Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van FinanciënStaatsblad 2008, 244AMvB

Besluit van 23 juni 2008 tot wijziging van het Besluit toezicht accountantsorganisaties en inwerkingtreding van de wet van 12 juni 2008 houdende wijziging van de Wet toezicht accountantsorganisaties en Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, ter implementatie van richtlijn nr. 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen, tot wijziging van de Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, en houdende intrekking van Richtlijn 84/253/EEG van de Raad (PbEU L 157)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 10 juni 2008, nr. FM 2008-00664 M;

Gelet op de artikelen 8, 11, derde lid, 12c, tweede lid, 15, tweede lid, 18, derde lid, 22 en 40 van de Wet toezicht accountantsorganisaties;

De Raad van State gehoord (advies van 18 juni 2008, nr. W06.08.0217/III);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 20 juni 2008 (nr. FM 2008-01524 M);

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Besluit toezicht accountantsorganisaties wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onderdeel c vervalt.

2. De letteraanduidingen voor de afzonderlijke onderdelen vervallen.

3. In alfabetische volgorde worden twee onderdelen ingevoegd, luidende:

groepsaccountant: externe accountant die de verantwoordelijkheid draagt voor het afgeven van een accountantsverklaring bij de jaarrekening die mede de geconsolideerde jaarrekening van een groep ondernemingen of instellingen bevat;

verbonden entiteit: onderneming of instelling die met een accountantsorganisatie is verbonden door middel van gemeenschappelijke eigendom, zeggenschap of bestuur;.

B

Het opschrift van hoofdstuk 2 komt te luiden: Hoofdstuk 2. Bepalingen ter uitvoering van de artikelen 8 en 12c, eerste en tweede lid, van de wet.

C

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid wordt als volgt gewijzigd:

a. In onderdeel k wordt de zinsnede «het NIVRA of de NOvAA van alle personen die het dagelijks beleid van de aanvrager bepalen of mede bepalen» vervangen door: een beroepsorganisatie van alle personen die het dagelijks beleid van de aanvrager bepalen of mede bepalen en de naam van die organisatie,,

b. Onderdeel m komt te luiden:

m. indien de aanvrager deel uitmaakt van een netwerk:

1°. een beschrijving van de juridische en organisatorische structuur van het netwerk; en

2°. de namen, adressen en vestigingsplaatsen van de onderscheiden onderdelen van het netwerk, waaronder verbonden entiteiten; of

3°. een verwijzing naar de plaats waar de in onderdeel 2° bedoelde informatie publiek toegankelijk is;.

c. Aan het slot van onderdeel n vervalt «en».

d. Onderdeel o wordt geletterd r.

e. Na onderdeel n worden drie onderdelen ingevoegd, luidende:

o. indien een externe accountant als bedoeld in onderdeel n, is ingeschreven in de registers van andere toezichthoudende instanties: de naam van de toezichthoudende instanties en, indien van toepassing, het inschrijvingsnummer;

p. indien de aanvrager is ingeschreven als auditkantoor of auditorganisatie van een derde land in de registers van toezichthoudende instanties in lidstaten: de naam van de toezichthoudende instanties en, indien van toepassing, het inschrijvingsnummer;

q. indien de aanvrager is ingeschreven in de registers van toezichthoudende instanties in staten die geen lidstaat zijn: de naam van de toezichthoudende instanties en, indien van toepassing, het inschrijvingsnummer; en.

3. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt ondertekend door tenminste een van de personen die het dagelijks beleid van een accountantsorganisatie bepalen.

D

Na artikel 2 worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 2a

  • 1. Een aanvraag tot inschrijving in het register, bedoeld in artikel 12c, eerste lid, van de wet, wordt schriftelijk ingediend en bevat de volgende gegevens:

    a. de datum van de aanvraag;

    b. de naam, het adres en de vestigingsplaats of de woonplaats van de aanvrager;

    c. de contactgegevens, de contactpersoon en, indien aanwezig, het internetadres van de aanvrager;

    d. de rechtsvorm van de aanvrager;

    e. de naam van alle auditors van een derde land die de aanvrager doet inschrijven in het register, bedoeld in artikel 11 van de wet, de naam van de toezichthoudende instanties in dat derde land waarbij deze auditors van een derde land zijn geregistreerd en, voor zover van toepassing, het inschrijvingsnummer;

