Besluit van 27 januari 2010, houdende wijziging van het Besluit zorgverzekering met het oog op de beheerskosten van het CAK voor de compensatie van het verplicht eigen risico

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 21 december 2009, Z/VU-2976819;

Gelet op artikel 118a, vijfde lid, van de Zorgverzekeringswet;

De Raad van State gehoord (advies van 14 januari 2010, nr. W13.09.0547/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 21 januari 2010, Z/VU-2982576;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Besluit zorgverzekering wordt als volgt gewijzigd:

Na artikel 3a.1 wordt toegevoegd:

Artikel 3a.2

  • 1. Onze Minister geeft het College zorgverzekeringen voorafgaande aan ieder kalenderjaar een aanwijzing over de voor dat jaar ten laste van het Zorgverzekeringsfonds komende beheerskosten, bedoeld in artikel 39, derde lid, onderdeel f, van de wet.

  • 2. Met inachtneming van het eerste lid stelt het College zorgverzekeringen jaarlijks het budget voor de beheerskosten, bedoeld in het eerste lid, vast.

  • 3. Het College zorgverzekeringen bepaalt de wijze van betaalbaarstelling van het budget.

Artikel 3a.3

  • 1. Het CAK neemt in zijn jaarrekening op:

    • a. de omvang van de egalisatiereserve voor de uitvoering van de compensatieregeling voor het verplicht eigen risico, met dien verstande dat de totale egalisatiereserve maximaal 5% van de totale beheerskosten van het betreffende jaar bedraagt;

    • b. het verschil tussen het budget en de realisatie, dat ten laste of ten bate komt van de egalisatiereserve.

  • 2. Het College zorgverzekeringen stelt jaarlijks aan de hand van het financieel jaarverslag van het CAK vast of de reserve het gestelde maximum te boven gaat. Indien dit het geval is, stort het CAK het door het College zorgverzekeringen vastgestelde bedrag van de overschrijding binnen vier weken in het Zorgverzekeringsfonds.

Artikel 3a.4

Indien het CAK op een naar het oordeel van de zorgautoriteit onverantwoorde wijze op zijn beheerskosten bespaart, wordt het budget, bedoeld in artikel 3a.2, voor het desbetreffende kalenderjaar door het College zorgverzekeringen verlaagd met het door de zorgautoriteit aangegeven bedrag van die besparing.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2009.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.histnoot

’s-Gravenhage, 27 januari 2010

Beatrix

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink

Uitgegeven de zestiende februari 2010

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

NOTA VAN TOELICHTING

Algemeen deel

Op grond van artikel 118a van de Zorgverzekeringswet (Zvw) voert het CAK de compensatieregeling voor het verplicht eigen risico uit. In artikel 39, derde lid, onderdeel f, Zvw is bepaald dat de uitkering die het CAK op grond van artikel 118a Zvw aan verzekerden betaalt, uit het Zorgverzekeringsfonds wordt gefinancierd. Dit geldt tevens voor de daarmee voor het CAK gepaard gaande beheerskosten. Op grond van artikel 39 Zvw is duidelijk dat het moet gaan om de werkelijke kosten. Artikel 118a, vijfde lid, Zvw, geeft de bevoegdheid om bij algemene maatregel van bestuur te bepalen op welke wijze het College zorgverzekeringen (CVZ) de beheerskosten, bedoeld in artikel 39, derde lid, onderdeel f, Zvw vaststelt. Met dit besluit wordt hier invulling aan gegeven.

Artikelsgewijs

Artikel I

Artikel 3a.2

Het eerste lid, bepaalt dat de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het CVZ ieder jaar een aanwijzing geeft over de beheerskosten die het CVZ, als beheerder van het Zorgverzekeringsfonds, het daaropvolgende jaar voor de uitvoering van de in artikel 118a Zvw bedoelde taak aan het CAK kan uitkeren. De aanwijzing zal in ieder geval de hoogte van het budget betreffen. Op basis van de aanwijzing van de Minister van VWS stelt het CVZ vervolgens het beheerskostenbudget vast (tweede lid). Het derde regelt dat het CVZ de wijze van betaalbaarstelling van het budget bepaalt. Het CVZ kan beleidsregels stellen over de wijze van vaststellen van het beheerskostenbudget en over de wijze waarop een voorschot kan worden verstrekt.

