Regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen

«Wet milieubeheer»

23 juni 1995

Nr. MJZ 19695007

Centrale Directie Juridische Zaken Afdeling Wetgeving

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Gelet op artikel 1, vierde lid, van de richtlijn 91/689/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen (PbEG L 377), jo de beschikking van de Raad van de Europese Unie van 22 december 1994 tot vaststelling van een lijst van gevaarlijke afvalstoffen (PbEG L 356) en artikel 1.1, eerste lid, jo artikel 21.6, zesde lid, van de Wet milieubeheer;

Besluit:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder bijlage I, II en III: de bij deze regeling behorende bijlage I, II onderscheidenlijk III.

Artikel 2

Als gevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer worden aangewezen:

a. afvalstoffen die ontstaan bij de in bijlage I, kolom P, vermelde processen en die geheel of gedeeltelijk bestaan uit de afvalstoffen, vermeld in bijlage I, kolom A;

b. afvalstoffen die geheel of gedeeltelijk bestaan uit stoffen, vermeld in bijlage II.

Artikel 3

1. Artikel 2 is niet van toepassing met betrekking tot huishoudelijke afvalstoffen die niet zijn afgegeven of ingezameld.

2. Artikel 2, onder a, is niet van toepassing met betrekking tot afvalstoffen ten aanzien waarvan de houder van die afvalstoffen heeft aangetoond dat de stoffen, vermeld in bijlage III, zich daarin uitsluitend bevinden in een concentratie die kleiner is dan de in bijlage III daarvoor aangegeven concentratiegrenswaarden. Bijlage II, onder 2, van het Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen en de Regeling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 5

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.


’s-Gravenhage, 23 juni 1995. De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
M. de Boer.

Bijlage I bij de Regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen Lijst van processen waaruit gevaarlijke afvalstoffen vrijkomen

P (processen) A (afvalstoffen)

1. Bouwen- en slopen 1.1 asbesthoudend

isolatiemateriaal

Bijlage II bij de regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen Lijst van stoffen

Klasse A

A.1 Ontplofbare stoffen en voorwerpen, met ontplofbare stoffen geladen voorwerpen en vuurwerk als bedoeld in de Wet Gevaarlijke Stoffen

Bijlage III bij de regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen Lijst van stoffen voor het aanvragen van een uitzonderingsverklaring

Concentratiegrenswaarde: 5.000 mg/kg

1. Asbest

Toelichting

1. Algemeen

Inleiding

Bij beschikking van 22 december 1994 (PbEG L 356) heeft de Europese Raad een lijst van gevaarlijke afvalstoffen vastgesteld overeenkomstig artikel 1, vierde lid, van richtlijn 91/689 betreffende gevaarlijke afvalstoffen (PbEG L 377; voortaan: de richtlijn). De regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen heeft uitsluitend tot doel de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen te implementeren voorzover de op de Europese lijst voorkomende afvalstoffen nog niet door het Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen (voortaan: Baga) als gevaarlijke afvalstof zijn aangewezen.

Op grond van de richtlijn, laatstelijk gewijzigd bij richtlijn 94/31 (PbEG L 168/28), dient de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen 27 juni 1995 te zijn geïmplementeerd in de wetgeving van de Lid-staten.

Procedure

Ingevolge artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer wordt bij algemene maatregel van bestuur bepaald welke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstoffen worden aangewezen. Echter ingevolge artikel 21.6, zesde lid, van de Wet milieubeheer wordt hetgeen ingevolge de Wet milieubeheer bij algemene maatregel van bestuur kan worden geregeld, in afwijking daarvan geregeld bij ministeriële regeling, indien de regels uitsluitend strekken ter uitvoering van een voor Nederland verbindend verdrag of een voor Nederland verbindend besluit van een volkenrechtelijke organisatie.

Deze regeling is tijdelijk in de zin dat de afvalstoffen die door deze regeling worden aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen uiteindelijk zullen worden opgenomen in het Baga. Wanneer het Baga is gewijzigd dan zal deze regeling worden ingetrokken.

Deze regeling is tijdens de totstandkoming besproken met het Interprovinciaal Overleg en het ministerie van Defensie en voorgelegd aan het ministerie van Economische zaken en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven.

Verhouding tot het Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen

Het Baga bepaalt welke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer worden aangewezen. De onderhavige regeling bepaalt, in aanvulling op het Baga, welke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstoffen worden aangewezen ter implementatie van de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen.

De Regeling gevaarlijke afvalstoffen gebruikt dezelfde systematiek bij de aanwijzing van gevaarlijke afvalstoffen als het Baga.

De Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen

De Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen is een bindende niet-limitatieve lijst. Dit betekent dat de op de lijst aangewezen gevaarlijke afvalstoffen minimaal door de Lid-Staten moeten worden aangemerkt als een gevaarlijke afvalstof. De Lid-Staten mogen daarnaast op grond van de richtlijn ook andere afvalstoffen als gevaarlijke afvalstof aanwijzen.

