op deze uitzondering wordt verwezen naar de bijzondere opmerkingen ten aanzien van Deel I van de Beleidsregels hieronder.

De beleidsregels zijn vastgelegd in de als bijlage bij dit besluit gepubliceerde bundel ‘Beleidsregels SVB 2000’.

In de Inleiding van de publicatie wordt een overzicht gegeven van de inhoud, de status en de werking van de beleidsregels. In Deel I zijn regels opgenomen over de AOW, de Anw, de AKW, de Remigratiewet, de TOG 2000, de TAS en de PGB. Deel II bevat regels ter zake van de toepassing van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het derde Deel ten slotte behelst de toepassing van regelingen van de EU (de Verordeningen (EEG) 1408/71 en 574/72, enkele Samenwerkingsovereenkomsten tussen de EU en derde landen en EG-Richtlijn 79/7) alsmede van diverse bilaterale verdragen inzake sociale zekerheid.

Status en werking van de beleidsregels

Bij de ontwikkeling van de beleidsregels heeft de SVB zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de bepalingen die in de derde tranche van de Awb over dit onderwerp zijn opgenomen.

De wetgever is er bij de totstandkoming van de derde tranche van de Awb van uitgegaan dat het vanuit een oogpunt van algemene kenbaarheid wenselijk is dat bestuursorganen hun bestendige bestuurspraktijk in beleidsregels neerleggen. Er is geen verplichting tot het vaststellen van dergelijke regels opgenomen in de Awb. Niettemin is het wel de bedoeling van de wetgever dat bestuursorganen ertoe overgaan hun beleid zoveel mogelijk te publiceren. Daarbij wordt verwacht dat het nieuwe artikel 4:82 Awb, waarin is bepaald dat, indien een beleidsregel is vastgesteld en bekendgemaakt, bij de motivering van besluiten met een verwijzing naar de beleidsregel kan worden volstaan, bestuursorganen in voldoende mate zal aanmoedigen om beleidsregels vast te stellen en bekend te maken. De SVB tracht door voortdurende uitbreiding en actualisering van haar beleidsregels en door bekendmaking daarvan aan de bedoelingen van de wetgever tegemoet te blijven komen.

In het vierde lid van artikel 1:3 Awb zijn beleidsregels gedefinieerd als: ‘een bij besluit vastgestelde algemene regel, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift, omtrent de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan’.

De SVB tracht bij de ontwikkeling van haar beleidsregels aansluiting bij deze definitie te zoeken. Dit betekent dat de regels niet uitsluitend betrekking hebben op de toepassing van zuiver discretionaire bepalingen (zogenaamde ’kan-bepalingen’), maar ook op de uitleg van wettelijke bepalingen in situaties waarin deze meerdere interpretaties toestaan. Ook ten behoeve van een uniforme uitleg van jurisprudentie zijn regels geformuleerd.

De beleidsregels zoals die door de SVB worden gehanteerd, zijn ook neergelegd in handleidingen gericht aan de vestigingen van de SVB. Deze handleidingen bevatten echter tevens vele administratieve en procedurele instructies. Dergelijke instructies hebben een zuiver intern karakter en worden veelvuldig aangepast, waardoor ze niet geschikt zijn voor bekendmaking aan derden. In deze publicatie worden de beleidsregels weergegeven zonder de interne administratieve en procedurele aspecten.

Hoewel burgers de SVB op de beleidsregels kunnen aanspreken, mogen deze niet op een lijn worden gesteld met algemeen verbindende voorschriften, zelfs niet nu ze formeel aan derden bekend zijn gemaakt en uit dien hoofde moeten worden beschouwd als ‘recht’ in de zin van artikel 99 van de Wet op de Rechterlijke Organisatie. Zo is de SVB op grond van artikel 4:84 Awb verplicht van een beleidsregel af te wijken in gevallen waarin toepassing van de beleidsregel voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. Voorzover zuiver wetsinterpreterende regels aan de orde zijn, zal de gehoudenheid tot afwijking overigens eerder aan de orde komen naarmate de desbetreffende wettelijke norm vager is en meer beoordelingsvrijheid aan de SVB toestaat. Voorts zijn gevallen denkbaar waarin zulke bijzondere omstandigheden spelen dat zij niet meer behoren tot de categorie van gevallen waarop de SVB bij de totstandkoming van de beleidsregel het oog heeft gehad. In dergelijke gevallen is de beleidsregel niet van toepassing en zal de SVB een individuele beslissing nemen, gebaseerd op de bijzondere omstandigheden van het individuele geval.