    f. de namen, adressen en vestigingsplaatsen van alle vestigingen van de aanvrager van waaruit verklaringen worden of zullen worden afgegeven als bedoeld in artikel 12b van de wet;

    g. de naam, het zakelijk adres en, indien van toepassing, het inschrijvingsnummer bij een beroepsorganisatie van alle personen die het dagelijks beleid van de aanvrager bepalen of mede bepalen, alsmede de naam van die beroepsorganisatie;

    h. indien de aanvrager deel uitmaakt van een netwerk:

    1°. een beschrijving van de juridische en organisatorische structuur van het netwerk; en

    2°. de namen, adressen en vestigingsplaatsen van de onderscheiden onderdelen van het netwerk; of

    3°. een verwijzing naar de plaats waar de in onderdeel 2° bedoelde informatie publiek toegankelijk is;

    i. indien de aanvrager is ingeschreven als auditkantoor of auditorganisatie van een derde land in de registers van toezichthoudende instanties in lidstaten: de naam van de toezichthoudende instanties en, indien van toepassing, het inschrijvingsnummer;

    j. indien de aanvrager is ingeschreven in de registers van toezichthoudende instanties in staten die geen lidstaat zijn: de naam van de toezichthoudende instanties en, indien van toepassing, het inschrijvingsnummer.

  • 2. Desgevraagd verstrekt de aanvrager aan de Autoriteit Financiële Markten tevens overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel van de Autoriteit Financiële Markten nodig zijn in het belang van de beoordeling van de aanvraag.

  • 3. Voor een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt gebruik gemaakt van door de Autoriteit Financiële Markten voorgeschreven formulieren.

  • 4. Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt ondertekend door tenminste een van de personen die het dagelijks beleid van een auditorganisatie van een derde land bepalen.

Artikel 2b

Het transparantieverslag, bedoeld in artikel 12c, eerste lid, onderdeel d, van de wet, bevat informatie die gelijkwaardig is aan de informatie, genoemd in artikel 30, eerste lid.

E

Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt na de zinsnede «artikel 2, eerste of tweede lid, «ingevoegd: of artikel 2a, eerste of tweede lid.

2. In het tweede lid wordt de zinsnede «met uitzondering van de in onderdeel o bedoelde gegevens» vervangen door: met uitzondering van de in onderdeel r bedoelde gegevens.

3. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. Een auditorganisatie van een derde land meldt een wijziging in de gegevens of bescheiden die zij heeft overgelegd op grond van artikel 2a, eerste lid, onderdelen b tot en met j, onverwijld en wijzigingen in de in artikel 2a, tweede lid, bedoelde gegevens en bescheiden tenminste eenmaal per kwartaal schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.

F

Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Het register, bedoeld in artikel 11 van de wet, vermeldt:

    a. de datum van vergunningverlening als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet;

    b. de datum van inschrijving in het register als bedoeld in artikel 12c, eerste lid, van de wet;

    c. de in artikel 2, eerste lid, onderdelen b tot en met d, h tot en met j, k, met uitzondering van het woonadres, l, met uitzondering van het woonadres, m, onder 2° of 3°, en n tot en met q, bedoelde gegevens;

    d. de in artikel 2a, eerste lid, onderdelen b tot en met j bedoelde gegevens, voor zover het register deze gegevens niet reeds bevat op grond van onderdeel c; en

    e. het feit dat de Autoriteit Financiële Markten belast is met het verlenen van vergunningen als bedoeld in artikel 5 van de wet, toezicht en handhaving zoals geregeld in hoofdstuk 5 van de wet en het uitvaardigen van openbare waarschuwingen en de publicatie van handhavingsmaatregelen zoals geregeld in hoofdstuk 6 van de wet, alsmede het adres van de Autoriteit Financiële Markten.

2. In het derde lid wordt de zinsnede «artikel 3, tweede lid» vervangen door: artikel 3, tweede en derde lid.

G

In artikel 6 wordt na de zinsnede «Autoriteit Financiële Markten» ingevoegd: of De Nederlandsche Bank NV.

