Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Verkeer en Waterstaat | Staatscourant 2000, 23 pagina 17 | Overig |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Verkeer en Waterstaat | Staatscourant 2000, 23 pagina 17 | Overig |
Regeling tot subsidiëring van zichtveldsystemen voor bedrijfsauto’s met het oog op bescherming van kwetsbare verkeersdeelnemers door verkleining van de dode hoek (Subsidieregeling zichtveldverbeterende systemen bedrijfsauto’s)
27 januari 2000
Nr. DGG/J-00/000094
Directoraat-Generaal Goederenvervoer
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Gelet op de artikelen 3 en 4 van de Kaderwet subsidies Verkeer en Waterstaat, alsmede op artikel 4b, tweede lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994;
Besluit:
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. APK-1 keuring: de periodieke keuring van bedrijfsauto’s, bedoeld in artikel 4 van de Regeling wijze van keuren APK;
b. bedrijfsauto: een bedrijfsauto in de zin van artikel 1.1, onder h, aanhef en onderdeel 2 of onderdeel 3, van het Voertuigreglement, met een maximaal toegestane massa van meer dan 3.500 kg;
c. RDW: de Dienst Wegverkeer, bedoeld in artikel 4a van de Wegenverkeerswet 1994;
d. Senter: het agentschap Senter van het Ministerie van Economische Zaken;
e. zichtveldverbeterend systeem: een systeem, aangebracht op een bedrijfsauto, dat de zogeheten dode hoek in het zichtveld van de bestuurder tot een minimum terugbrengt.
1. Onverminderd artikel 4, vierde lid, kent de Minister op aanvraag aan de kentekenhouder van een bedrijfsauto een eenmalige subsidie toe van honderd Nederlandse guldens (NLG 100,-) voor een zichtveldverbeterend systeem dat voldoet aan de technische eisen en specificaties, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage.
2. De subsidie, bedoeld in het eerste lid, wordt slechts toegekend voor zichtveldverbe-terende systemen aangebracht op bedrijfsauto’s waarvan de eerste toelating, bedoeld in de Regeling vaststelling datum eerste toelating van voertuigen, uiterlijk 2 februari 2000 heeft plaatsgevonden.
1. Het subsidieplafond dat aan het toekennen van subsidies ingevolge deze regeling wordt gesteld, bedraagt voor het begrotingsjaar 2000 één miljoen één honderdduizend Nederlandse guldens (NLG 1,1 mln).
2. De Minister maakt jaarlijks vóór 1 januari in de Staatscourant het bedrag bekend dat voor het eerstvolgende begrotingsjaar ter beschikking wordt gesteld voor de uitvoering van deze regeling, zo nodig vergezeld van een voorbehoud ten aanzien van de goedkeuring hiervan door de Staten-Generaal.
1. De kentekenhouder van een bedrijfsauto kan ter verkrijging van subsidie een aanvraag indienen bij Senter, Postbus 10073, 8000 GB Zwolle.
2. De aanvraag wordt per post ingediend met gebruikmaking van een ondertekend, juist en volledig ingevuld aanvraagformulier, dat door de Minister en Senter verkrijgbaar wordt gesteld.
3. De aanvraag wordt gedaan zo spoedig mogelijk na voltooiing van de APK-1 keuring van de bedrijfsauto.
4. De kentekenhouder kan bij akte van cessie het recht om subsidie aan te vragen op grond van deze regeling overdragen aan de gebruiker of de medefinancier van de desbetreffende bedrijfsauto.
Artikel 5 Aanvullende voorwaarden voor subsidieverlening
Een aanvraag om subsidie wordt slechts in behandeling genomen indien:
a. het formulier, bedoeld in artikel 4:4 van de Algemene wet bestuursrecht, juist en volledig is ingevuld;
b. bij de APK-1 keuring:
1°. wordt vastgesteld dat het montagevoorschrift van de fabrikant van het zichtveldverbeterend systeem in acht is genomen, en
2°. een verklaring is overgelegd van de fabrikant van het merk en type bedrijfsauto, genoemd in de aanvraag, dat het in die aanvraag genoemde zichtveldverbeterend systeem in combinatie met zijn merk en type bedrijfsauto voldoet aan de technische eisen en specificaties, genoemd in de bij deze regeling behorende bijlage;
c. het zichtveldverbeterend systeem op de bedrijfsauto is aangebracht vóór het tijdstip van de afmelding, bedoeld in artikel 37 van de Erkenningsregeling APK, door de desbetreffende garage bij de RDW in het kader van de APK-1 keuring.
Artikel 6 De beslissing op de aanvraag
1. De Minister beslist binnen zes weken na ontvangst op de aanvraag.
2. Indien in een jaar het voor de uitvoering van de regeling in dat jaar beschikbare bedrag wordt of dreigt te worden overschreden door op een aanvraag de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, toe te kennen, kan de Minister de beslissing tot toekenning aanhouden tot 1 maart van het daaropvolgende kalenderjaar.
