De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Gelezen het verzoek van Altair Aviation B.V. d.d. 9 november 1999;
Gelet op artikel 16d van de Luchtvaartwet;
Besluit:
Artikel 1
Aan Altair Aviation B.V. te Amsterdam wordt tot 15 januari 2001 ontheffing verleend van de verplichting tot het hebben van een luchtvervoersvergunning voor het vervoer van goederen en personen ten behoeve van het eigen bedrijf met een luchtvaartuig voorzien van het kenmerk PH-AEM.
Artikel 2
Altair Aviation B.V. dient verplicht verzekerd te zijn:
a. tegen de aansprakelijkheid tegenover de vervoerde passagiers en goederen ten belope van de bij verdrag vastgestelde limieten, en
b. tegen de aansprakelijkheid voor schade, veroorzaakt aan derden op het aardoppervlak.
Artikel 3
Deze beschikking is gebaseerd op de statuten van Altair Aviation B.V. zoals opgesteld te Amsterdam d.d. 29 april 1998. Wijziging van deze gegevens kan intrekking van de ontheffing tot gevolg hebben en dient dan ook onverwijld aan het DGRLD te worden gemeld.
Artikel 4
Altair Aviation B.V. dient er zorg voor te dragen dat de bestuurder van (het/de) luchtvaartuig(en) die voor het vervoer worden gebruikt, in iedere geval beschikt over een vliegbewijs CPL (A).
Artikel 5
Deze beschikking zal worden geplaatst in de Staatscourant en werkt terug tot 15 januari 2000.
Binnen 6 weken ingaand op de dag na de datum van bekendmaking van het bovenstaande besluit (kunt/kunnen) (u/belanghebbenden) daartegen een bezwaarschrift indienen bij de Rijksluchtvaartdienst, Juridische en Bestuurlijke Zaken, Postbus 90771, 2509 LT Den Haag.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
namens deze,
het hoofd hoofdafdeling Vervoer van het Directoraat-Generaal Rijksluchtvaartdienst,
C.T. den Braven.