Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van FinanciënStaatsblad 2018, 408Wet

Wet van 17 oktober 2018 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht en enige andere wetten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingswet financiële markten 2018)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is dat de Autoriteit Financiële Markten gegevens die zij verkrijgt in het kader van haar toezicht op grond van de Wet op het financieel toezicht en die relevant zijn voor het toezicht van de Autoriteit Consument & Markt op grond van de Wet handhaving consumentenbescherming aan de ACM kan verstrekken, dat de Autoriteit Financiële Markten ten behoeve van het toezicht op de naleving van bepaalde vakbekwaamheidseisen gegevens kan verkrijgen uit het informatiesysteem inzake beroepskwalificaties, om derdenbeslag op rekeningen die bij De Nederlandsche Bank worden aangehouden ten behoeve van het betalingsverkeer te verbieden, de termijn voor het nemen van een besluit op de aanvraag van een bankvergunning te verruimen, alsmede enige andere wijzigingen en verbeteringen in de wetgeving op het terrein van de financiële markten aan te brengen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Wet op het financieel toezicht wordt gewijzigd als volgt:

aA

In artikel 1:2, eerste lid, wordt «de hoofdstukken 5.1, 5.1a, 5.3 en 5.5» vervangen door «de hoofdstukken 5.1, 5.1a, 5.3, 5.5 en de afdelingen 5.9.1, 5.9.2 en 5.9.3».

A

In artikel 1:13a, tweede lid, wordt na «dit deel» ingevoegd: en.

B

Aan artikel 1:93, eerste lid, wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van het laatste onderdeel door een puntkomma, een onderdeel, waarvan de letteraanduiding alfabetisch aansluit op het laatste onderdeel, toegevoegd, luidende:

  • #. Onze Minister van Justitie en Veiligheid, voor zover de gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening van zijn taken op grond van artikel 2, eerste lid, van de Wet controle op rechtspersonen.

C

Onder vernummering van de artikelen 1:93c tot en met 1:93e tot 1:93d tot en met 1:93f wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 1:93c

  • 1. De Autoriteit Financiële Markten kan, in afwijking van artikel 1:89, eerste lid, vertrouwelijke gegevens of inlichtingen verkregen bij de vervulling van de haar ingevolge deze wet opgedragen taak, verstrekken aan de Autoriteit Consument en Markt, voor zover deze gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening haar taken op grond van de Wet handhaving consumentenbescherming.

  • 2. Artikel 1:93, tweede tot en met vierde lid, met uitzondering van het tweede lid, onderdeel b, is van overeenkomstige toepassing.

  • 3. De Autoriteit Financiële Markten waarborgt dat informatie-uitwisseling op grond van dit artikel plaatsvindt met inachtneming van het geheimhoudingsregime dat ingevolge Europese richtlijnen of verordeningen op de desbetreffende gegevens of inlichtingen van toepassing is.

D

In artikel 1:102 wordt, onder vernummering van het zesde lid tot zevende lid, een lid ingevoegd, luidende:

  • 6. In afwijking van het derde lid stelt de toezichthouder, indien de aanvraag betrekking heeft op een vergunning als bedoeld in artikel 2:11, binnen zesentwintig weken een ontwerpbesluit als bedoeld in artikel 2:12, eerste lid, op, dan wel beslist hij binnen die termijn met toepassing van artikel 2:12, derde lid.

E

Artikel 1:103 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid wordt «artikel 1:102, derde lid» vervangen door: artikel 1:102, derde of zesde lid.

2. Onder vernummering van het derde lid tot vierde lid, wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 3. In afwijking van het tweede lid stelt de toezichthouder, indien de aanvraag betrekking heeft op een vergunning als bedoeld in artikel 2:11, in elk geval binnen achtenveertig weken een ontwerpbesluit als bedoeld in artikel 2:12, eerste lid, op, dan wel beslist hij in elk geval binnen die termijn met toepassing van artikel 2:12, derde lid.

3. In het derde lid wordt «de artikelen 2:67b, zesde lid, en 2:69, derde lid, van toepassing zijn» vervangen door: artikel 2:67b, zesde lid, van toepassing is.

F

In artikel 1:104, eerste lid, worden het tweede onderdeel m en onderdeel n verletterd tot n en o, vervalt «of» aan het slot van het voorlaatste onderdeel, wordt de punt aan het slot van het laatste onderdeel vervangen door «; of» en wordt een onderdeel, waarvan de letteraanduiding alfabetisch aansluit op het laatste onderdeel, toegevoegd, luidende:

  • #. doorhaling of beëindiging heeft plaatsgevonden van de inschrijving van de vergunninghouder in het handelsregister als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h van de Handelsregisterwet 2007.

