Besluit van 23 augustus 2007, houdende wijziging van de bijlage bij de Spoedwet wegverbreding

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 10 juli 2007, nr. HDJZ/I&O/2007-874, Hoofddirectie Juridische Zaken;

Gelet op artikel 2, tweede lid, van de Spoedwet wegverbreding;

De Raad van State gehoord (advies van 18 juli 2007, nr. W09.07.0207/IV);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 17 augustus 2007, nr. HDJZ/I&O/2007-1014, Hoofddirectie Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

De bijlage bij de Spoedwet wegverbreding wordt als volgt gewijzigd:

A

Ten aanzien van wegnummer 8 wordt in de kolom «Kilometrering» de kilometeraanduiding «71,2» vervangen door: 71,5.

B

Ten aanzien van wegnummer 9 wordt in de kolom «Kilometrering» de kilometeraanduiding «71,2» vervangen door: 71,5.

C

Wegnummer 17 wordt als volgt gewijzigd:

1. In de kolom «Aard van het project» wordt na «inrichten vluchtstrook als spitsstrook» toegevoegd: en aanleg weefstroken.

2. In de kolom «Wijziging aantal rijstroken» wordt na «1x3» toegevoegd: (deels 1x4).

3. In de kolom «Kilometrering» wordt «69,6» vervangen door: 70,2.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

histnoot

's-Gravenhage, 23 augustus 2007

Beatrix

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

C. M. P. S. Eurlings

Uitgegeven de dertiende september 2007

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

NOTA VAN TOELICHTING

Algemeen

Bij Besluit van 14 augustus 2003, houdende wijziging van de bijlage bij de Spoedwet wegverbreding (Stb. 334) is de bijlage op twee punten gewijzigd.

Bij Besluit van 24 mei 2004, houdende wijziging van de bijlage bij de Spoedwet wegverbreding (Stb. 235) is de bijlage op negen punten gewijzigd.

Inmiddels is bij de verdere uitwerking en voorbereiding van de wegaanpassingsbesluiten gebleken dat om verkeerskundige redenen, de omschrijving van twee projecten van de bijlage aangepast dient te worden.

In artikel 2, tweede lid, van de Spoedwet wegverbreding is aangegeven dat de wijziging van de bijlage slechts betrekking kan hebben op de in de bijlage omschreven aard van het project, de wijziging van het aantal rijstroken en de kilometrering. De in artikel I genoemde wijzigingen hebben daarop betrekking.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel I, onderdelen A en B

Wegnummers 7, 8 en 9 hebben betrekking op de A12 respectievelijk de wegvakken Utrecht–Bunnik, Bunnik–Driebergen en Driebergen–Maarsbergen. De in de bijlage beschreven maatregelen voor deze drie A12-projecten worden gezamenlijk voorbereid en ten uitvoer gebracht. Nader onderzoek van de Adviesdienst Verkeer en Vervoer van Rijkswaterstaat heeft uitgewezen dat de overgang tussen beide plusstroken verkeersveiliger wordt als er tussen beide plusstroken voorzien wordt in een neutraal wegvak van drie rijstroken als overgangsgebied tussen de beide plusstroken. Dat betekent dat de in wegnummer 8 genoemde extra rijstrook zal doorlopen tot kilometer 71,5. De plusstrook zal ten behoeve van dat neutrale wegvak iets eerder eindigen (bij kilometer 70,8). De wijziging betreft alleen de zuidbaan.

Artikel I, onderdeel C

Wegnummer 17 heeft betrekking op de A27, Everdingen–Lunetten. Uit verkeerskundig onderzoek van Rijkswaterstaat is gebleken dat naast het inrichten van de vluchtstrook met name door de aanleg van een tweetal permanente weefstroken – tussen de verbindingsweg A2/A27 en de aansluiting Hagestein en tussen de aansluiting Houten en het knooppunt Lunetten – de fileproblematiek op het wegvak kan worden opgelost. Het weefvak tussen Houten en knooppunt Lunetten zal zich uitstrekken tot kilometeraanduiding 70,2. Ter hoogte van de weefstrook tussen de verbindingsweg A2/A27 en de aansluiting Hagestein zal, wanneer de verkeersintensiteit daarom vraagt, sprake zijn van drie rijstroken. Ter hoogte van de weefstrook tussen aansluiting Houten en knooppunt Lunetten zal sprake zijn van 4 rijstroken.

Artikel II

In artikel 2, derde lid, van de Spoedwet wegverbreding is bepaald dat een krachtens het tweede lid vastgestelde algemene maatregel van bestuur niet eerder in werking treedt dan vier weken na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin hij is geplaatst. Artikel II bepaalt dat het besluit in werking treedt met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

C. M. P. S. Eurlings


XHistnoot

Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vijfde lid j° vierde lid, onder b van de Wet op de Raad van State, omdat het zonder meer instemmend luidt.

Naar boven