Besluit van 2 juli 2007 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 14 juni 2007 tot wijziging van onder meer de Wet studiefinanciering 2000 in verband met onder meer de uitvoerbaarheid van die wet en de invoering van een kopopleiding in het hoger onderwijs, alsmede van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in verband met onder meer Associate-degreeprogramma’s en masteropleidingen op het gebied van het hoger onderwijs

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van 27 juni 2007, nr. WJZ/2007/24974 (6224), directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Gelet op artikel X, eerste lid, de Wet van 14 juni 2007 tot wijziging van onder meer de Wet studiefinanciering 2000 in verband met onder meer de uitvoerbaarheid van die wet en de invoering van een kopopleiding in het hoger onderwijs, alsmede van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in verband met onder meer Associate-degreeprogramma’s en masteropleidingen op het gebied van het hoger onderwijs;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Enig Artikel

De Wet van 14 juni 2007 tot wijziging van onder meer de Wet studiefinanciering 2000 in verband met onder meer de uitvoerbaarheid van die wet en de invoering van een kopopleiding in het hoger onderwijs, alsmede van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in verband met onder meer Associate-degreeprogramma’s en masteropleidingen op het gebied van het hoger onderwijs treedt voor de navolgende onderdelen als volgt in werking:

a. de artikelen I, II, met uitzondering van onderdeel D, en III met ingang van het studiejaar, bedoeld in artikel 1.1 van de Wet studiefinanciering 2000, 2007–2008;

b. artikel IV, onderdelen Ga, J, N, O, P, Qa, wat betreft artikel 18.34, en R, wat betreft artikel 18.63, met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst;

c. artikel IV, onderdelen L, wat betreft artikel 7.30c, Q, Qb en R, wat betreft artikel 18.64, met ingang van 1 september 2007;

d. artikel IV, onderdeel Qa, wat betreft artikel 18.32, met ingang van 1 januari 2008.

Onze minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is belast met de uitvoering van dit besluit dat in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 2 juli 2007

Beatrix

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

R. H. A. Plasterk

Uitgegeven de negentiende juli 2007

De Minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin

Naar boven