Het Baga kan dus in stand blijven ook als dit besluit meer afvalstoffen als gevaarlijke afvalstof aanwijst dan de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen.

In de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen zijn materialen opgenomen. Dit betekent echter niet dat in alle omstandigheden sprake is van een gevaarlijke afvalstof. Eerst moet worden vastgesteld of er sprake is van een afvalstof voordat de vraag aan de orde is of de afvalstof als een gevaarlijke afvalstof kan worden aangemerkt. Deze systematiek komt overeen met die uit het Baga. Op grond van artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer wordt onder afvalstoffen verstaan ’alle stoffen, preparaten of andere produkten, waarvan de houder zich – met het oog op de verwijdering daarvan – ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen’.

De Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen heeft voorts de vorm van een processenlijst. Een systematiek die vergelijkbaar is met de lijst van processen van het Baga.

Deze lijst geeft de mogelijkheid om in uitzonderlijke gevallen vast te stellen dat niet sprake is van een gevaarlijke afvalstof ook al is de afvalstof op grond van de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen als zodanig aangewezen. Een systematiek die vergelijkbaar is met de uitzonderingsverklaring op grond van het Baga en de Regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen.

Nagegaan is in hoeverre de afvalstoffen die door de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstof zijn aangemerkt ook op grond van het Baga als gevaarlijke afvalstof zijn aangewezen. Daarbij is er vanuit gegaan dat het er niet omgaat de Europese lijst letterlijk om te zetten in een Nederlandse lijst. Het gaat er om dat de door de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen aangewezen afvalstoffen ook in Nederland als gevaarlijke afvalstof worden aangemerkt. Dit betekent dat de Europese lijst niet alleen door middel van een lijst van processen maar ook door middel van de lijst van stoffen geïmplementeerd kan worden.

Uit de vergelijking blijkt het volgende:

• het merendeel van de afvalstoffen die door de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstof worden aangemerkt, wordt ook op grond van de lijst van processen van het Baga als een gevaarlijke afvalstof aangewezen;

• in een aantal gevallen is de door de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen omschreven categorie afvalstoffen ruimer dan een daarmee vergelijkbare categorie in het Baga op grond van de lijst van processen. In die gevallen is geconcludeerd dat de lijst van stoffen uit het Baga er voor zorgt dat de in de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen genoemde categorie afvalstoffen ook in Nederland als een gevaarlijke afvalstof wordt aangemerkt. Dit geldt bijvoorbeeld voor de categorie 06 04 03 arseenhoudend afval;

• in een aantal gevallen zijn de afvalstoffen die door de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen als gevaarlijke afvalstof worden aangemerkt, alleen op grond van de lijst van stoffen van het Baga als een gevaarlijke afvalstof aangemerkt. Dit geldt bijvoorbeeld voor de categorie 05 04 01 bleekaarde;

– de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen kent geen zogenaamde voorwerpenregeling. Er staan echter wel voorwerpen op en deze zijn op grond U.1. onder b van bijlage III van het Baga ingezonderd. Het gaat om transformatoren en condensatoren, accu’s, batterijen en Tl-buizen;

– alleen de volgende categorieën afvalstoffen uit de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen zijn op grond van het Baga niet volledig of niet als gevaarlijke afvalstof aangewezen:

06 AFVAL VAN ANORGANISCHE CHEMISCHE PROCESSEN

06 02 BASISCHE OPLOSSINGEN

06 02 01 calciumhydroxide

06 02 02 soda

06 02 99 niet eerder genoemd afval

Het Baga kent geen proces dat hiermee vergelijkbaar is. De lijst van stoffen van het Baga wijst wel onder D.4 hydroxyden aan met uitzondering van onder andere calciumhydroxide. Basische oplossingen zijn in het Baga derhalve op basis van de concentratie hydroxyden aangewezen als gevaarlijke afvalstof. De Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen is echter op dit punt niet volledig geïmplementeerd doordat de concentratiegrenswaarde voor hydroxyden in Baga 50.000 mg/kg bedraagt, waardoor alleen bij een heel hoge pH sprake zal zijn van een gevaarlijke afvalstof. Implementatie van deze categorie afvalstoffen door deze ministeriële regeling is niet mogelijk omdat de ministeriële regeling dan in strijd zou zijn met het Baga. Door een wijziging van het Baga zal de afvalstoffen categorie basische oplos-singen volledig worden geïmplementeerd.

16 04 EXPLOSIEF AFVAL

16 04 01 afvalmunitie

16 04 02 vuurwerkafval

16 04 03 overig explosief afval

Het Baga kent geen proces dat hiermee vergelijkbaar is. De lijst van stoffen van het Baga wijst onder E.1 wel licht ontvlambare stoffen aan maar deze eigenschap is niet in alle gevallen van toepassing op explosief afval. Ontplofbare voorwerpen zijn in het Baga wel als voorwerp ingezonderd (bijlage III, U.1.b., onder 5).

