Wet van 15 september 2011 inzake wijziging van de begrotingsstaat van de overige Hoge Colleges van Staat en de Kabinetten van de Gouverneurs (IIB) voor het jaar 2011 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de noodzaak is gebleken van een wijziging van de begrotingsstaat van de overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs (IIB) voor het jaar 2011 en vastgesteld bij de wet van 28 januari 2011, Stb. 149;

Zo is het, dat Wij, met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

De begrotingsstaat inzake de overige Hoge Colleges van Staat en de Kabinetten van de Gouverneurs voor het jaar 2011 wordt gewijzigd, zoals blijkt uit de desbetreffende bij deze wet behorende staat.

Artikel 2

De vaststelling van de in artikel 1 bedoelde begrotingsstaten geschiedt in duizenden euro’s.

Artikel 3

Deze wet treedt in werking met ingang van 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na de datum van 1 juni, dan treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te ’s-Gravenhage, 15 september 2011

Beatrix

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

J. P. H. Donner

Uitgegeven de eenendertigste oktober 2011

De Minister van Veiligheid en Justitie,

I. W. Opstelten

Wijziging van de begrotingsstaat van de overige Hoge Colleges van Staat en de Kabinetten van de Gouverneurs (IIB) voor het jaar 2011 (wijziging samenhangend met de Voorjaarsnota)

Art.

Omschrijving

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Mutaties (+ of –) 1e suppletoire begroting

   

Verplichtingen

Uitgaven

Ontvangsten

Verplichtingen

Uitgaven

Ontvangsten

 

Totaal

116 026

116 026

3 681

7 408

7 408

1 945

               
 

Beleidsartikelen

           

1

Raad van State

61 200

61 200

1 852

3 268

3 268

500

2

Algemene Rekenkamer

29 125

29 125

1 217

914

914

0

3

De Nationale Ombudsman

16 028

16 028

489

1 019

1 019

1 300

4

Kanselarij der Nederlandse Orden

3 522

3 522

23

36

36

0

6

Kabinet van de gouverneur van Aruba

1 457

1 457

60

655

655

75

7

Kabinet van de gouverneur van Cuarçao

2 920

2 920

40

28

28

0

8

Kabinet van de gouverneur van Sint Maarten

1 747

1 747

0

519

519

70

10

Nominaal en onvoorzien

27

27

0

969

969

0


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 32 780 IIB

Naar boven