Fa

In artikel 1:119 wordt onder vernummering van het tweede lid tot derde lid een lid ingevoegd, luidende:

  • 2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een in Nederland gelegen bijkantoor van een beleggingsonderneming met zetel in een andere lidstaat.

Faa

Aan artikel 2:84 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. Indien de Autoriteit Financiële Markten een mededeling heeft ontvangen van een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat met betrekking tot het bemiddelen in hypothecair krediet vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor of door middel van het verrichten van diensten naar Nederland, kan zij voordat de bemiddelaar in hypothecair krediet aanvangt met het verlenen van diensten in Nederland, maar in ieder geval binnen twee maanden na ontvangst van de mededeling, de bemiddelaar in hypothecair krediet bekendmaken welke voorwaarden door hem om redenen van algemeen belang in acht moeten worden genomen bij het verlenen van zijn financiële diensten in Nederland.

Fb

Afdeling 2.2.12a wordt vernummerd tot afdeling 2.2.12.2a en opgenomen na afdeling 2.2.12.2. De paragrafen 2.1.12a.1 en 2.1.12a.2 worden vernummerd tot 2.1.12.2a.1 en 2.1.12.2a.2.

G

Artikel 3:6, vierde lid, vervalt.

Ga

In artikel 3:100, eerste lid, wordt in onderdeel b voor de tekst «de aanvrager, mede gelet op zijn reputatie, niet geschikt is of» ingevoegd.

H

[Vervallen]

Ha

In artikel 4:2e wordt «De artikelen 4:9, derde lid, 4:11, eerste en derde tot en vijfde lid, 4:14, eerste en tweede lid, 4:16, 4:18a tot en met 4:18e, 4:19, 4:20, 4:22, eerste lid, 4:23, 4:24, 4:25, 4:88, 4:89 en 4:90 zijn van overeenkomstige toepassing» vervangen door «Het bij of krachtens de artikelen 4:9, derde lid, 4:11, eerste en derde tot en vijfde lid, 4:14, eerste en tweede lid, 4:15, tweede lid, onderdeel b, onder 2°, 4:16, 4:18a tot en met 4:18e, 4:19, 4:20, 4:22, eerste lid, 4:23, 4:24, 4:25, 4:88, 4:89 en 4:90 bepaalde met betrekking tot beleggingsondernemingen is van overeenkomstige toepassing».

I

Aan het tweede lid van artikel 4:9a wordt een zin toegevoegd, luidende: Voorts heeft het informatiesysteem tot doel gegevens te verstrekken aan de Autoriteit Financiële Markten ten behoeve van het toezicht op de naleving van de bij of krachtens artikel 4:9, tweede lid en derde lid, eerste volzin, gestelde regels.

Ia

Artikel 4:89 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het tweede, derde en vierde lid vervallen onder vernummering van het vijfde lid tot tweede lid.

2. Het tweede lid (nieuw) komt te luiden:

  • 2. De rechten en plichten, bedoeld in het eerste lid, kunnen worden beschreven door middel van verwijzing naar andere documenten of wetteksten.

Ib

Paragraaf 4.3.7.4 vervalt.

J

In artikel 5:25v, derde lid, wordt «artikel 5:25m, derde lid» vervangen door: artikel 5:25m, vierde lid.

Ja

In artikel 5:30a, tweede lid, tweede zin, wordt «elke materiële wijziging van deze parameters» vervangen door «deze parameters en elke materiële wijziging daarvan».

K

De bijlage bij artikel 1:79 en de bijlage bij artikel 1:80 worden gewijzigd als volgt:

1. In de opsomming van artikelen uit het Algemeen deel wordt «artikel 1:76, achtste lid, aanhef en onderdeel a» vervangen door: 1:76, achtste lid, aanhef en onderdeel a.

2. In de opsomming van artikelen in het Deel Markttoegang financiële ondernemingen wordt«artikel 2:123, eerste, derde tot en met vijfde lid» vervangen door: 2:123, eerste, derde tot en met vijfde lid.

3. In de opsomming van artikelen in het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen wordt «3:6, eerste en vierde lid» vervangen door: 3:6, eerste lid, en wordt «artikel 3:62a, derde tot en met zesde lid» vervangen door: 3:62a, derde tot en met zesde lid.

