Regeling Wijziging Subsidieregeling natuurbeheer
«Wet agrarisch grondverkeer, Kaderwet LNV-subsidies»
30 juli 1998
Nr. J.987149
Directie Juridische Zaken
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
Mede gelet op de artikelen 2, 3 en 5 van verordening (EEG) nr. 2078/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 30 juni 1992 betreffende landbouwproduktiemethoden die verenigbaar zijn met de eisen inzake milieubescherming, en betreffende natuurbeheer (PbEG L 215);
Mede gelet op artikel 4 van verordening (EEG) nr. 2080/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 30 juni 1992 tot instelling van een communautaire steunregeling voor bosbouwmaatregelen in de landbouw (PbEG L 215);
Mede gelet op de artikelen 2, 5 tot en met 7, 9 tot en met 12, 14 en 20 van verordening (EG) van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 24 april 1996, houdende bepalingen ter uitvoering van Verordening (EEG) nr. 2078/92 van de Raad betreffende landbouwproduktiemethoden die verenigbaar zijn met de eisen inzake milieubescherming, en betreffende natuurbeheer (PbEG L 102);
Gelet op artikel 29, eerste lid, van de Wet agrarisch grondverkeer;
Gelet op de artikelen 2 en 4 van de Kaderwet LNV-subsidies;
Besluit:
Artikel I
In artikel 80 van de Subsidieregeling natuurbeheer wordt de zinsnede ’de artikelen 1 en 9 tot en met 13’ vervangen door: de artikelen 1, 9 tot en met 13 en 78.
Artikel II
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 26 juli 1998.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 30 juli 1998. De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
Overeenkomstig het door de minister genomen besluit:
T.H.J. Joustra.
Toelichting
In Staatscourant nr. 138 van 24 juli 1998 is de Subsidieregeling natuurbeheer gepubliceerd. Deze regeling is op 26 juli 1998, in afwachting van de goedkeuring van de Commissie van de Europese Gemeenschappen, slechts gedeeltelijk in werking getreden. Het betreft hier hoofdstuk 2 van de regeling. Ingevolge dit hoofdstuk kunnen de provincies vanaf laatstgenoemde datum beginnen met de begrenzing van natuurgebieden waarin particuliere natuurontwikkeling gaat plaatsvinden.
Hiertoe voorziet de Subsidieregeling natuurbeheer tevens in een wijziging van de Regeling beheersovereenkomsten en natuurontwikkeling. In laatstgenoemde regeling wordt een nieuw artikel 2c ingevoegd dat bepaalt dat na het tijdstip van inwerkingtreding van hoofdstuk 2 van de Subsidieregeling natuurbeheer er geen begrenzingenplannen meer kunnen worden vastgesteld of gewijzigd die betrekking hebben op reservaatsgebieden of natuurontwikkelingsprojecten, met uitzondering van die voorontwerp-begrenzingenplannen die ter inzage liggen of hebben gelegen.
In artikel 80 van de Subsidieregeling natuurbeheer is evenwel verzuimd deze wijziging van de Regeling beheersovereenkomsten en natuurontwikkeling per gelijke datum als de Subsidieregeling natuurbeheer in werking te laten treden. Met de onderhavige regeling wordt dit verzuim alsnog hersteld.
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,
Overeenkomstig het door de minister genomen besluit:
T.H.J. Joustra.