H

In artikel 11, derde lid, onderdeel i, wordt na de zinsnede «13, tweede lid,» ingevoegd: 15a, eerste, derde en vijfde lid,.

I

Artikel 13, derde lid, vervalt.

J

Na artikel 15 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 15a

  • 1. Een accountantsorganisatie die een wettelijke controle verricht van een jaarrekening die mede de geconsolideerde jaarrekening van een groep ondernemingen of instellingen bevat, zorgt ervoor dat de groepsaccountant onderzoek verricht, en daarover informatie vastlegt, naar de controlewerkzaamheden die door een externe accountant, accountantsorganisatie, auditkantoor, auditor van een derde land of auditorganisatie van een derde land zijn verricht met het oog op de groepscontrole.

  • 2. Indien een onderdeel van een groep ondernemingen of instellingen is gecontroleerd door een auditor van een derde land of auditorganisatie van een derde land met statutaire zetel in een staat waarmee de Autoriteit Financiële Markten geen overeenkomst als bedoeld in artikel 63j van de wet heeft gesloten, zorgt de accountantsorganisatie dat de groepsaccountant, op verzoek van de Autoriteit Financiële Markten, de gegevens of inlichtingen verstrekt die op de controlewerkzaamheden van die auditors van een derde land of auditorganisaties van een derde land betrekking hebben, met inbegrip van de gegevens of inlichtingen met betrekking tot de groepscontrole, opdat de Autoriteit Financiële Markten het werk van de groepsaccountant kan beoordelen.

  • 3. Met het oog op de verstrekking van de in het tweede lid bedoelde gegevens of inlichtingen aan de Autoriteit Financiële Markten, zorgt de accountantsorganisatie ervoor dat de groepsaccountant:

    a. een afschrift van deze gegevens of inlichtingen vastlegt;

    b. met de auditors van een derde land of auditorganisaties van een derde land overeenkomt dat hij, op verzoek, onbeperkt toegang heeft tot deze gegevens of inlichtingen; of

    c. andere passende maatregelen neemt teneinde de verstrekking van de in het tweede lid bedoelde gegevens of inlichtingen aan de Autoriteit Financiële Markten mogelijk te maken.

  • 4. De accountantsorganisatie stelt passende procedures vast om de toegang tot de in het tweede lid bedoelde gegevens of inlichtingen te verkrijgen.

  • 5. Indien gegevens of inlichtingen met betrekking tot een controle om wettelijke of andere redenen niet door de auditors van een derde land of auditorganisaties van een derde land aan de groepsaccountant kunnen worden verstrekt, zorgt de accountantsorganisatie ervoor dat de groepsaccountant vastlegt dat hij de in het vierde lid bedoelde procedures heeft gevolgd en, in het geval van andere dan wettelijke belemmeringen, dat dergelijke belemmeringen bestaan.

K

Het opschrift van hoofdstuk 6 komt te luiden: Hoofdstuk 6. Bepalingen ter uitvoering van artikel 19, derde lid, van de wet.

L

Artikel 27 komt te luiden:

Artikel 27

De eigenaars of aandeelhouders van een accountantsorganisatie, de personen die het dagelijks beleid van een accountantsorganisatie bepalen of mede bepalen, het toezichthoudende orgaan van een accountantsorganisatie, of een met een accountantsorganisatie verbonden entiteit, hebben geen zodanige bemoeienis met de uitvoering van de wettelijke controle door die accountantsorganisatie dat daardoor afbreuk wordt gedaan aan de onafhankelijkheid en objectiviteit van de externe accountant die namens de betrokken accountantsorganisatie de wettelijke controle verricht.

M

Het opschrift van hoofdstuk 8 komt te luiden: Hoofdstuk 8. Bepalingen ter uitvoering van de artikelen 25 en 25a, derde lid, van de wet.

N

Artikel 1, tweede lid, van de bijlage behorende bij artikel 40 wordt als volgt gewijzigd:

1. In de tabel «Overtreding van voorschriften in de Wet toezicht accountantsorganisaties» vervalt «20» met tariefnummer «4».