3. De aanhouding, bedoeld in het tweede lid, wordt aan de aanvrager schriftelijk meegedeeld.
4. De aanvraag wordt in elk geval afgewezen indien blijkt dat het aangebrachte zichtveldverbeterend systeem in combinatie met de desbetreffende bedrijfsauto niet voldoet aan de technische eisen en specificaties, opgenomen in de bijlage van deze regeling.
Artikel 7 Beschikking tot subsidievaststelling
1. De beschikking tot vaststelling van subsidie bevat in elk geval:
a. de naam, het adres en het inschrijvingnummer bij de Kamer van Koophandel van de kentekenhouder van de bedrijfsauto;
b. merk, type en kenteken van de bedrijfsauto;
c. merk en type van het aangebrachte zichtveldverbeterend systeem;
d. het bedrag van de subsidie;
e. het bank- of postrekeningnummer waarop de subsidie overeenkomstig de opgave van de subsidie-aanvrager wordt gestort.
2. De subsidie wordt binnen twee weken na de subsidievaststelling uitbetaald.
Artikel 8 Verplichtingen van de subsidie-ontvanger
De subsidie-ontvanger is verplicht zijn medewerking te verlenen aan eventuele onderzoeken naar de doelmatigheid van de subsidie.
1. Met het toezicht op het voldoen aan de subsidievoorwaarden en de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen zijn belast de medewerkers van Senter voorzover zij betrokken zijn bij de uitvoering van deze regeling.
2. Het toezicht op het voldoen aan de subsidievoorwaarde, genoemd in artikel 2, eerste lid, is tevens opgedragen aan de technisch medewerkers van de RDW die zijn belast met de herkeuring van voertuigen in het kader van een steekproef.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 3 februari 2000 en vervalt met ingang van 1 januari 2005.
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling zichtveldverbeterende systemen bedrijfsauto’s.
Deze regeling zal met de bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Jaarlijks zijn er onder voetgangers, fietsers, brom- en snorfietsers circa 30 doden en 90 gewonden te betreuren als gevolg van aanrijdingen met rechts afslaande vracht- en bestelauto’s. In belangrijke mate kan dit worden toegeschreven aan het beperkte uitzicht dat de chauffeurs van deze auto’s hebben op het gebied rechts naast het voertuig. De spiegels die voldoen aan de huidige voorschriften kunnen niet verhinderen dat de kwetsbare verkeersdeelnemer die zich in dit gebied bevindt de kans loopt door de chauffeur over het hoofd te worden gezien.
Een recentelijk TNO-onderzoek heeft aangetoond dat er effectieve zichtveldver-beteringssystemen bestaan die een zodanig zicht geven op de omgeving direct naast de vracht- of bestelauto, dat de zogeheten dode hoek tot een minimum is gereduceerd. Bovendien kan de via deze systemen aangeboden informatie voldoende snel worden geïnterpreteerd en leidt het niet tot een extra taakbelasting voor de bestuurder.
Deze bemoedigende uitkomsten hebben mij ertoe gebracht een maatregelenpakket samen te stellen dat zich richt op snelle invoering van zichtveldverbeterende systemen en het bijbrengen van inzicht in de dode-hoek-problematiek bij een scala van doelgroepen: vervoerders, verladers, voertuigfabrikanten, weggebruikers en schoolgaande jeugd. Deze subsidieregeling maakt daarvan onderdeel uit en heeft als doel een extra impuls te geven aan de invoering van zichtveldverbeterende systemen in het bestaande Nederlandse vrachtwagenpark door het verlenen van een subsidie van NLG 100,- voor aanschaf en montage van een dergelijk systeem. Zichtveldverbeterende systemen gemonteerd op vrachtauto’s die vanaf de datum van inwerkingtreding van de regeling worden toegelaten tot het verkeer op de weg komen niet voor subsidiëring in aanmerking. Bij dit laatste heb ik overwogen dat reeds in oktober 1999 door mij een appèl is gedaan op fabrikanten en importeurs om vanuit hun maatschappelijke verantwoordelijkheid de door hen afgeleverde vrachtauto’s standaard af te leveren met een dergelijk systeem.
Bij het merendeel van de ongevallen met dodelijke afloop als gevolg van de dode hoek zijn de zwaardere vrachtauto’s (boven 3.500 kg) betrokken. Om nu deze doelgroep te bereiken, is ter uitvoering van deze regeling aansluiting gezocht bij de APK-1 keuring. De APK-1 keuring is specifiek voor vrachtauto’s van meer dan 3.500 kg en vormt een garantie dat het volledige bestaande vrachtautopark periodiek bij een garage ter keuring wordt aangeboden. Het moment van keuring kan hierdoor op een efficiënte wijze samenvallen met de fysieke controle op de montage van een zichtveldverbeterend systeem. In de regeling wordt dan ook als voorwaarde gesteld dat de aanvraag voor subsidie dient te geschieden zo spoedig mogelijk na voltooiing van de APK-1 keuring, terwijl het systeem vóór de afmelding door de garage bij de RDW in het kader van deze keuring moet zijn aangebracht. Dit biedt tevens de controleurs van RDW de gelegenheid om tijdens de gebruikelijke steekproefcontrole na te gaan of het vereiste zichtveld wordt verkregen.
