Beschikking van de Minister van Justitie van 8 februari 2002 tot plaatsing in het Staatsblad van de tekst van het Protocol overmaking van belastingopbrengst door Nederland aan de Nederlandse Antillen met betrekking tot in het jaar 2001 genoten deelnemingsdividend en van het Protocol deelnemingsdividenden die vloeien van Nederland naar Aruba

De Minister van Justitie,

Gelet op artikel 4 van het Besluit uitgifte Staatsblad en Staatscourant;

Besluit:

de tekst van het Protocol overmaking van belastingopbrengst door Nederland aan de Nederlandse Antillen met betrekking tot het jaar 2001 genoten deelnemingsdividend en van het Protocol deelnemingsdividenden die vloeien van Nederland naar Aruba in het Staatsblad te plaatsen als bijlagen bij deze beschikking.

's-Gravenhage, 8 februari 2002

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

Uitgegeven de veertiende februari 2002

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

Protocol behorende bij voorstel van Rijkswet tot wijziging van de Belastingregeling voor het Koninkrijk 1964 (belastingheffing deelnemingsdividenden) inzake de overmaking van belastingopbrengst door Nederland aan de Nederlandse Antillen met betrekking tot in het jaar 2001 genoten deelnemingsdividend

1. Voor het jaar 2001 geldt met betrekking tot deelnemingsdividend dat wordt genoten door een lichaam dat inwoner is van de Nederlandse Antillen en verschuldigd is door een lichaam dat inwoner is van Nederland het volgende:

a. het tarief van de in artikel 11, tweede lid, bedoelde belasting wordt bepaald conform de regeling zoals opgenomen in artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin;

b. een bedrag ter hoogte van de aldus afgedragen belasting zal, mits in de Nederlandse Antillen met de in het tweede lid bedoelde belasting formeel of in feite niet zodanig rekening wordt gehouden dat de feitelijke gecombineerde belastingdruk op het dividend overeenkomstig het eerste lid enerzijds en het tweede en derde lid anderzijds lager is dan 8,3 percent, zonder het stellen van aanvullende voorwaarden aan de Nederlands Antilliaanse overheid worden overgemaakt;

indien blijkt dat bij de definitieve aanslagregeling in de Antillen over het betreffende jaar niet is voldaan aan de voorwaarde genoemd in onderdeel b, wordt het bedrag dat aan de Nederlands Antilliaanse overheid wordt overgemaakt gekort met het hierop betrekking hebbende bedrag.

2. Voor de uitvoering van dit Protocol is artikel 37 van overeenkomstige toepassing.

3. Het protocol van 29 mei 1992 met inbegrip van latere wijzigingen en het protocol van 9 januari 1996 met inbegrip van latere wijzigingen behorende bij artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin, vervallen met ingang van 1 januari 2002.

4. In de Nederlandse uitvoeringsvoorschriften kunnen bepalingen worden opgenomen ter verzekering van de juiste uitvoering van dit Protocol.

5. Dit protocol treedt in werking met ingang van de eerste dag van de kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met en vindt toepassing met ingang van 1 januari 2001.

6. Dit protocol wordt aangehaald als: Protocol overmaking van belastingopbrengst door Nederland aan de Nederlandse Antillen met betrekking tot in 2001 genoten deelnemingsdividend.

De Staatssecretaris van Financiën van Nederland,

W. J. Bos

De Minister van Financiën van de Nederlandse Antillen,

W. R. Voges

Protocol behorende bjj de Rijkswet tot wijziging van de Belastingregeling voor het Konjnkrijk 1964 (belastingheffing deelnemingsdividenden) inzake deelnemingsdividenden die vloeien van Nederland naar Aruba

Artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin van de Belastingregeling voor het Koninkrijk bepalen dat voor de toepassing van de verlaagde tarieven van artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin nadere voorwaarden kunnen worden gesteld ter verzekering van de juiste toepassing van dit artikel zowel naar doel als naar strekking. De Staatssecretaris van Financiën van Nederland en de Minister van Financiën van Aruba zijn overeengekomen dat tot de in artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin genoemde «nader te stellen voorwaarden» met betrekking tot dividend dat wordt genoten door een lichaam dat inwoner is van Aruba en verschuldigd is door een lichaam dat inwoner is van Nederland de volgende voorwaarden behoren:

1. De verlaagde tarieven van artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin gelden alleen indien de feitelijk gecombineerde belastingdruk van woonstaat en bronstaat tezamen op het dividend ten minste 8,3% is.

2. Voor de uitvoering van dit Protocol is artikel 37 van overeenkomstige toepassing.

3. Het protocol van 29 mei 1992 met inbegrip van latere wijzigingen en het protocol van 9 januari 1996 met inbegrip van latere wijzigingen behorende bij artikel 11, derde lid, eerste en tweede volzin, vervallen met ingang van 1 januari 2002.

4. In de Nederlandse uitvoeringsvoorschriften kunnen bepalingen worden opgenomen ter verzekering van de juiste uitvoering van dit Protocol.

5. Dit protocol treedt in werking met ingang van de eerste dag van de kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met en vindt toepassing met ingang van 1 januari 2002.

6. Dit protocol wordt aangehaald als: Protocol belastingheffing deelnemingsdividenden die vloeien van Nederland naar Aruba.

De Staatssecretaris van Financiën van Nederland,

W. J. Bos

De Minister van Financiën van Aruba,

N. J. J. Swaen

Naar boven