Besluit van 11 april 2006, houdende wijziging van enkele besluiten ter
uitvoering van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen
(aanwijzing van landen) in verband met de toetreding van Andorra tot
het groene kaart systeem
Wij Beatrix, bij
de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,
enz. enz. enz.
Op de voordracht van
Onze Minister van Justitie van 7 maart 2006, Directie Wetgeving, nr.
5405779/06/6;
Gelet
op de artikelen 2, achtste lid, en 3,
derde lid, van de Wet aansprakelijkheidsverzekering
motorrijtuigen;
De Raad van State gehoord (advies van
23 maart 2006, nr. W03.06.0066/I);
Gezien het nader rapport van Onze
Minister van Justitie van 4 april 2006, Directie Wetgeving, nr.
5412807/06/6;
Hebben
goedgevonden en verstaan:
ARTIKEL I
In artikel 2 van het
besluit van 23 november 1972 tot
uitvoering van artikel 2, achtste lid, van de Wet
aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (aanwijzing van landen)
(Stb. 1972, 617) worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1. De onderdelen a tot en
met bb worden geletterd b tot en met cc.
2. Er wordt een onderdeel a ingevoegd,
luidende:
ARTIKEL II
In artikel 1 van het
besluit van 23 november 1972 tot
uitvoering van artikel 3, derde lid, van de Wet
aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (aanwijzing van landen en
gebieden) (Stb. 1972, 618) worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1. De onderdelen a tot en
met bb worden geletterd b tot en met cc.
2. Er wordt een onderdeel a ingevoegd,
luidende:
ARTIKEL III
Dit besluit treedt in
werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het
Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met
1 januari
2006.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van
toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
histnoot’s-Gravenhage, 11
april
2006
Beatrix
De
Minister van
Justitie,
J.
P. H. Donner
Uitgegeven de vijfentwintigste april 2006
De Minister van
Justitie,
J.
P.
H. Donner
NOTA VAN TOELICHTING
De besluiten van 23 november 1972 tot
uitvoering van artikel 2, achtste lid, (Stb. 617), en van artikel 3,
derde lid, (Stb. 618) van de Wet aansprakelijkheidsverzekering
motorrijtuigen (WAM) wijzen aan voor welke buitenlandse voertuigen het
Nederlands Bureau der Motorrijtuigverzekeraars de verplichting op zich
moet nemen de schade door deze voertuigen veroorzaakt te vergoeden,
respectievelijk tot welke landen de dekking van de verplichte
verzekering zich moet uitstrekken.
Aan dit systeem ligt de
richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van
24 april 1972 ten grondslag inzake de onderlinge aanpassing van
de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de
wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van
motorrijtuigen aanleiding kan geven en de controle op de verzekering
tegen deze aansprakelijkheid (72/166/EEG) (PbEG L 103), laatstelijk
gewijzigd bij richtlijn 2005/14/EG (PbEG L 149). Deze richtlijn heeft
onder meer ten doel de grenscontrole op deze verzekeringen binnen de
unie af te schaffen.
Basis van de afschaffing van deze
controle op de aanwezigheid van de zogenoemde groene kaart (het
internationaal motorrijtuigenverzekeringsbewijs dat door het
desbetreffende nationale bureau van verzekeraars wordt afgegeven) vormt
een overeenkomst tussen de verschillende nationale bureaus van de
lidstaten, volgens welke elk nationaal bureau de vergoeding waarborgt
van schade, op zijn grondgebied veroorzaakt door een motorrijtuig uit
een ander aangesloten land (de multilaterale garantieovereenkomst
tussen nationale bureaus van verzekeraars van 15 maart 1991,
PbEG L 177).
Deze overeenkomst tussen de nationale bureaus is
gebaseerd op de veronderstelling dat in de nationale wetgevingen van de
aangesloten landen wordt voorgeschreven dat de dekking van
verzekeringen tegen wettelijke aansprakelijkheid zich mede uitstrekt
tot ongevallen veroorzaakt in andere landen.
Het systeem biedt
de mogelijkheid voor derde landen om zich hierbij aan te sluiten. Van
deze mogelijkheid hebben tot nu toe Noorwegen, Zwitserland, IJsland en
Kroatië gebruik gemaakt. De onderhavige aanpassing van de twee
eerdergenoemde besluiten is noodzakelijk door de toetreding van
Andorra.
De datum waarop de afschaffing van de
groenekaartcontrole voor nieuwe lidstaten en derde landen plaatsvindt,
wordt bepaald door de Europese Commissie, nadat zij, in samenwerking
met de lidstaten en andere aangesloten landen, heeft vastgesteld dat
het nationale bureau van het betreffende land zich bij de multilaterale
garantieovereenkomst heeft aangesloten.
De Europese Commissie
heeft bij beschikking van 29 november 2005 als datum waarop voor
Andorra de afschaffing van de groene kaartcontrole moet plaatsvinden
1 januari 2006 vastgesteld. Aan het onderhavige besluit moet
derhalve terugwerkende kracht worden verleend tot die datum.
Deze terugwerkende kracht ontmoet overigens uit praktisch oogpunt
geen enkel bezwaar omdat het Nederlands Bureau der
Motorrijtuigverzekeraars reeds in overeenstemming met de beschikking
van de Commissie handelt. Het bureau heeft de verplichting tot
vergoeding reeds op zich genomen via de multilaterale
garantieovereenkomst. Tevens verlenen de Nederlandse verzekeraars thans
reeds dekking voor Andorra.
De
Minister van
Justitie,
J.
P.
H. Donner
XHistnoot
Het advies van
de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a,
vijfde lid j° vierde lid, onder b van de Wet op de Raad van
State, omdat het uitsluitend opmerkingen van redactionele aard
bevat.