Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 1 december
2020, nr. IenW/BSK-2020/220979, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken;
Gelet op artikel IX, eerste en tweede lid, van de Wet van 20 mei 2020 tot wijziging
van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de implementatie van richtlijn 2014/45/EU
alsmede ter invoering van een registratie- en kentekenplicht voor landbouw- en bosbouwtrekkers,
motorrijtuigen met beperkte snelheid, mobiele machines en aanhangwagens die uitsluitend
bestemd zijn om daardoor te worden voortbewogen en het niet meer toelaten tot het
verkeer van nieuwe motorrijtuigen met beperkte snelheid (Stb. 2020, 167);
Hebben goedgevonden en verstaan:
ARTIKEL I
De Wet van 20 mei 2020 tot wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de
implementatie van richtlijn 2014/45/EU alsmede ter invoering van een registratie-
en kentekenplicht voor landbouw- en bosbouwtrekkers, motorrijtuigen met beperkte snelheid,
mobiele machines en aanhangwagens die uitsluitend bestemd zijn om daardoor te worden
voortbewogen en het niet meer toelaten tot het verkeer van nieuwe motorrijtuigen met
beperkte snelheid (Stb. 2020, 167) treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.
ARTIKEL II
De artikelen II, V en VII, van de Wet van 20 mei 2020 tot wijziging van de Wegenverkeerswet
1994 in verband met de implementatie van richtlijn 2014/45/EU alsmede ter invoering
van een registratie- en kentekenplicht voor landbouw- en bosbouwtrekkers, motorrijtuigen
met beperkte snelheid, mobiele machines en aanhangwagens die uitsluitend bestemd zijn
om daardoor te worden voortbewogen en het niet meer toelaten tot het verkeer van nieuwe
motorrijtuigen met beperkte snelheid (Stb. 2020, 167) vervallen met ingang van 1 januari 2022.
’s-Gravenhage, 4 december 2020
Willem-Alexander
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga
Uitgegeven de elfde december 2020
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus
NOTA VAN TOELICHTING
Met dit besluit wordt voorzien in de inwerkingtreding van de Wet van 20 mei 2020 tot
wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met de implementatie van richtlijn
2014/45/EU alsmede ter invoering van een registratie- en kentekenplicht voor landbouw-
en bosbouwtrekkers, motorrijtuigen met beperkte snelheid, mobiele machines en aanhangwagens
die uitsluitend bestemd zijn om daardoor te worden voortbewogen en het niet meer toelaten
tot het verkeer van nieuwe motorrijtuigen met beperkte snelheid (Stb. 2020, 167) (hierna: de wet). Tevens wordt voorzien in het op een later moment vervallen van
drie overgangsrechtelijke bepalingen uit de wet.
De inwerkingtreding vindt plaats met ingang van 1 januari 2021. Op deze datum werd
al enige tijd geanticipeerd door de sector.
Het is onwenselijk de inwerkingtreding van het wetsvoorstel uit te stellen, omdat
deze dient ter implementatie van een Europese richtlijn. Het betreft richtlijn 2014/45/EU
van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 betreffende de periodieke technische
controle van motorvoertuigen en aanhangwagens en tot intrekking van Richtlijn 2009/40/EG
(PbEU 2014, L 127), die voor 20 mei 2017 geïmplementeerd had moeten zijn. Door de
inwerkingtreding van deze wet en de onderliggende regelgeving kan de lopende infractieprocedure
worden afgewend.
In dit besluit is tevens voorzien in het vervallen van de artikelen II, V en VII van
de wet. Met die artikelen wordt ervoor gezorgd dat bestaande voertuigen die registratie-
en kentekenplichtig worden door de wet, niet meteen geregistreerd hoeven zijn of op
reguliere wijze geregistreerd moeten worden of wegens het niet hebben van een kenteken
in de heffing van belasting van personenauto’s en motorrijwielen of motorrijtuigenbelasting
zouden worden betrokken. Er wordt voorzien in een zogenoemde conversieperiode, waarin
bestaande voertuigen administratief geregistreerd kunnen worden in het kentekenregister.
De conversieperiode zal een jaar duren, tot 1 januari 2022. Met ingang van die datum
kunnen de genoemde overgangsbepalingen vervallen.
Voor bestaande voertuigen is het op grond van artikel III van de wet nog tot 1 januari
2025 niet verplicht om een kentekenplaat te voeren op het voertuig, tenzij sprake
is een situatie als bedoeld in het tweede lid van dat artikel. Ingevolge artikel IX,
derde lid, van de wet vervalt artikel III met ingang van 1 januari 2025.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, C. van Nieuwenhuizen Wijbenga