Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatsblad 2020, 95Wet

Wet van 6 maart 2020 tot wijziging van de Zorgverzekeringswet in verband met versterking van de invloed van verzekerden op de zorgverzekeraar (verzekerdeninvloed Zvw)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de invloed van verzekerden op het beleid van de zorgverzekeraar te versterken zodat dit beleid beter aansluit bij hun wensen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Zorgverzekeringswet wordt als volgt gewijzigd:

A

Het tweede lid van artikel 28 komt te luiden als volgt:

  • 2. Een waarborg als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, bestaat in ieder geval uit het aan een permanente vertegenwoordiging van verzekerden toekennen van het recht om in te stemmen met de in artikel 28a, eerste lid, bedoelde regeling en het recht om advies uit te brengen over de bij of krachtens artikel 28c aangewezen onderwerpen.

B

Na artikel 28 worden drie artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 28a

  • 1. De zorgverzekeraar stelt een schriftelijke regeling vast waarin wordt bepaald op welke onderdelen van het beleid hij zijn verzekerden in de gelegenheid stelt inspraak uit te oefenen. In die regeling wordt tevens bepaald op welke wijze de inspraak kan worden verkregen en op welke wijze de verzekerden worden geïnformeerd over de resultaten van de inspraak alsmede over hetgeen daarmee is gedaan.

  • 2. In de regeling worden in elk geval onderdelen aangewezen van het beleid betreffende:

    • a. het met zorgaanbieders sluiten van overeenkomsten met betrekking tot de zorg of overige diensten;

    • b. de wijze waarop de zorgverzekeraar met zijn verzekerden communiceert.

  • 3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in aanvulling op het bepaalde in het tweede lid beleidsterreinen worden aangewezen waarvan onderdelen in de regeling moeten worden aangewezen.

  • 4. De zorgverzekeraar stelt zijn verzekerden in de gelegenheid inspraak uit te oefenen overeenkomstig het bepaalde in de regeling, bedoeld in het eerste lid.

  • 5. De zorgverzekeraar behoeft de instemming van de vertegenwoordiging, bedoeld in artikel 28, tweede lid, voor de vaststelling, wijziging of intrekking van de regeling. De zorgverzekeraar mag de regeling uitsluitend vaststellen zonder instemming van de vertegenwoordiging, indien het onthouden van de instemming door de vertegenwoordiging onredelijk is.

  • 6. De zorgverzekeraar maakt de regeling openbaar.

Artikel 28b

  • 1. De vertegenwoordiging, bedoeld in artikel 28, tweede lid, bestaat uitsluitend uit verzekerden van de zorgverzekeraar of, indien de zorgverzekeraar deel uitmaakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, uit vertegenwoordigers van de verzekerden van alle betrokken zorgverzekeraars van de groep.

  • 2. De zorgverzekeraar kent de rechten, genoemd in artikel 28, tweede lid, uitsluitend toe aan een vertegenwoordiging waarvoor statutair is geregeld dat zij voor zover mogelijk zodanig is samengesteld dat:

    • a. zij wat betreft in ieder geval leeftijd, woonplaats en opleiding een goede afspiegeling is van de verzekerden en dat de samenstelling aansluit bij de verscheidenheid van de verzekerden;

    • b. zij redelijkerwijs de diverse belangen van de verzekerden kan behartigen, en

    • c. indien de vertegenwoordiging verzekerden vertegenwoordigt van zorgverzekeraars die tot eenzelfde groep als bedoeld in artikel 24b, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek behoren, sprake is van een evenwichtige verdeling van het aantal vertegenwoordigers van de verzekerden van elk van de betrokken zorgverzekeraars.

  • 3. De zorgverzekeraar bepaalt in zijn statuten het aantal leden waaruit de vertegenwoordiging ten minste moet bestaan alsmede de wijze van benoeming van die leden, waarbij wordt bepaald dat elke verzekerde van 18 jaar of ouder in de gelegenheid wordt gesteld zich kandidaat te stellen.

  • 4. De vertegenwoordiging zorgt voor:

    • a. het regelmatig inventariseren van de wensen en meningen van de betrokken verzekerden; en

    • b. het informeren van de betrokken verzekerden over zijn werkzaamheden en de resultaten daarvan.

  • 5. De zorgverzekeraar draagt er zorg voor dat:

    • a. een vacature voor de vertegenwoordiging openbaar wordt gemaakt;

    • b. de vertegenwoordiging gebruik kan maken van de voorzieningen die zij redelijkerwijs nodig heeft voor de vervulling van haar werkzaamheden, en

    • c. wordt voorzien in de kosten die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor de vervulling van de werkzaamheden van de vertegenwoordiging, waaronder de kosten die verband houden met scholing, onafhankelijke ondersteuning en het voeren van rechtsgedingen.

  • 6. De zorgverzekeraar verstrekt de vertegenwoordiging tijdig en desgevraagd schriftelijk alle inlichtingen en gegevens die zij voor de vervulling van haar werkzaamheden redelijkerwijs nodig heeft.

  • 7. De zorgverzekeraar verleent de vertegenwoordiging desgevraagd hulp bij de uitvoering van het vierde lid.

