Ontheffing inzake hoog-risico-materiaal
13 juni 1996
nr. GZB/VVB 961871
De staatssecretaris van Volksgezondheids, Welzijn en Sport,
Gelet op artikel 13, eerste lid, van de Destructiewet en op artikel I, onderdeel 3, van de Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 april 1996, nr. GZB/VVB 96584 (Stcrt. 1996, 68).
Besluit:
Naar aanleiding van het vonnis van de President van de Arrondissementsrechtbank van 13 juni 1996, rolnummer 96/783 in de zaak van Kühne en Heitz N.V., gevestigd te Schiedam, tegen de Staat der Nederlanden, wordt, overeenkomstig voornoemd vonnis, voor een representatieve hoeveelheid van elk van de onderdelen van een partij ingevroren vlees van runderen die in het Verenigd Koninkrijk zijn geslacht en welke toebehoort aan Kühne en Heitz, ontheffing verleend van de verplichting tot verwerking door een verwerkingsbedrijf van hoog-risico-materiaal en vernietiging door middel van verbranding door de N.V. Afvalverwerking Rijnmond.Deze ontheffing wordt verleend voor het nemen van een monster van de representatieve hoeveelheid rundvlees, teneinde dit monster bij TNO te laten onderzoeken op de aan- of afwezigheid van Bovine Spongiforme Encephalopathie (BSE).
De vervoersvoorwaarden zijn als bijlage bij dit besluit gevoegd.
Deze ontheffing vervalt, nadat voornoemd onderzoek heeft plaatsgevonden of redelijkerwijs heeft kunnen plaatsvinden.
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
namens deze,
de Directeur Gezondheidsbeleid
S. van Hoogstraten.
Bijlage
Voorwaarden vervoer hoog-risico-materiaal ten behoeve van monstername van een partij afkomstig van runderen geslacht in het Verenigd Koninkrijk, toebehorend aan Kühne en Heitz gevestigd te Schiedam.
Het betreffende materiaal ligt, onder toezicht van de regionale Veterinaire Inspecteur van de Volkgezondheid te Groningen, opgeslagen bij het verwerkingsbedrijf ’NTF’ te Bergum (Friesland).
Afvoer van het monstermateriaal dient vooraf te worden gemeld bij de Regionale Veterinaire Inspecteur, onder vermelding van dag en tijdstip van afvoer.
Onder veterinair toezicht dient verlading van het materiaal plaats te vinden in een daartoe geschikt voertuig, waarvan de laadruimte volledig waterdicht kan worden afgesloten en kan worden verzegeld.
Het vervoermiddel wordt door de met het toezicht belaste ambtenaar verzegeld, waarna een begeleidingsformulier zal worden verstrekt, dat het materiaal vergezelt naar het onderzoeksinstituut.
Bij het onderzoeksinstituut mag de verzegeling uitsluitend worden verbroken door een met het toezicht op de naleving van deze voorwaarden belaste ambtenaar.
Restmateriaal en niet gebruikt monstermateriaal dient, wederom in een daartoe geschikt vervoermiddel, onder verzegeling en voorzien van het begeleidingsformulier, te worden afgevoerd naar de AVR te Rozenburg.
Onder veterinair toezicht wordt de verzegeling verbroken en het materiaal door verbranding vernietigd.
De voertuigen gebruikt bij het vervoer van het monstermateriaal, het restmateriaal en niet gebruikt materiaal dienen na lediging te worden gereinigd en gedesinfecteerd volgens de door de toezichthoudende ambtenaar gegeven aanwijzigingen.
Kosten gemoeid met opslag, vervoer, toezicht, reiniging en desinfectie alsmede de vernietiging van het materiaal komen voor rekening van de eigenaar van het monstermateriaal.
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
namens deze,
de Directeur Gezondheidsbeleid
S. van Hoogstraten.