2. In de tabel «Overtreding van voorschriften in de Wet toezicht accountantsorganisaties» wordt in de numerieke volgorde ingevoegd:

a. «15, eerste lid» met tariefnummer «5»;

b. «16a» met tariefnummer «4»;

c. «18, eerste lid» met tariefnummer «5»;

d. «19, eerste lid» met tariefnummer «6»;

e. «19, tweede lid» met tariefnummer «3»;

f. «20, eerste lid» met tariefnummer «4»;

g. «20, derde lid» met tariefnummer «4»;

h. «21, eerste lid» met tariefnummer «5»;

i. «24a, eerste lid» met tariefnummer «3»;

j. «24a, tweede lid» met tariefnummer «3»; en

k. «24a, derde lid» met tariefnummer «3».

3. In de tabel «Overtreding van voorschriften in het Besluit toezicht accountantsorganisaties» vervallen:

a. «13, derde lid» met tariefnummer «2»;

b. «27, eerste lid» met tariefnummer «6»;

c. «27, tweede lid» met tariefnummer «3».

4. In de tabel «Overtreding van voorschriften in het Besluit toezicht accountantsorganisaties» wordt in de numerieke volgorde ingevoegd:

a. «3, tweede lid» met tariefnummer «3»;

b. «3, derde lid» met tariefnummer «3»;

c. «15a, eerste lid» met tariefnummer «4»;

d. «15a, tweede lid» met tariefnummer «4»;

e. «15a, derde lid» met tariefnummer «3»;

f. «15a, vierde lid» met tariefnummer «3»;

g. «15a, vijfde lid» met tariefnummer «3»; en

h. «27» met tariefnummer «5».

ARTIKEL II

Artikel 15a van het Besluit toezicht accountantsorganisaties is niet van toepassing op jaarverslagen die betrekking hebben op boekjaren die zijn aangevangen voor 1 januari 2008.

ARTIKEL III

Met ingang van de dag na datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst treden in werking:

a. de wet van 12 juni 2008 houdende wijziging van de Wet toezicht accountantsorganisaties en Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, ter implementatie van richtlijn nr. 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen, tot wijziging van de Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, en houdende intrekking van Richtlijn 84/253/EEG van de Raad (PbEU L 157) en

b. dit besluit.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

histnoot

’s-Gravenhage, 23 juni 2008

Beatrix

De Minister van Financiën,

W. J. Bos

Uitgegeven de zevenentwintigste juni 2008

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

NOTA VAN TOELICHTING

1. Algemeen

1.1. Inleiding

Het Besluit toezicht accountantsorganisaties (Bta) is aangepast ter uitvoering van richtlijn nr. 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen, tot wijziging van de Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, en houdende intrekking van Richtlijn 84/253/EEG van de Raad (PbEU L 157), hierna: de richtlijn.

Het merendeel van de bepalingen van de richtlijn is reeds opgenomen in de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), het Bta, het Burgerlijk Wetboek (BW), de Wet op de Registeraccountants (Wet RA) en de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten (Wet AA). Dit besluit voorziet in implementatie van de resterende bepalingen van de richtlijn.

1.2. Administratieve lasten

De wijziging van artikel 2, eerste lid, onderdeel m, van het Bta (zie onderdeel B) heeft een vermindering van de administratieve lasten voor accountantsorganisaties tot gevolg. De eisen gaan namelijk minder ver dan de oorspronkelijke bepaling op grond waarvan ook een beschrijving op hoofdlijnen van de onderscheidenlijke onderdelen van het netwerk diende te worden overgelegd. Als ervan wordt uitgaan dat een assistent hieraan vijf uur zou besteden, waarna een partner 1,5 uur aan de controle zou besteden, betekent dit een kostenbesparing van afgerond € 912,50 (1,5 * € 275 + 5 * € 100) per aanvrager.

Artikel 15a van het Bta sluit aan op controlestandaard 600 (voorheen RAC 600) van de International Federation of Accountants (IFAC), waardoor de administratieve lasten gering zijn. Er vloeien geen verdere administratieve lasten uit dit besluit voort.

2. Artikelsgewijs

Artikel I

Onderdeel A

Onderdeel c van artikel 1 van het Bta dient te vervallen, aangezien de inhoud daarvan door het in de Tweede Kamer aangenomen amendement Irrgang-Vos (Kamerstukken II 2007/08, 31 270, nr. 15) nu is opgenomen in artikel 1, eerste lid, onderdeel j, van de Wta. Daarnaast voegt dit onderdeel in artikel 1 twee onderdelen in. Het begrip «groepsaccountant» verwerkt artikel 2, zesde lid, van de richtlijn. Het begrip «verbonden entiteit» verwerkt artikel 2, achtste lid, van de richtlijn. Het begrip «verbonden entiteit» moet worden onderscheiden van het begrip «netwerk». Een netwerk kan een samenwerkingsverband zijn waartoe de accountantsorganisatie behoort en waarbij duidelijk sprake is van gemeenschappelijke eigendom, zeggenschap of bestuur. Er moet sprake zijn van een grotere structuur zoals de richtlijn eist. Dit betekent dat een enkele entiteit die met een accountantsorganisatie is verbonden door gemeenschappelijke eigendom, zeggenschap of bestuur, nog geen netwerk vormt. Daarvoor is het samenwerkingsverband te klein. Een verbonden entiteit kan wel onderdeel uitmaken van een netwerk.

Onderdeel B

De titel van hoofdstuk 2 wordt aangepast, vanwege de invoeging van de artikelen 2a en 2b en de wijziging van artikel 3. Deze gewijzigde bepalingen berusten op artikel 12c, eerste en tweede lid, van de wet.

Onderdeel C

Dit onderdeel wijzigt artikel 2, eerste lid, onderdeel m, ter uitvoering van artikel 17, eerste lid, onderdeel h, van de richtlijn.

Met het nieuwe onderdeel o van artikel 2, eerste lid, wordt artikel 16, eerste lid, onderdeel c, van de richtlijn verwerkt, terwijl de nieuwe onderdelen p en q artikel 17, eerste lid, onderdeel i, van de richtlijn verwerken. De drie nieuwe onderdelen hebben betrekking op de registratie van inschrijvingsnummers van externe accountants in de registers van toezichthoudende instanties (onderdeel o) en op de registratie van inschrijvingsnummers van accountantsorganisaties als auditkantoren of accountantsorganisatie in de registers van toezichthoudende instanties van derde landen (onderdeel p) of als auditorganisatie van een derde land in in de registers van toezichthoudende instanties lidstaten of derde landen (onderdeel q).

Het vierde lid van artikel 2 verwerkt artikel 19 van de richtlijn. Ingevolge dit artikel van de richtlijn is de accountantsorganisatie verantwoordelijk voor de gegevens die worden verstrekt aan de bevoegde autoriteiten. Daarom wordt uitdrukkelijk bepaald dat tenminste een van de personen die het dagelijks beleid van een accountantsorganisatie bepalen, de vergunningaanvraag ondertekent.

Onderdeel D

Dit onderdeel introduceert de nieuwe artikelen 2a en 2b in het Bta die uitwerking geven aan artikel 12c, eerste en tweede lid, van de wet.

De aanvraag tot inschrijving in het register dient de in artikel 2a genoemde gegevens te bevatten op basis waarvan de AFM de aanvraag inhoudelijk kan beoordelen. Daarnaast kunnen deze gegevens van belang zijn voor de toezichtstrategie en -uitvoering van de AFM. Deze gegevens zijn vermeld in het eerste lid en worden opgenomen in het openbare register. De overige gegevens en de bescheiden, bedoeld in het tweede lid, zijn niet openbaar.

De AFM zorgt voor de formulieren die bij de aanvraag tot inschrijving dienen te worden gebruikt. Hierbij kan van de mogelijkheid op grond van artikel 2:15, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gebruik worden gemaakt een bericht naar een bestuursorgaan elektronisch te verzenden. De AFM kan nadere eisen stellen aan het gebruik van de elektronische weg.

Het vierde lid van artikel 2a komt overeen met het toegevoegde vierde lid aan artikel 2. Dit lid benadrukt dat de auditorganisatie van een derde land verantwoordelijk is voor de gegevens die worden verstrekt aan de AFM. Daarom wordt uitdrukkelijk bepaald dat tenminste een van de personen die het dagelijks beleid van een accountantsorganisatie bepalen, de aanvraag ondertekent.

