Besluit van 9 juli 2026 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 8 juli 2026 tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ter implementatie van Richtlijn(EU) 2024/1069 betreffende bescherming van bij publieke participatie betrokken personen tegen kennelijk ongegronde vorderingen of misbruik van procesrecht («strategische rechtszaken tegen publieke participatie») (Stb. 2026, 185) [KetenID WGK026657]

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 8 juli 2026, directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 7768267;

Gelet op artikel II van de Wet van 8 juli 2026 tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ter implementatie van Richtlijn (EU) 2024/1069 betreffende bescherming van bij publieke participatie betrokken personen tegen kennelijk ongegronde vorderingen of misbruik van procesrecht («strategische rechtszaken tegen publieke participatie») (Stb. 2026, 185);

Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig artikel

De Wet van 8 juli 2026 tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ter implementatie van Richtlijn(EU) 2024/1069 betreffende bescherming van bij publieke participatie betrokken personen tegen kennelijk ongegronde vorderingen of misbruik van procesrecht («strategische rechtszaken tegen publieke participatie») (Stb. 2026, 185) treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst.

Onze Minister van Justitie en Veiligheid is belast met de uitvoering van dit besluit dat in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 9 juli 2026

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, K.T. van Bruggen

Uitgegeven de dertiende juli 2026

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel

Naar boven