4. In de opsomming van artikelen in het Deel Gedragstoezicht financiële markten wordt «5:25m, eerste, tweede, vijfde en zevende lid» vervangen door: 5:25m, eerste, tweede, vijfde en zesde lid.

L

In de opsomming van artikelen in het Deel Gedragstoezicht financiële markten in de bijlage bij artikel 1:80 wordt «artikel 5:38, eerste, tweede en derde lid artikel 5:39, eerste en tweede lid» vervangen door: 5:38, eerste, tweede en derde lid 5:39, eerste en tweede lid.

ARTIKEL II

De Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme BES wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 2.2, tweede lid, wordt gewijzigd als volgt:

a. In onderdeel b vervalt «indien van toepassing,»;

b. In onderdeel d wordt «de instelling» vervangen door: de dienstverlener.

B

Artikel 2.3, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. De dienstverlener draagt er zorg voor dat hij over identiteitsgegevens van de cliënt beschikt die juist en volledig zijn.

C

Artikel 3.5 wordt gewijzigd als volgt:

1. Het tweede lid wordt gewijzigd als volgt:

a. In onderdeel a, wordt na «de identiteit van de cliënt» ingevoegd: , de identiteit van de uiteindelijk belanghebbenden.

2. In onderdeel b, wordt na «cliënt» ingevoegd: en, voorzover mogelijk, van de overige in onderdeel a bedoelde personen;

3. Het vierde lid komt te luiden:

  • 4. De meldingsplicht, bedoeld in het eerste lid, is van overeenkomstige toepassing indien:

    • a. een cliëntenonderzoek als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, niet leidt tot het in artikel 2.2, tweede lid, onderdelen a, b, c, e, en f, bedoelde resultaat, en er tevens indicaties zijn dat de desbetreffende cliënt betrokken is bij witwassen of financieren van terrorisme;

    • b. een zakelijke relatie wordt beëindigd ingevolge artikel 2.4, derde lid, en er tevens indicaties zijn dat de desbetreffende cliënt betrokken is bij witwassen of financieren van terrorisme.

4. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 5. Bij een melding ingevolge het vierde lid verstrekt een dienstverlener naast de gegevens, bedoeld in het tweede lid, een beschrijving van de redenen waarom het vierde lid van toepassing is.

D

Artikel 4.2 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het tweede lid wordt «een volledig ingevulde en ondertekende aangifte» vervangen door: een volledig en juist ingevuld en ondertekend aangifteformulier.

2. Het zesde lid komt te luiden:

  • 6. Indien in het desbetreffende openbaar lichaam geen douaneambtenaar aanwezig is bij wie de aanmelding kan worden gedaan, geschiedt de aanmelding bij de ambtenaren bevoegd inzake paspoortcontrole.

E

De aanhef van artikel 4.3 komt te luiden:

Bij de aanmelding worden juiste en volledige gegevens verstrekt omtrent:

ARTIKEL IIA

Artikel 25 van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme komt te luiden:

Artikel 25

  • 1. Indien de medewerkers van een toezichthoudende autoriteit, dan wel de in artikel 24, tweede lid, bedoelde deken, bij de uitoefening van hun taak op grond van deze wet of enige andere wet feiten ontdekken die kunnen duiden op witwassen of financieren van terrorisme, licht de toezichthoudende autoriteit onder wiens verantwoordelijkheid zij hun taak uitoefenen, dan wel de in artikel 24, tweede lid, bedoelde deken, de Financiële inlichtingen eenheid in, zo nodig in afwijking van de toepasselijke wettelijke geheimhoudingsbepalingen, voor zover de gegevens of inlichtingen dienstig zijn voor de uitoefening van de wettelijke taken van de Financiële inlichtingen eenheid.

  • 2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van medewerkers van De Nederlandsche Bank N.V., voor zover zij betrokken zijn bij de verwisseling, intrekking en aftekening van bankbiljetten als bedoeld in artikel 27, derde lid, van de Bankwet 1998

ARTIKEL III

Het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt gewijzigd als volgt:

In de artikelen 436 en 703 wordt na «bestemd voor de openbare dienst» telkens ingevoegd: of op goederen die De Nederlandsche Bank N.V. onder zich heeft ten behoeve van een systeem als bedoeld in artikel 212a, onder b, van de Faillissementswet.

ARTIKEL IV

Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 447, eerste lid, wordt na «het verslag, bedoeld in artikel 392a» ingevoegd: of artikel 5:25e van de Wet op het financieel toezicht.

B

In artikel 449, eerste lid, wordt aan de laatste zin de volgende zinsnede toegevoegd: , met dien verstande dat de termijn van een verzoek dat betrekking heeft op het verslag, bedoeld in artikel 5:25e van de Wet op het financieel toezicht, aanvangt op het moment dat het verslag overeenkomstig artikel 5:25m, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht algemeen verkrijgbaar is gesteld.

C

Artikel 452 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid wordt «of artikel 5:25v, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht» vervangen door: 5:25e, artikel 5:25v, eerste lid, of artikel 5:25w van de Wet op het financieel toezicht.

2. In het tweede lid, onderdeel b, wordt «onder 4° tot en met 7°» vervangen door: onder 4° tot en met 8°.

D

Artikel 454 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het tweede lid wordt «of artikel 5:25v, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht» vervangen door: 5:25e, artikel 5:25v, eerste lid, of artikel 5:25w van de Wet op het financieel toezicht.

2. In het vierde lid, onderdeel b, wordt «onder 4° tot en met 7°» vervangen door: onder 4° tot en met 8°.

ARTIKEL V

De Wet toezicht financiële verslaggeving wordt gewijzigd als volgt:

A

Aan artikel 1, onderdeel d, onder 8°, wordt voor de punt de volgende zinsnede ingevoegd: of in artikel 392a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

B

2. In artikel 2, eerste lid, en in artikel 3, tweede lid, onderdeel b, wordt «of artikel 5:25v, eerste lid, van de Wet op het financieel toezicht» telkens vervangen door: 5:25v, eerste lid, of 5:25w van de Wet op het financieel toezicht.

ARTIKEL VI

De Wet toezicht accountantsorganisaties wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. Op de wettelijke controle van aangewezen categorieën van ondernemingen, instellingen of openbare lichamen als bedoeld in het eerste lid zijn de bepalingen betreffende wettelijke controles bij organisaties van openbaar belang uit de verordening van overeenkomstige toepassing voor zover daar bij of krachtens deze wet niet van wordt afgeweken.

B

In artikel 52 wordt na «bepaald,» ingevoegd «of het hiërarchisch hoogste netwerkonderdeel met zetel in Nederland dat invloed uitoefent op het beleid van de accountantsorganisatie dat niet voldoet aan hetgeen bij of krachtens de artikelen 16 en 22a van de wet is bepaald,».

ARTIKEL VII

De Wet tuchtrechtspraak accountants wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 9, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. De Autoriteit Financiële Markten en de beroepsorganisatie dragen na uitvaardiging van een last tot tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 47 zorg voor opname van de tuchtrechtelijke maatregel in de registers.

B

Artikel 12 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het tweede lid wordt na «Van de leden is» ingevoegd: ten minste.

2. Het derde lid komt te luiden:

  • 3. De plaatsvervangende leden zijn rechterlijk ambtenaar met rechtspraak belast, accountant of deskundig ter zake van werkzaamheden die accountants verrichten.

3. In het vierde lid wordt «zijn zijn» vervangen door: zijn.

C

Aan artikel 14 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De artikelen 13a, 13b, uitgezonderd het eerste lid, onderdelen b en c, en vierde lid, en 13c tot en met 13g van de Wet op de rechterlijke organisatie zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van gedragingen van de voorzitter en de leden, met dien verstande dat:

    • a. voor de overeenkomstige toepassing van die artikelen onder «het betrokken gerechtsbestuur» wordt verstaan: de voorzitter van de accountantskamer; en

    • b. de procureur-generaal niet verplicht is aan het verzoek, bedoeld in artikel 13a, te voldoen, indien de verzoeker redelijkerwijs onvoldoende belang heeft bij een onderzoek als bedoeld in datzelfde artikel.

D

Aan artikel 18 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 5. De voorzitter, leden en plaatsvervangende leden blijven na het einde van hun lidmaatschap bevoegd om deel te nemen aan de verdere behandeling van en de beslissing over klachten, aan de behandeling waarvan zij voor het einde van hun lidmaatschap reeds hebben deelgenomen.

E

Artikel 20, eerste lid, komt te luiden:

  • 1. De artikelen 14, eerste en tweede lid, en 15 tot en met 18 zijn van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangers van de voorzitter, de leden en de secretaris. Artikel 14, derde lid is van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangers van de voorzitter en de leden.

F

Aan artikel 23, eerste lid, wordt toegevoegd: Het griffierecht komt ten bate van de Staat.