De invoeging van artikel 2b, ter uitvoering van artikel 45, vijfde lid, onderdeel e, van de richtlijn, heeft betrekking op het transparantieverslag van auditorganisaties van derde landen. Het transparantieverslag van auditorganisaties van derde landen moet informatie bevatten die gelijkwaardig is aan de informatie voor vergunninghoudende accountantsorganisaties. Dit kan betekenen dat het transparantieverslag niet geheel aansluit bij artikel 30, eerste lid. De eis van gelijkwaardigheid waarborgt dat het transparantieverslag een adequate informatieve waarde heeft. Dit kan auditorganisaties van derde landen de mogelijkheid geven een transparantieverslag op te stellen dat zowel aan de Nederlandse eisen als aan de eisen in eigen land voldoet.

Onderdeel E

Ingevolge de wijziging in het eerste lid zijn aanvragers van een inschrijving in het register verplicht om wijzigingen in gegevens die op grond van artikel 2a, eerste lid en tweede lid, zijn overgelegd aan de AFM onverwijld schriftelijk door te geven. De wijziging in het tweede lid vloeit voort uit de verlettering van onderdeel o. Het nieuw toegevoegde derde lid verplicht ingeschreven auditorganisaties van een derde land om wijzigingen in gegevens die in het register zijn opgenomen, onverwijld schriftelijk door te geven en de overige wijzigingen eenmaal per kwartaal te melden. Hierbij kan van de mogelijkheid op grond van artikel 2:15, eerste lid, van de Awb gebruik worden gemaakt een bericht naar een bestuursorgaan elektronisch te verzenden. De AFM kan nadere eisen stellen aan het gebruik van de elektronische weg.

Onderdeel F

De nieuw toegevoegde onderdelen b en d aan artikel 4, eerste lid, hebben betrekking op de gegevens over auditorganisaties van derde landen die in het register, bedoeld in artikel 11 van de wet, moeten worden opgenomen. Hiermee wordt voldaan aan artikel 45, eerste lid, van de richtlijn. Het nieuw ingevoegde onderdeel e aan artikel 4, eerste lid, geeft uitvoering aan artikel 15, derde lid, van de richtlijn. De wijziging van artikel 4, derde lid, houdt verband met het nieuw toegevoegde artikel 3, derde lid.

Onderdeel G

De wijziging van artikel 6 houdt verband met het feit dat voorheen de betrouwbaarheid van een persoon alleen buiten twijfel stond wanneer dat eenmaal door de AFM was vastgesteld voor de toepassing van enige wet. Met deze wijziging wordt het mogelijk dat de AFM een oordeel van De Nederlandsche Bank NV omtrent de betrouwbaarheid van een persoon, welke is vastgesteld voor de toepassing van een andere wet, overneemt voor de toepassing van de Wta.

Onderdeel H

De wijziging van artikel 11, derde lid, onderdeel i, is het gevolg van de invoeging van het nieuwe artikel 15a in het Bta. Hierdoor moeten, voor zover het een groepsaccountant betreft, extra gegevens in het controledossier worden opgenomen.

Onderdeel I

Artikel 13, derde lid, vervalt, omdat de daarin opgenomen regeling is opgenomen in het gewijzigde artikel 393, tweede lid, van Boek 2 van het BW. Op grond van dat artikellid stellen het bestuur van de rechtspersoon (controlecliënt) en de accountant de AFM onverwijld in kennis van de intrekking van de opdracht door de rechtspersoon of tussentijdse beëindiging ervan door de accountant en geven hiervoor een afdoende motivering.

Onderdeel J

Artikel 15a verwerkt de onderdelen b en c van artikel 27 van de richtlijn. Het artikel bevat een verplichting voor de accountantsorganisatie om ervoor te zorgen dat de groepsaccountant gegevens of inlichtingen die betrekking hebben op controlewerkzaamheden die zijn verricht door een externe accountant, accountantsorganisatie, auditkantoor of auditorganisatie van een derde land met het oog op de groepscontrole, desgevraagd aan de AFM verstrekt, met als doel dat de AFM het werk van de groepsaccountant kan beoordelen. Aan de groepsaccountant wordt het in beginsel overgelaten hoe hij de toegang tot de gegevens en inlichtingen borgt. Indien de toegang tot de gegevens of inlichtingen niet mogelijk is wegens wettelijke belemmeringen, zal de groepsaccountant moeten aantonen dat hij passende procedures heeft gevolgd om de toegang te verkrijgen.