Artikel 3a.3

Het CAK geeft in zijn jaarrekening de omvang van de egalisatiereserve «uitvoering compensatieregeling eigen risico» en het verschil tussen het budget en de realisatie dat ten laste of ten bate komt van de egalisatiereserve weer. Deze egalisatiereserve is maximaal 5% van de totale beheerskosten van het betreffende jaar. Dit percentage stemt overeen met dat wat voor zelfstandige bestuursorganen (zbo’s) wordt gehanteerd. Een dergelijke reserve is nodig om incidentele tegenvallers bij de uitvoering van de compensatieregeling te kunnen opvangen. Een reserve zorgt ervoor dat schommelingen in de beheerskosten van jaar op jaar zoveel mogelijk worden gemitigeerd en dat verantwoord met mee- en tegenvallers wordt omgegaan. Met de reserve wordt beoogd om de noodzaak tot het indienen van een suppletoire begroting te beperken.

Het CVZ stelt aan de hand van het financieel verslag van het CAK jaarlijks vast of er sprake is van overschrijding van het maximum van de reserve. Het meerdere dient binnen vier weken na vaststelling teruggestort te worden in het Zorgverzekeringsfonds. Na beoordeling van het financieel verslag door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) corrigeert het CVZ indien nodig de afrekening van het maximum met het CAK.

Omdat het CAK een reserve uitvoering compensatieregeling eigen risico aanhoudt, impliceert dit ook een aanpassing van de beheerskostenbudgetsystematiek; een systematiek die niet automatisch inhoudt dat het uitgekeerde beheerskostenbudget gelijk is aan de werkelijke beheerskosten. De budgettering van het CAK houdt in dat het de beschikking krijgt over een beheerskostenbudget dat vooraf is vastgesteld. Kleine afwijkingen tussen het beheerskostenbudget en de werkelijke beheerskosten moet het CAK met behulp van de egalisatiereserve opvangen. Voor grote afwijkingen tussen het beheerskostenbudget en de werkelijke beheerskosten CAK zal het budget worden aangepast. Hierdoor zorgt een egalisatiereserve voor een grotere financiële verantwoordelijkheid van het CAK en vergroot deze de zelfstandigheid van de bedrijfsvoering.

Artikel 3a.4

Ingevolge artikel 16, onderdeel f, van de Wet marktordening gezondheidszorg houdt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) toezicht op de wijze waarop het CAK artikel 118a Zvw uitvoert. Dit geldt ook voor de beheerskosten die met die uitvoering gemoeid zijn. Ten behoeve van het toezicht heeft de NZa een Handleiding jaarverslaggeving CAK en Protocol Accountantsonderzoek CAK opgesteld. Hierin staan criteria zoals bestendige gedragslijn, transparantie, rekenkundige juistheid en toetsbaarheid.

Als leidraad wordt aangehouden dat de egalisatiereserve alleen onder bijzondere omstandigheden een negatieve waarde mag aannemen en dat in alle gevallen waarin de egalisatiereserve onder nul komt, er specifieker toezicht plaatsvindt. Als de egalisatiereserve een te hoge waarde aanneemt, is dat ook reden voor specifieker toezicht.

Indien het CAK naar het oordeel van de NZa op onverantwoorde wijze op zijn beheerkosten bespaart, stelt de NZa het CVZ op de hoogte van de omvang van het ten onrechte bespaarde bedrag. Het CVZ brengt dit bedrag vervolgens in mindering op het beheerskostenbudget dat het CVZ over het afgelopen jaar heeft toebedeeld. Daarmee wordt voorkomen dat het CAK door het niet of gedeeltelijk niet uitvoeren van een bepaalde taak besparingen op de beheerskosten heeft en vervolgens een ongewenste egalisatiereserve opbouwt.

Artikel II

De terugwerkende kracht van artikel II houdt verband met het feit dat het onwenselijk is om de regels inzake de vaststelling van de beheerskosten voor de uitvoering van artikel 118a Zvw betrekking te laten hebben op een deel van een kalenderjaar. Deze terugwerkende kracht is niet bezwaarlijk, omdat al conform de opgestelde regels wordt gewerkt.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink


XHistnoot
histnoot

Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vijfde lid j° vierde lid, onder b van de Wet op de Raad van State, omdat het zonder meer instemmend luidt.

Naar boven