Wet van 16 september 2005 tot wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2005 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat de noodzaak is gebleken van een wijziging van de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2005 en vastgesteld bij de wet van 14 april 2005, Stb. 2005, 261;

Zo is het, dat Wij, met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

De departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2005 wordt gewijzigd, zoals blijkt uit de desbetreffende bij deze wet behorende staat.

Artikel 2

De vaststelling van de in artikel 1 bedoelde begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro's.

Artikel 3

Deze wet treedt in werking met ingang van 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na de datum van 1 juni, dan treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 juni van het onderhavige begrotingsjaar.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

histnoot

Gegeven te

’s-Gravenhage, 16 september 2005

Beatrix

De Minister van Economische Zaken,

L. J. Brinkhorst

Uitgegeven de zevenentwintigste oktober 2005

De Minister van Justitie,

J. P. H. Donner

Departementale begrotingsstaat (Voorjaarsnota) behorende bij de Wet van 16 september 2005, Stb. 519

Begroting 2005

Ministerie van Economische Zaken

Bedragen in € 1000

  

(1)

(2)

 

Omschrijving

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

Mutaties (+ of –) 1ste suppletore begroting

  

verplichtingen

uitgaven

ontvangsten

verplichtingen

uitgaven

ontvangsten

 

TOTAAL

 

1 580 883

2 927 317

 

122 857

3 836 983

        
 

Beleidsartikelen

      

1.

Goed functionerende economie en markten in Nederland en Europa

65 276

63 640

114 919

3 639

3 012

 

2.

Bevorderen van innovatiekracht

427 399

529 176

135 374

14 369

– 19 348

7 449

3.

Een concurrerend ondernemingsklimaat

787 004

280 147

26 815

31 708

20 524

24 700

4.

Doelmatige en duurzame energiehuishouding

284 986

253 136

2 623 649

14 448

16 064

3 793 050

5.

Internationale economische betrekkingen

133 246

135 456

1 815

22 163

11 964

 

6.

Vitale belangen ten tijde van crises

 

32

    

7.

Beheer bodemschatten

 

276

    

8.

Economische analyses en prognoses

11 545

11 545

43

– 51

– 51

 

9.

Voorzien in maatschappelijke behoefte aan statistieken

164 135

164 135

 

10 400

10 400

 

10.

Elektronische communicatie en post

60 289

75 660

14 890

20 355

30 698

13 316

        
 

Niet-beleidsartikelen

      

21.

Algemeen

87 692

106 980

6 606

– 38

– 3 908

– 1 532

22.

Nominaal en onvoorzien

– 43 511

– 43 511

 

53 502

53 502

 

23.

Afwikkeling oude verplichtingen

4 211

4 211

3 206

   

Mij bekend,

De Minister van Economische Zaken,

L. J. Brinkhorst


XHistnoot

Kamerstuk 30 105 XIII

Naar boven