Besluit van 27 maart 2020 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Tijdelijke wet Groningen

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat van 23 maart 2020, nr. WJZ / 20070780, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Onze Minister voor Rechtsbescherming;

Gelet op artikel 29, eerste lid, van de Tijdelijke wet Groningen;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig artikel

Onverminderd artikel 29, tweede lid, van de Tijdelijke wet Groningen treedt de Tijdelijke wet Groningen in werking op 1 juli 2020.

Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat is belast met de uitvoering van dit besluit, dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 27 maart 2020

Willem-Alexander

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, E.D. Wiebes

Uitgegeven de negentiende juni 2020

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

De Tijdelijke wet Groningen voorziet in een wettelijke regeling van tijdelijke maatregelen ten behoeve van een adequate en onafhankelijke afhandeling van alle vormen van schade als gevolg van bodembeweging door de aanleg of exploitatie van een mijnbouwwerk ten behoeve van gaswinning uit het Groningenveld of de gasopslag bij Norg door de overheid en de financiering daarvan.

Artikel 28, aanhef en onderdelen b en c, van de Tijdelijke wet Groningen treedt ingevolge artikel 29, tweede lid, van de Tijdelijke wet Groningen in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet is geplaatst (te weten 11 maart 2020) en werkt terug tot en met 1 januari 2018.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, E.D. Wiebes

Naar boven