Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van FinanciënStaatsblad 2019, 342Klein Koninklijk Besluit

Besluit van 9 september 2019 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wijzigingswet financiële markten 2019

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 30 augustus 2019, 2019-0000139395, directie Financiële Markten;

Gelet op artikel V, eerste lid, van de Wijzigingswet financiële markten 2019;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig artikel

  • 1. De Wijzigingswet financiële markten 2019 treedt in werking met ingang van 1 januari 2020, met uitzondering van artikel I, onderdelen A, E, G en I, en artikel III, onderdelen A en B.

  • 2. Artikel III, onderdelen A en B, treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit geplaatst wordt.

Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 9 september 2019

Willem-Alexander

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra

Uitgegeven de eenentwintigste oktober 2019

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

NOTA VAN TOELICHTING

Dit besluit regelt de verdere inwerkingtreding van de Wijzigingswet financiële markten 2019. Een aantal onderdelen is reeds op de dag na publicatie van de wet in werking getreden. Het ging daarbij om de onderdelen A, E, G en I van artikel I (zie artikel V, tweede lid, van de wet). Voor het overige zal de wet, met uitzondering van artikel III, onderdelen A en B, op het vaste verandermoment van 1 januari 2020 in werking treden.

De uitzondering van artikel III, onderdelen A en B, houdt verband met het feit dat in die onderdelen wordt geregeld dat de Koninklijke Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants niet meer verplicht is om bepaalde verordeningen door de Minister van Financiën te laten goedkeuren. Omdat het hier gaat om een verplichting die niet langer dienstig wordt geacht, is het wenselijk om de afschaffing daarvan zo spoedig mogelijk in werking te laten treden en daarvoor niet het eerstvolgende vaste verandermoment af te wachten. Bedoelde onderdelen zullen dan ook op de dag na publicatie van dit besluit in werking treden.

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra