Besluit van 25 januari 2012 tot wijziging van het Besluit subsidiëring stichting advisering bestuursrechtspraak milieu en ruimtelijke ordening (mogelijkheid vaststellen subsidieplafond)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu van 31 oktober 2011, nr. IenM/BSK-2011/141889, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken;

Gelet op de artikelen 20.17, eerste lid, van de Wet milieubeheer en 8.8 van de Wet ruimtelijke ordening;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 6 januari 2012, nr. W14.11.0459/IV);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu van 19 januari 2012 , nr. IenM/BSK-2012/4640, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Besluit subsidiëring stichting advisering bestuursrechtspraak milieu en ruimtelijke ordening wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel 1, onderdeel a, wordt «Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer» vervangen door: Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.

B

Artikel 3 komt te luiden:

Artikel 3

Bij ministeriële regeling kan een subsidieplafond worden vastgesteld.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de dagtekening van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.histnoot

’s-Gravenhage, 25 januari 2012

Beatrix

De Minister van Infrastructuur en Milieu, M. H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

Uitgegeven de tiende februari 2012

De Minister van Veiligheid en Justitie, I. W. Opstelten

NOTA VAN TOELICHTING

I. Algemeen

De financiering van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening (hierna: StAB) komt ten laste van de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Als gevolg van de noodzakelijke bezuinigingen is het niet langer wenselijk om de subsidiëring van de StAB in feite een open einde te laten kennen. In overleg met de StAB wordt de financiering afhankelijk van een subsidieplafond.

Daarom is in het Besluit subsidiëring stichting advisering bestuursrechtspraak milieu en ruimtelijke ordening (hierna: Besluit subsidiëring StAB) een grondslag opgenomen voor het bij ministeriële regeling vaststellen van een subsidieplafond.

Dit besluit heeft geen effect op rechten of verplichtingen voor burgers of bedrijven en heeft daarom geen gevolgen voor de administratieve lasten.

II. Artikelsgewijs

Artikel I

onderdeel A

Met ingang van 14 oktober 2010 zijn de verantwoordelijkheden van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer overgegaan op de Minister van Infrastructuur en Milieu. Het Besluit subsidiëring StAB is daar nu op aangepast.

onderdeel B

In de artikelen 8.8 van de Wet ruimtelijke ordening en 20.17 van de Wet milieubeheer is bepaald dat de Minister van Infrastructuur en Milieu de StAB subsidie verleent voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor een goede taakuitoefening van de stichting. Die bepaling is, blijkens de wetsgeschiedenis, opgenomen teneinde te voorkomen dat er sprake zou zijn van een zogenoemde open einde-financiering.

Omdat de tekst van de genoemde artikelen op dit punt voor meerdere interpretaties vatbaar blijkt, is met deze wijziging expliciet gemaakt dat er een maximumbedrag geldt voor deze subsidie.

Artikel 3 van het Besluit subsidiëring StAB bevat de grondslag voor het vaststellen van een subsidieplafond. Dat plafond wordt vastgesteld bij regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu.

Artikel II

Omdat dit besluit geen gevolgen heeft voor het bedrijfsleven of voor medeoverheden is er geen invoeringstermijn van toepassing.

De Minister van Infrastructuur en Milieu, M. H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus


XHistnoot
histnoot

Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State wordt met de daarbijbehorende stukken openbaar gemaakt door publicatie in de Staatscourant.

Naar boven