Artikel 15a sluit aan op controlestandaard 600 (voorheen RAC 600) van de International Federation of Accountants (IFAC), overgenomen in de Nadere voorschriften controle- en overige standaarden (COS) van de beroepsorganisaties. COS 600 heeft ondermeer ten doel standaarden vast te stellen en aanwijzingen te geven voor de accountant, die een verklaring afgeeft bij een financieel overzicht van een entiteit en daarbij gebruik maakt van de werkzaamheden van een andere accountant met betrekking tot de financiële gegevens van een of meer (groeps)onderdelen die in het financiële overzicht van de desbetreffende entiteit zijn verwerkt. De standaard bevat geen specifieke aanwijzingen met betrekking tot de documentatie van de werkzaamheden van de groepsaccountant; de algemene standaarden ten aanzien van documentatie zijn uiteraard wel van toepassing. Artikel 15a gaat verder in die zin dat de bepaling voorziet in de verstrekking van gegevens en inlichtingen afkomstig van een andere accountant aan de AFM.

Onderdeel K

Deze wijziging houdt verband met het gewijzigde artikel 19 van de Wta. De grondslag voor de bij algemene maatregel van bestuur te stellen regels ten aanzien van de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie wordt opgenomen in artikel 19, derde lid, van de Wta.

Onderdeel L

Artikel 27, zoals het voorheen luidde, kon vervallen, nu de inhoud daarvan door het in de Tweede Kamer aangenomen amendement Irrgang-Vos (zie boven), is opgenomen in het eerste en tweede lid van artikel 19 van de Wta. In plaats daarvan heeft artikel 27 een nieuwe inhoud gekregen.

Dit artikel verwerkt thans artikel 24 van de richtlijn. Voor eenmanszaken is dit artikel niet relevant, omdat deze toch al vanwege hun hoedanigheid van RA of AA zijn onderworpen aan de gedrags- en beroepsregels. Dit artikel laat onverlet dat een externe accountant die namens de betrokken accountantsorganisatie wettelijke controles verricht, tevens eigenaar of aandeelhouder van een accountantsorganisatie kan zijn of een persoon die het dagelijks beleid van een accountantsorganisatie bepaalt of mede bepaalt.

Onderdeel M

Het nieuwe artikel 25a leidt tot een wijziging in de grondslag voor artikel 35 van het Bta.

Onderdeel N

De aanpassing van de bijlage heeft twee redenen. Ten eerste vloeit de aanpassing voort uit de invoeging van de artikelen 16a, 19 (nieuw) 20, derde lid, en 24a in de Wta en de artikelen 15a en 27 (nieuw) in het Bta. In aansluiting op het tarief dat staat op overtreding van artikel 11, derde lid, van het Bta wordt voor overtreding van artikel 15a van het Bta tariefnummer 5 gehanteerd. Ten tweede wordt voor niet-naleving van de artikelen 15, eerste lid, 18, eerste lid en 21, eerste, van de Wta en artikel 3 van het Bta wordt thans ook de beboetbaarheid geregeld. Ook bij niet-naleving van die bepalingen kan er immers een noodzaak zijn tot handhavend optreden van de AFM.

Het vervallen van de artikelen 13, derde lid, en 27, eerste en tweede lid van het Bta in de bijlage «Overtredingen van voorschriften in het Bta» hangt samen met het vervallen van die bepalingen in het Bta.

Artikelen II en III

Dit besluit en de wijziging van de Wta en het BW ter implementatie van de richtlijn treden in werking met ingang van de dag na datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst. Het nieuwe artikel 15a van het Bta is op grond van artikel II alleen van toepassing op een jaarverslag dat betrekking heeft op een boekjaar dat aanvangt op of na 1 januari 2008. Hiermee wordt voorkomen dat voor boekjaren die bijna ten einde lopen artikel 15a van het Bta alsnog moet worden toegepast,

De Minister van Financiën,

W. J. Bos


XHistnoot

Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vijfde lid j° vierde lid, onder b van de Wet op de Raad van State, omdat het uitsluitend opmerkingen van redactionele aard bevat.