Bovendien bevatten de beleidsregels slechts globale lijnen die nimmer volledig recht kunnen doen aan alle individuele belangen waarmee in de praktijk bij het nemen van een beslissing door de SVB rekening wordt gehouden. Ten aanzien van alle in deze publicatie vervatte regels geldt aldus het principe dat hiervan in individuele gevallen op grond van bijzondere omstandigheden kan worden afgeweken.

Daarbij zij voorts opgemerkt dat deze beleidsregels, hoewel veelomvattend, niet een uitputtend beeld geven van het beleid van de SVB. Beleid dat nog niet is uitgekristalliseerd, of uitsluitend om strategische redenen wordt gevoerd, bijvoorbeeld om jurisprudentie te ontlokken, is bijvoorbeeld niet opgenomen. Ook de omvang van de beschrijving van de regels verschilt. De reden hiervan is gelegen in het feit dat sommige bepalingen, doordat ze reeds veel langer bestaan of door veelvuldiger toepassing, meer ontwikkeld zijn dan andere.

Ten slotte dient er rekening mee te worden gehouden dat niet is gegarandeerd dat alle in de bundel opgenomen teksten volledig actueel zijn. Er kan sprake zijn van wetswijzigingen of nieuwe jurisprudentie die nog niet zijn verwerkt. Dit is een onvermijdelijk gevolg van het feit dat de besluitvorming, de goedkeuring en de feitelijke publicatie van nieuwe beleidsregels enige tijd vergen. De tekst van deze publicatie is afgesloten naar de stand van zaken per 29 februari 2000. Jaarlijks wordt een geactualiseerde versie van de beleidsregels gepubliceerd. Tussentijdse wijzigingen worden eventueel afzonderlijk gepubliceerd in de Staatscourant.

Opzet van de beleidsregels

De beleidsregels zijn telkens gegroepeerd onder de relevante wettelijke bepalingen. Deze keuze is mede ingegeven door artikel 4:83 Awb waarin is bepaald dat bij de bekendmaking van de beleidsregels zoveel mogelijk het wettelijk voorschrift wordt vermeld waaruit de bevoegdheid waarop de beleidsregel berust, voortvloeit.

Om redenen van toegankelijkheid zijn de wetsbepalingen veelal voorzien van een summiere toelichting alvorens de beleidsregel wordt geformuleerd. Hierdoor bevat deze bundel een combinatie van zowel descriptieve als normatieve teksten. Het onderscheid tussen descriptieve en normatieve tekst is te herkennen aan de formulering van de tekst. In de formulering van een beleidsregel (normatieve tekst) wordt expliciet verwezen naar door de SVB gehanteerde criteria, de door de SVB gegeven interpretatie van jurisprudentie, de door de SVB vastgestelde beleidslijn en dergelijke.

Op grond van de Awb dienen besluiten, inhoudende de vaststelling van een beleidsregel, te worden gemotiveerd. Er is voor gekozen om bij de omschrijving van de beleidsregel tevens de essentie van de motivering voor deze regel te omschrijven. Deze handelwijze laat uiteraard onverlet, dat de SVB bijvoorbeeld in beschikkingen op bezwaar of in rechterlijke stukken een uitgebreidere motivering kan geven voor de inhoud van een beleidsregel.

Veelal ligt de motivering overigens besloten in de inhoud van rechterlijke uitspraken. Waar dit het geval is, wordt hiervan gewag gemaakt. Vooral in het kader van de beleidsregels voor de toepassing van Verordening (EEG) nr. 1408/71 speelt de jurisprudentie een overheersende rol. De op grond van deze verordening gevormde jurisprudentie van het Hof van Justitie EG is dermate omvangrijk en complex, dat de mededeling dat de SVB een specifiek arrest van dit Hof volgt, op zichzelf reeds beleidsmatig relevant is, nog afgezien van de vraag op welke wijze een dergelijke navolging invulling heeft gekregen.

Bij de beleidsregels is telkens een selectie van de meest relevante jurisprudentie toegevoegd. Waar mogelijk wordt naar deze jurisprudentie in de beschrijvende tekst verwezen. Op deze wijze kan direct het verband tussen jurisprudentie en een concrete beleidsregel worden gelegd.

