Vergunning voor houden rondvluchten

Heliflight

22 juni 1999

Nr. VI/L 99.310423

Rijksluchtvaartdienst

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelezen het verzoek van Heliflight d.d. 4 mei en 2 juni 1999;

Gelet op artikel 16b Luchtvaartwet;

Besluit:

Artikel 1 Algemeen

1. Aan Heliflight te Kootwijkerbroek wordt tot 1 juli 2000 een vergunning verleend voor het houden van rondvluchten met luchtvaartuigen voorzien van de kenmerken PH-KBS en PH-BGS overeenkomstig het bepaalde in de volgende artikelen.

2. De vergunning kan op schriftelijk verzoek van de houder worden verlengd. De vergunning komt niet in aanmerking voor verlenging indien één van de in artikel 16b, derde lid, van de Luchtvaartwet genoemde omstandigheden zich voordoet.

Artikel 2 Vervoer

De houder van de vergunning is in ieder geval gerechtigd rondvluchten te houden vanaf het luchtvaartterrein Lelystad.

Artikel 3 Vliegtuigen

1. De in artikel 2 genoemde vluchten mogen slechts worden uitgevoerd met luchtvaartuigen waarvan de maximale startmassa niet meer bedraagt dan 5700 kg.

2. De te gebruiken luchtvaartuigen dienen ingeschreven te zijn in het Nederlandse luchtvaartuigregister.

Artikel 4 Tarieven

De Directeur-Generaal van de Rijksluchtvaartdienst kan eisen dat de door de vergunninghouder vast te stellen tarieven door hem worden goedgekeurd.

Artikel 5 Verzekering

De vergunninghouder is verplicht verzekerd te zijn:

a. tegen de aansprakelijkheid tegenover de vervoerde passagiers en goederen ten belope van de bij of krachtens verdrag vastgestelde limieten;

b. tegen de aansprakelijkheid voor schade, veroorzaakt aan derden op het aardoppervlak.

Artikel 6 Publicatie

Deze beschikking zal worden geplaatst in de Staatscourant en treedt in werking op de datum van dagtekening.

Artikel 7 Bezwaar

Binnen 6 weken, ingaand op de dag na de datum van bekendmaking van het bovenstaande besluit kunt/kunnen u/belanghebbenden daartegen een bezwaarschrift indienen bij de Rijksluchtvaartdienst, Juridische en Bestuurlijke Zaken, Postbus 90771, 2509 LT Den Haag.


Den Haag, 22 juni 1999.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Namens deze,
Het hoofd hoofdafdeling Vervoer van het Directoraat-Generaal Rijksluchtvaartdienst,
C.T. den Braven.

Naar boven