G

Artikel 46, tweede lid, komt te luiden:

  • 2. De Autoriteit Financiële Markten en de beroepsorganisatie dragen na uitvaardiging van een last tot tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 47, zorg voor opname van de tuchtrechtelijke maatregel in de registers.

ARTIKEL VIII

De Wet bekostiging financieel toezicht wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 1, onderdeel c, wordt gewijzigd als volgt:

1. onder 9° vervalt.

2. onder 10° tot en met 22° worden genummerd 9° tot en met 21°

B

In bijlage II vervalt in de opsomming van de gebruikte afkortingen «Wgt: Wet inzake de geldtransactiekantoren» en wordt in onderdeel «Toezichthouder: de Nederlandsche Bank», categorie Beheerders van beleggingsinstellingen en van icbe’s alsmede bewaarders alsmede beleggingsinstellingen» het tweede onderdeel d in de kolom «Personen» verletterd tot e.

ARTIKEL IX

De Wet handhaving consumentenbescherming wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 3.1 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid wordt «intracommunautaire inbreuken» vervangen door «inbreuken of intracommunautaire inbreuken» en wordt «intracommunautaire inbreuk» vervangen door: inbreuk of intracommunautaire inbreuk.

2. In het tweede lid wordt «intracommunautaire inbreuken» vervangen door: inbreuken of intracommunautaire inbreuken.

B

Na artikel 3.2 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 3.3

  • 1. De Stichting Autoriteit Financiële Markten kan gegevens of inlichtingen die zij in verband met enige werkzaamheid ten behoeve van de uitvoering van een taak als bedoeld in artikel 3.1 heeft verkregen, verstrekken aan de Autoriteit Consument en Markt, de overige bevoegde autoriteiten, genoemd in hoofdstuk 3, en de andere overheidsinstanties, genoemd in artikel 4.1, eerste lid, ten behoeve van een goede vervulling van hun taken genoemd in deze wet.

  • 2. Verstrekking van gegevens of inlichtingen vindt uitsluitend plaats indien:

    • a. de geheimhouding van de gegevens of inlichtingen in voldoende mate is gewaarborgd; en

    • b. voldoende is gewaarborgd dat de gegevens of inlichtingen niet zullen worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor deze worden verstrekt.

ARTIKEL X

Artikel 2 van de Wet houdbare overheidsfinanciën wordt gewijzigd als volgt:

1. Er wordt, onder vernummering van het achtste tot en met elfde lid tot negende tot en met twaalfde lid, een lid ingevoegd, luidende:

  • 8. De Afdeling advisering van de Raad van State is de onafhankelijke instantie belast met het toezicht op de naleving van begrotingsregels als bedoeld in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 473/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende gemeenschappelijke voorschriften voor het monitoren en beoordelen van ontwerpbegrotingsplannen en voor het garanderen van de correctie van buitensporige tekorten van de lidstaten van de eurozone (PbEU 2013, L 140).

2. In het negende lid (nieuw) vervalt: over een nota als bedoeld in het zesde lid en.

ARTIKEL XA

Aan artikel 10, tweede lid, van de Sanctiewet 1977 wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel j door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • k. financiële ondernemingen die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland rechten van deelneming in een icbe mogen aanbieden of beheerder van een icbe mogen zijn.

ARTIKEL XI

De artikelen I, onderdeel C, en XVII van de Wijzigingswet financiële markten 2015 vervallen.

ARTIKEL XIA

In hoofdstuk VIII van de Wet tuchtrechtspraak accountants wordt na het opschrift van dat hoofdstuk een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 51

Artikel 22, eerste lid, is niet van toepassing op handelen of nalaten dat heeft plaatsgevonden voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel III, onderdeel A, van de Wet aanvullende maatregelen accountantsorganisaties, indien de termijn waarbinnen op grond van artikel 22, eerste lid, zoals dat voor bedoeld tijdstip luidde, ter zake van dat handelen of nalaten een klacht kon worden ingediend bij de accountantskamer, op dat tijdstip reeds was verstreken.

ARTIKEL XIB

In artikel VI van de Wet aanvullende maatregelen accountantsorganisaties wordt «artikel I, onderdeel C, van deze wet» telkens vervangen door «artikel I, onderdeel D, van deze wet».

ARTIKEL XII

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

ARTIKEL XIII

Deze wet wordt aangehaald als: Wijzigingswet financiële markten 2018.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te Wassenaar, 17 oktober 2018

Willem-Alexander

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra

Uitgegeven de vijftiende november 2018

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 34 859