Artikel 28c

  • 1. De zorgverzekeraar stelt de vertegenwoordiging, bedoeld in artikel 28, tweede lid, in de gelegenheid advies uit te brengen over de vaststelling, wijziging of intrekking van het jaarlijkse zorginkoopbeleid.

  • 2. Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat de vertegenwoordiging redelijkerwijs genoeg tijd heeft zich een goed oordeel ter zake te vormen en dat het advies van wezenlijke invloed kan zijn op het jaarlijkse zorginkoopbeleid.

  • 3. De vertegenwoordiging brengt binnen een redelijke termijn schriftelijk advies uit en betrekt daarin hetgeen is gedaan met de resultaten van de inspraak als bedoeld in artikel 28a, tweede lid, onderdeel a.

  • 4. De vertegenwoordiging is bevoegd de zorgverzekeraar ongevraagd te adviseren over het jaarlijkse zorginkoopbeleid.

  • 5. De zorgverzekeraar doet van de vaststelling, wijziging of intrekking van het jaarlijkse zorginkoopbeleid schriftelijk, en voor zover van het advies wordt afgeweken onder opgave van redenen, mededeling aan de vertegenwoordiging.

  • 6. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen onderdelen van beleidsterreinen worden aangewezen waarop het bepaalde in het eerste tot en met vijfde lid van overeenkomstige toepassing is.

  • 7. Indien de zorgverzekeraar in zijn statuten bepaalt dat de vertegenwoordiging ook over andere onderdelen van het beleid advies uit kan brengen, is het bepaalde in het eerste tot en met vijfde lid van overeenkomstige toepassing.

C

Na artikel 114 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 115

De permanente vertegenwoordiging van verzekerden, bedoeld in artikel 28, tweede lid, onderscheidenlijk de zorgverzekeraar, kunnen de kantonrechter verzoeken te bepalen dat de zorgverzekeraar, onderscheidenlijk de permanente vertegenwoordiging van verzekerden gevolg dient te geven aan hetgeen bij en krachtens de artikelen 28a, eerste tot en met vijfde lid, artikel 28b, vierde tot en met zevende lid, en 28c is bepaald.

D

Artikel 125 komt als volgt te luiden:

Artikel 125

Onze Minister zendt binnen drie jaar na de inwerkingtreding van de artikelen 28a tot en met 28c van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van die artikelen in de praktijk.

ARTIKEL II

De Wet marktordening gezondheidszorg wordt als volgt gewijzigd:

A

Aan het slot van artikel 16, onderdeel b, wordt toegevoegd «, met uitzondering van de artikelen 28a, eerste tot en met vijfde lid, 28b, vijfde tot en met zevende lid, en artikel 28c, eerste, tweede, vijfde tot en met zevende lid».

B

In de artikelen 83, eerste lid, en 86, eerste lid, wordt na «28» telkens ingevoegd: 28a, zesde lid, en 28b, eerste tot en met derde lid.

ARTIKEL III

Indien het bij brief van 20 juli 2016 aan de voorzitter van de Tweede Kamer aangeboden voorstel van wet van de Leden Leijten, Bruins Slot en Bouwmeester houdende een verbod op winstuitkering door zorgverzekeraars (Kamerstukken I 2016/17, 34 522 A e.v.) tot wet is verheven en in werking is getreden voordat deze wet in werking is getreden, komt de aanhef van artikel I, onderdeel B, van deze wet als volgt te luiden:

Onder vernummering van artikel 28a tot artikel 28d worden na artikel 28 drie artikelen ingevoegd, luidende:.

ARTIKEL IV

Indien het bij brief van 20 juli 2016 aan de voorzitter van de Tweede Kamer aangeboden voorstel van wet van de Leden Leijten, Bruins Slot en Bouwmeester houdende een verbod op winstuitkering door zorgverzekeraars (Kamerstukken I 2016/17, 34 522 A e.v.) tot wet is verheven en in werking is getreden voordat deze wet in werking is getreden, wordt in artikel 88a, eerste lid, van de Wet marktordening gezondheidszorg «artikel 28a van de Zorgverzekeringswet» vervangen door: artikel 28d van de Zorgverzekeringswet.

ARTIKEL V

Indien het bij brief van 20 juli 2016 aan de voorzitter van de Tweede Kamer aangeboden voorstel van wet van de Leden Leijten, Bruins Slot en Bouwmeester houdende een verbod op winstuitkering door zorgverzekeraars (Kamerstukken I 2016/17, 34 522 A e.v.) tot wet wordt verheven en in werking treedt nadat deze wet in werking is getreden, wordt die wet als volgt gewijzigd:

A

Het in artikel I van die wet voorgestelde artikel 28a van de Zorgverzekeringswet wordt vernummerd tot artikel 28d.

B

In het eerste lid van het in artikel I, onderdeel B, van die wet voorgestelde artikel 88a van de Wet marktordening gezondheidszorg wordt «artikel 28a van de Zorgverzekeringswet» vervangen door: artikel 28d van de Zorgverzekeringswet.

ARTIKEL VI

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te ’s-Gravenhage, 6 maart 2020

Willem-Alexander

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins

Uitgegeven de achttiende maart 2020

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 34 971