Niet alle rechtspraak waarnaar wordt verwezen, is gepubliceerd. Voor zover dit niet het geval is, kunnen de uitspraken worden opgevraagd bij de vestigingskantoren van de SVB. Hier kan de burger ook terecht met vragen over concrete situaties.

Bijzondere opmerkingen ten aanzien van de afzonderlijke delen

Met vaststelling van dit deel is de publicatie Beleidsregels SVB 1999, zoals vastgesteld door het bestuur van de SVB bij besluit van 25 juni 1999, Stcrt. 133 komen te vervallen. De SVB wijst er echter op dat op grond van artikel 3 van het besluit van het bestuur van de SVB van 25 oktober 1996 enkele onderdelen van de beleidsregels AOW, AWW en AKW (Stcrt. 1995, 246 en Stcrt. 1996, 58 en 146) van kracht zijn gebleven. Het betreft hier de onderdelen inzake de AWW. Deze beleidsregels zijn geldig gebleven in verband met het overgangsrecht van artikel 105, tweede lid van de Anw, waarin is bepaald dat de AWW en de daarop berustende bepalingen van toepassing blijven op de rechten, verplichtingen en bevoegdheden over de tijdvakken gelegen voor de inwerkingtreding van de Anw, tenzij anders is bepaald. De beleidsregels AWW blijven gelden ten aanzien van aanvragen voor AWW-pensioen in verband met het overlijden van verzekerden voorafgaande aan de inwerkingtreding van de Anw per 1 juli 1996.

Deel I: AOW, Anw, AKW, Remigratiewet, TOG, TAS en PGB

Nieuw in Deel I Beleidsregels SVB 2000 zijn de beleidsregels ter zake van de AOW, de Anw en de AKW die verband houden met de Wet Beperking export uitkeringen. Nieuw zijn eveneens de beleidsregels betreffende de Remigratiewet en de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers. Tevens zijn de beleidsregels betreffende de Regeling tegemoetkoming onderhoudskosten thuiswonende meervoudig en ernstig lichamelijk gehandicapte kinderen (TOG) integraal vervangen door beleidsregels betreffende de TOG 2000 welke de oude TOG met ingang van 1 januari 2000 vervangt.

Naast de wijzigingen in de beleidsregels die voortvloeien uit wijzigingen in de wetgeving, heeft de SVB tevens een aantal nieuwe beleidsregels vastgesteld betreffende reeds bestaande wetgeving. Zo heeft de SVB belangrijke wijzigingen aangebracht in de beleidsregels die gelden ten aanzien van het voeren van één huishouden door in Nederland verblijvende personen wier gezin in het buitenland verblijft. Daaraan gekoppeld is een nadere invulling gegeven aan het begrip dubbele woonplaats. Ten slotte is een aantal beleidsregels toegevoegd aangaande het voeren van een gezamenlijke huishouding in de Anw alsmede aangaande het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999.

Deel II: Awb

In dit onderdeel zijn in verband met de uitbreiding van de Awb met bepalingen betreffende de afhandeling van klachten door bestuursorganen, beleidsregels opgenomen ten aanzien van die bepalingen. De Awb-bepalingen vervangen tezamen met het daarop geformuleerde beleid het voorheen geldende klachtenreglement van de SVB.

Deel III: Internationaal

In dit onderdeel is vooral enige nieuwe jurisprudentie verwerkt. Deze heeft onder andere betrekking op jurisprudentie van het HvJ EG betreffende de status van detacheringsverklaringen afgegeven ingevolge EG-verordening 1408/71 en het begrip gezinslid in het kader van de samenwerkingsovereenkomsten tussen de EG en derde landen. Tevens zijn naar aanleiding van een uitspraak van de CRvB de eisen aangepast die de SVB stelt aan de verzekering ingevolge een buitenlandse wettelijke regeling bij de toepassing van bepalingen over het recht op nabestaandenuitkering in bilaterale verdragen.

Terinzagelegging van de beleidsregels

De beleidsregels zijn samen met een aantal door de SVB vastgestelde algemeen verbindende voorschriften op grond van de AOW, Anw en AKW opgenomen in een bundel, die ter inzage ligt bij de kantoren van de SVB.

Tevens zal een handelseditie van deze beleidsregels worden gepubliceerd, die verkrijgbaar is bij de boekhandel.