17 BOUW- EN SLOOPAFVAL (INCLUSIEF WEGENBOUW)

17 06 ISOLATIEMATERIAAL

17 06 01 asbesthoudend isolatiemateriaal

Op grond van het Baga is asbesthoudend bouw- en sloopafval op dit moment geen gevaarlijke afvalstof omdat bijlage III, U.2, onder i, nog niet volledig in werking is getreden. Naar verwachting zal dit onderdeel van Baga eind 1995 in werking treden.

2. Artikelsgewijze toelichting

Artikel 2

Dit artikel is de grondslag voor de aanwijzing van afvalstoffen als gevaarlijke afvalstoffen. Het artikel verwijst naar de lijst van processen en de lijst van stoffen. Het artikel komt in grote lijnen overeen met artikel 3 van het Baga.

Artikel 3

Evenals in het Baga zijn niet afgegeven of ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen niet als gevaarlijke afvalstof aangewezen. Dit artikel is met name opgenomen om te voorkomen dat nog niet afgegeven of ingezameld consumenten vuurwerkafval zou worden aangewezen als een gevaarlijke afvalstof. Het opnemen van deze bepaling is niet in strijd met de richtlijn Artikel 1, vijfde lid, van de deze richtlijn bepaalt dat de bepalingen van die richtlijn niet van toepassing zijn op huishoudelijke afvalstoffen.

In artikel 3, tweede lid, is bepaald dat de lijst van processen niet van toepassing is op afvalstoffen waarvan de houder heeft aangetoond dat de concentratiegrenswaarden van de lijst van stoffen niet worden overschreden. Deze systematiek komt overeen met de systematiek van artikel 4, tweede lid, van het Baga. Voor het vaststellen van de concentratiegrenswaarden en de wijze waarop aangetoond is dat de concentratiegrenswaarden van de lijst van stoffen niet zijn overschreden is bijlage II, onder 2. van het Baga en het Regeling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen overeenkomstig van toepassing verklaard. De procedure voor het verkrijgen van een uitzonderingsverklaring met betrekking tot de afvalstoffen genoemd in de lijst van processen in deze regeling is daardoor gelijk aan de procedure voor het verkrijgen van een uitzonderingsverklaring voor de afvalstoffen op de processenlijst van het Baga.

3. Toelichting op de bijlagen

Bijlage I, Lijst van processen

In kolom P is het proces genoemd en in kolom A de afvalstof. Daarbij is aangesloten bij de terminologie zoals die gebruik is in de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen.

Indien er sprake is van een afvalstof als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer, zijn in kolom A de gevaarlijke afvalstoffen opgenomen die bij het proces in kolom P vrijkomen. Deze lijst in de bijlage is limitatief. Verdere toetsing of sprake is van een gevaarlijke afvalstof, dient plaats te vinden op grond van de bijlagen van het Baga of op grond van bijlage II van deze regeling.

Onder Bouw- en sloopafval wordt gelijk aan het Baga verstaan een ’afvalstof die vrijkomt bij respectievelijk het bouwen, renoveren en slopen van gebouwen en andere bouwwerken, zoals kunstwerken en wegen’. Asbesthoudend isolatiemateriaal zal in het verleden vooral als brandwerend voorziening zijn aangebracht. Asbesthoudend isolatiemateriaal is in het verleden bijvoorbeeld als aangebracht als brandwerende omtimmering van stalen kolommen, als brandwerend plafond of als brandwerende betimmering bij CV-ketels en kachels.

Bijlage II, Lijst van stoffen

Indien er sprake is van een afvalstof als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet milieubeheer, zijn ontplofbare stoffen en voorwerpen, met ontplofbare stoffen geladen voorwerpen en vuurwerk aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen.

In deze klasse A.1 zijn explosieve stoffen opgenomen. De explosieve eigenschappen van deze stoffen hangen niet alleen af van de concentratiegrenswaarden. Daarom is geen concentratiegrenswaarde opgenomen maar is aangesloten bij de definitie van ontploffingsgevaarlijke stoffen uit de Wet Gevaarlijke Stoffen.

Zowel explosieven voor civiel gebruik, zoals jachtkruit en springstoffen ten behoeve van sloopwerkzaamheden als munitie die gebruik wordt door de krijgsmacht vallen onder deze definitie. Onder vuurwerk wordt zowel verstaan het zogenaamde consumentenvuurwerk als het professionele vuurwerk.

Bijlage III, Lijst van stoffen voor het aanvragen van een uitzonderingsverklaring

Deze lijst van stoffen geeft de concentratiegrenswaarden aan voor het verkrijgen van een uitzonderingsverklaring. De concentratiegrenswaarde in deze lijst is gelijk aan de concentratiegrenswaarde die opgenomen is in het Baga.

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

M. de Boer.

Naar boven