Natuursteenbedrijf

Voorzieningen bij Ongeval Verbindendverklaring gewijzigde CAO-bepalingen

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

ALGEMEEN VERBINDENDVERKLARING VAN GEWIJZIGDE BEPALINGEN VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST VOOR HET NATUURSTEENBEDRIJF INZAKE VOORZIENINGEN BIJ ONGEVAL

AI Nr. 8811

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Gelezen het verzoek van de Hout- en Bouwbond CNV mede namens de Bouw- en Houtbond FNV als werknemerspartijen en namens de Algemene Bond van Natuursteenbedrijven als werkgeverspartij bij de collectieve arbeidsovereenkomst voor het Natuursteenbedrijf inzake Voorzieningen bij Ongeval, strekkende tot algemeen verbindendverklaring van gewijzigde bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst;

Overwegende,

dat de wijziging van genoemde collectieve arbeidsovereenkomst in werking is getreden;

dat van het verzoek tot algemeen verbindendverklaring mededeling is gedaan in de Nederlandse Staatscourant;

dat naar aanleiding van dit verzoek geen schriftelijke bezwaren zijn ingebracht;

dat de bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst gelden voor een belangrijke meerderheid van de in de bedrijfstak werkzame personen;

Gelet op de artikelen 2, 4 en 5 van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten;

Besluit:

I. Trekt in zijn besluit van 3 april 1996 (Stcrt. 1996, nr. 69), waarin werd overgegaan tot het algemeen verbindend verklaren van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voor het Natuursteenbedrijf inzake Voorzieningen bij Ongeval, zulks met inachtneming van hetgeen onder IV en V is bepaald;

II. Verklaart algemeen verbindend tot en met 31 december 1997 de navolgende bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voor het Natuursteenbedrijf inzake Voorzieningen bij Ongeval, zulks met inachtneming van hetgeen onder III, IV en V is bepaald:

HOOFDSTUK 1

DEFINITIES EN WERKINGSSFEER

Artikel 1 Definities

  • 1. Onder „werkgever" wordt verstaan de natuurlijke of rechtspersoon, wiens onderneming geheel of ten dele valt binnen de in artikel 2 omschreven werkingssfeer van deze CAO.

  • 2. Onder „werknemer" wordt verstaan hij of zij die voor een werkgever in diens onderneming werkzaam is:

    • a. ingevolge een arbeidsovereenkomst;

    • b. ingevolge een overeenkomst tot aanneming van werk, tenzij hij of zij zelf werkgever is.

  • 3. Onder volwassen werknemers wordt verstaan de werknemer die de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt.

  • 4. Onder jeugdige „werknemer" wordt verstaan de werknemer die de in vorige zin genoemde leeftijd nog niet heeft bereikt.

  • 5. Onder „leerling" wordt verstaan de jeugdige werknemer met wie de werkgever ten overstaan van de Stichting Vakopleiding Bouwbedrijf een leerovereenkomst als bedoeld in de „Wet Educatie en Beroepsonderwijs" voor het beroep „natuursteenbewerker" heeft gesloten.

  • 6. Onder „voorlieden" wordt verstaan zij die leiding geven aan tenminste vijf werknemers.

  • 7. Onder „garantie-uurloon" wordt verstaan het in artikel 23 van de CAO voor het Natuursteenbedrijf voor de betrokken functie genoemde loon in centen per uur.

  • 8. Onder „geldend uurloon" wordt verstaan het in de CAO voor het Natuursteenbedrijf voor de betrokken werknemer genoemde garantie-uurloon met inachtneming van:

    • a. de inhoud van het bepaalde in artikel 23:2 CAO Natuursteenbedrijf;

    • b. het bepaalde in de artikelen 27 en 40 sub B CAO Natuursteenbedrijf inzake diploma- en andere toeslagen;

    • c. het bepaalde in artikel 16 CAO Natuursteenbedrijf inzake het ploegenstelsel;

    • d. de dienstjarentoeslag in artikel 26.

  • 9. Onder het Systeem „Vaststelling en Inning Premies" (VIP) wordt verstaan:

  • het systeem waarbinnen de werkgever gehouden is de betalingen van de bijdrage en premies te doen, die hij verschuldigd is ten aanzien van de bij hem in dienst zijnde werknemers, ter voorziening in de doelstellingen van:

    • de Stichting Vacantiefonds voor de Bouwnijverheid;

    • de Stichting Bedrijfspensioenfonds voor de Bouwnijverheid;

    • de CAO voor het Natuursteenbedrijf inzake „voorziening bij ongeval".

ARTIKEL 2 Werkingssfeer

  • 1. De bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst zijn van toepassing op ondernemingen en afdelingen van ondernemingen, waarin uitsluitend of in hoofdzaak, gemeten naar het aantal werknemers, het bedrijf wordt uitgeoefend bestaande uit het be- of verwerken of plaatsen van blokken, platen (ongeacht hun maat), half-produkten, gerede produkten of tegels van natuursteen.

  • Onder „bewerking van natuursteen" wordt mede verstaan de bedrijfsactiviteiten van het kristalliseren, schuren en slijpen van natuursteen, het op natuursteen aanbrengen, reinigen en restaureren van inscripties alsmede het onderhoud aan grafwerk. Aan de bewerking van natuursteen wordt gelijkgesteld de bewerking van kunststeen.

  • Voorts zijn de bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing op alle buitenlandse werkgevers en de bij hun in dienst zijnde werknemers voor zover ze in Nederland werkzaamheden verrichten op het gebied van het natuursteenbedrijf.