Volgens de regeling dient de aanvraag tot subsidie in beginsel door de kentekenhouder te geschieden, omdat deze in de meeste gevallen dezelfde zal zijn als degene die een zichtveldverbeterend systeem zal aanschaffen. Voor de gevallen waarin een ander dan de kentekenhouder de investering doet, maakt de regeling het mogelijk dat de kentekenhouder het recht om subsidie aan te vragen overdraagt aan een ander, mits deze laatste (rechts)persoon hetzij als gebruiker van de betreffende bedrijfsauto, hetzij als medefinancier van deze bedrijfsauto is betrokken bij de transportonderneming in kwestie. Wanneer bijvoorbeeld een transportondernemer een zichtveldverbeterend systeem laat monteren op een vrachtauto die op naam staat van een leasemaatschappij, kan hij subsidie aanvragen met overlegging van een door de betreffende leasemaatschappij verstrekte akte van cessie.
Uit efficiency-overwegingen heb ik besloten de uitvoering van deze regeling op te dragen aan Senter, een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken. Deze organisatie heeft er inmiddels blijk van gegeven dat zij subsidieregelingen als deze op adequate wijze kan uitvoeren. Daartoe zal aan Senter mandaat worden verleend, die namens de Minister van Verkeer en Waterstaat de subsidiebeschikking zal afgeven. Senter controleert aan de hand van het kentekenregister of de vrachtauto onder de werking van deze regeling valt en of de subsidie-aanvrager als kentekenhouder van het voertuig staat geregistreerd. Gebruikmakend van de mogelijkheid die de Algemene wet bestuursrecht in artikel 4:29 daartoe biedt, voorziet de regeling in het direct nemen van een beschikking tot subsidievaststelling, na een gunstige beoordeling van de aanvraag.
De subsidieregeling is getoetst op mogelijke staatssteunelementen. Geconcludeerd kan worden dat er geen sprake is van staatssteun in de zin van artikel 87, eerste lid, van het EEG-verdrag. Er is namelijk geen sprake van vervalsing of dreigende vervalsing van de mededinging en evenmin van ongunstige beïnvloeding van het handelsverkeer tussen de lidstaten.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
T. Netelenbos.
Bijlage bij de subsidieregeling zichtveldverbeterende systemen bedrijfsauto’s
1. Definitie van de zichtveldgebieden
Een gebied rechts naast het voertuig op maaiveldniveau ter grootte van een kwart cirkel met een radius van 12 m, met een middelpunt dat op een lijn dwars op de rijrichting van het voertuig in het verlengde van het oogpunt van de chauffeur ligt en in dwarsrichting op 0.90 m van de zijkant van het voertuig.
Een gebied rechts naast het voertuig op maaiveldniveau dat begrensd wordt door een cirkelsegment met een radius van 80 m (het middelpunt gelegen op 0.90 m van de zijkant van het voertuig op de lijn dwars op de rijrichting van het voertuig en door het oogpunt, verder dwarszichtlijn genoemd), de dwarszichtlijn, de lijn evenwijdig aan de rijrichting van het voertuig door het middelpunt van het cirkelsegment en de lijn door een punt gelegen op de dwarszichtlijn op 12,90 m uit de zijkant van het voertuig onder een hoek van 30° met de dwarszichtlijn.
Beide gebieden zijn aangegeven in figuur 1.
a. Het zichtveldverbeterend systeem moet 100% van gebied 1 zichtbaar maken, eventueel in combinatie met de bestaande spiegels zoals voorgeschreven in 71/127/EEC;
b. Het zichtveldverbeterende systeem moet in aanvulling op het zicht dat geboden wordt door de bestaande spiegels zoals voorgeschreven in 71/127/EEC, ten minste 65% van gebied 2 zichtbaar maken;
c. Indien het niet mogelijk is op maaiveldniveau aan de criteria te voldoen, mag ook een hoogte van 0,50 m boven het maaiveld worden aangehouden; en
d. Zichtveldverbeterende systemen die het vereiste zicht niet continu geven moeten dat vereiste zicht binnen een tijdsduur van maximaal 2 seconden na de daartoe strekkende handeling, kunnen geven.
De eventuele directe zichthinder die wordt veroorzaakt door het zichtveldverbeterend systeem dient beperkt te zijn.
Het zichtveldverbeterend systeem geeft weer in het zichtbare spectrum. Het door het systeem waargenomen beeld dient in elk geval ook zonder interpretatie te worden weergegeven. De kwaliteit van het aangeboden beeld dient voldoende te zijn om verkeersdeelnemers in de genoemde gebieden te kunnen onderscheiden.
Spiegelsystemen goedgekeurd volgens 71/127/EEC voldoen aan de gestelde beeldkwaliteit.
Zichtveld verbeterende systemen moeten zijn aangebracht in overeenstemming met de toepasselijke regelgeving.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2000-23-p17-SC22494.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.