  • 2. De bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst zijn eveneens van toepassing op ondernemingen in het bouwbedrijf en andere sectoren die werkzaamheden uitvoeren als genoemd in lid 1 en daartoe werknemers in dienst hebben als genoemd in artikel 22 van de CAO voor het Natuursteenbedrijf.

  • 3. Met ondernemingen worden in deze collectieve arbeidsovereenkomst gelijkgesteld:

  • natuurlijke of rechtspersonen die de in lid 1 genoemde werkzaamheden in eigen beheer uitvoeren, voorzover deze werkzaamheden niet vallen onder de bepalingen van een andere collectieve arbeidsovereenkomst of vastgestelde regeling van lonen.

  • 4. Eén of meerdere bepalingen van deze CAO zijn voor de duur van de hierna genoemde overeenkomst – en met inachtneming van de definities in artikel 1 – van toepassing op alle werknemers, die in dienst zijn bij de ondernemingen, die zich door middel van een overeenkomst met partijen hebben verbonden één of meerdere bepalingen van deze CAO toe te passen.

HOOFDSTUK 2

VOORZIENINGEN BIJ ONGEVAL

Artikel 3

  • 1. De werkgever is verplicht voor de werknemers een verzekering af te sluiten, die een uitkering garandeert ingeval van blijvend lichamelijk letsel of dood ten gevolge van een ongeval, de werknemer, in of buiten dienstverband, overkomen.

  • 2. De in lid 1 genoemde verzekering dient in te houden een recht van de werknemer op een bruto uitkering van:

  • f 27.500,– ingeval van overlijden;

  • f 55.000,– ingeval van algehele blijvende invaliditeit;

  • een en ander volgens algemene en bijzondere voorwaarden1;

  • Op 1 juli 1997 worden betreffende bedragen verhoogd tot f 30.000,– bij overlijden en f 60.000,– bij algehele blijvende invaliditeit.

  • Zodra het contractueel mogelijk is zullen de betreffende bedragen worden verhoogd naar f 45.000,– en f 90.000,–.

  • 3. De werkgever dient ter voldoening aan de in lid 1 genoemde verplichting deel te nemen aan de door of namens de werkgeversorganisaties afgesloten collectieve verzekering.

  • 4. De werkgever is voor iedere dag waarop de werknemer in zijn dienst betaalde arbeid verricht, een bijdrage verschuldigd ter voldoening van premie en kosten voor de in lid 3 genoemde verzekering.

  • Deze bijdrage is vastgesteld op f 0,26 per werkdag.

  • 6. De werkgever betaalt de bijdrage voor de in lid 1 genoemde verzekering aan de Stichting Sociaal Fonds Bouwnijverheid. Indien de werkgever zijn bijdrageverplichting niet nakomt heeft de Stichting Sociaal Fonds Bouwnijverheid een zelfstandig recht op invordering jegens de werkgever.

HOOFDSTUK 5

SLOTBEPALING

Artikel 5 Dispensatie

  • 1. Van bovenstaande verplichting kan een werkgever worden gedispenseerd onder de in lid 2 genoemde voorwaarden, mits elders een gelijkwaardige verzekering wordt afgesloten. Een dispensatieverzoek dient binnen twee maanden na het tijdstip waarop deze CAO voor de werkgever van kracht is geworden, te worden ingediend bij het secretariaat van partijen CAO-bouwbedrijf, Postbus 90424, 2509 LK Den Haag. Nieuwe ondernemingen dienen het verzoek binnen twee maanden na oprichting aan het secretariaat voor te leggen.

  • 2. Een werkgever die op basis van bedrijfsbelangen er de voorkeur aan geeft een afwijkende verzekering inzake een „voorziening bij ongeval" aan te gaan, zal daarbij minimaal moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

    • a. de verzekering moet uniform zijn voor alle werknemers in loondienst van de gedispenseerde werkgever, overeenkomstig de definities als omschreven in artikel 1 lid a1;

    • b. de premie ten behoeve van de verzekering dient voor rekening te komen van de werkgever;

    • c. de uitkering ingeval van overlijden of blijvende invaliditeit moet minimaal gelijk zijn aan de uitkering volgens de in de CAO bepaalde regeling.

  • De totstandkoming van deze verzekering geschiedt met instemming van de ondernemingsraad, of bij afwezigheid hiervan, met instemming van een representatieve vertegenwoordiging van werknemers. Van het besluit, de inhoud en wijze waarop de verzekering tot stand is gekomen, worden werknemers schriftelijk in kennis gesteld.

  • 3. Partijen zijn gezamenlijk bevoegd, zo nodig onder het stellen van nadere voorwaarden, afwijking toe te staan van één of meerdere bepalingen van deze CAO.

III. Indien en voor zover de onder II opgenomen bepalingen strijdig zijn met (mede) ter zake van de vaststelling van lonen en/of andere arbeidsvoorwaarden bij of krachtens de wet gestelde of te stellen regelen, prevaleren deze regelen.

IV. Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van publicatie in de Nederlandse Staatscourant.

V. Dit besluit wordt gepubliceerd door plaatsing in een bijvoegsel bij de Nederlandse Staatscourant.

's-Gravenhage, 8 juli 1997

C. J. Meerhof.


XNoot
1

Informatie over deze voorwaarden kan worden verkregen bij Rollins Hudig Hall Nederland, afdeling Employees Benefits, Postbus 518, 3000 AM Rotterdam, tel. 010-4488911.

XNoot
1

Van de algemene en bijzondere voorwaarden van de ongevallenverzekering. Informatie hierover kan worden verkregen bij Rollins Hudig Hall Nederland, afdeling Employees Benefits, Postbus 518, 3000 AM Rotterdam, tel. 010-4488911.

Naar boven