Besluit van 21 januari 2000, houdende wijziging van enkele uitvoeringsbesluiten van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf en de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 10 november 1999, no. BGW 99/2387-M, Generale Thesaurie, Directie Binnenlands Geldwezen;

Gelet op de artikelen 33, vierde lid, 39, 40, eerste lid, en 92, eerste lid, van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf en de artikelen 19, 20, aanhef en onderdeel a, 66, vierde, vijfde, zevende en achtste lid, 72, vijfde lid, 94, vierde, vijfde, achtste en negende lid, 100, vijfde lid, en 187, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993;

De Raad van State gehoord (advies van 23 december 1999, no. W06.99.0591/IV);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 17 januari 2000, no. BGW00/0035-M;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

In artikel 1, onderdeel d, van het Besluit solvabiliteitsmarge natura-uitvaartverzekeringsbedrijf1 wordt «overlijden.» vervangen door: overlijden; de uitkomst wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen het risicokapitaal onder aftrek van de overdrachten uit hoofde van herverzekering en het risicokapitaal in het afgelopen boekjaar: dit verhoudingsgetal is tenminste vijftig procent;.

ARTIKEL II

Het Besluit staten natura-uitvaartverzekeringsbedrijf2 wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 2, eerste lid, wordt «33, tweede lid, eerste volzin» vervangen door: 33a, eerste lid, eerste volzin.

B

In artikel 5 wordt «33, tweede lid, eerste volzin» vervangen door «33a, eerste lid, eerste volzin» en wordt na «222,» ingevoegd «370,».

ARTIKEL III

Het Besluit technische voorzieningen verzekeringsbedrijf 19943 wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 6, eerste lid, onderdeel b, en tweede lid, onderdelen a en b, wordt telkens «Gemeenschap» vervangen door: Unie.

B

Artikel 10 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het tweede lid wordt «66, vierde lid» vervangen door: 66, zevende lid.

2. In het derde lid wordt «94, vijfde lid» vervangen door: 94, achtste lid.

C

Bijlage B wordt gewijzigd als volgt:

1. In punt 6, eerste volzin, wordt «66, derde lid, eerste volzin, en 94, derde lid, eerste volzin» vervangen door: 66, zesde lid, eerste volzin, en 94, zesde lid, eerste volzin.

2. In punt 7, aanhef, wordt «66, derde lid, eerste volzin, en 94, derde lid, eerste volzin» vervangen door: 66, zesde lid, eerste volzin, en 94, zesde lid, eerste volzin.

D

Bijlage C wordt gewijzigd als volgt:

1. In punt 2 wordt «66, derde lid, eerste volzin, en 94, derde lid, eerste volzin» vervangen door: 66, zesde lid, eerste volzin, en 94, zesde lid, eerste volzin.

2. In punt 3, aanhef, wordt «66, derde lid, eerste volzin, en 94, derde lid, eerste volzin» vervangen door: 66, zesde lid, eerste volzin, en 94, zesde lid, eerste volzin.

ARTIKEL IV

Het Besluit staten verzekeringsbedrijf 19944 wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 2 wordt gewijzigd als volgt:

1. In het eerste lid wordt «72, tweede lid, eerste volzin, of 100, tweede lid, eerste volzin» vervangen door: 72a, eerste lid, eerste volzin, of 100a, eerste lid, eerste volzin.

2. In het tweede lid, derde volzin, wordt «Gemeenschap» vervangen door: Unie.

B

In artikel 4 wordt «Gemeenschap» vervangen door: Unie.

C

In artikel 5 wordt «72, tweede lid, eerste volzin, of 100, tweede lid, eerste volzin» vervangen door: 72a, eerste lid, eerste volzin, of 100a, eerste lid, eerste volzin.

ARTIKEL V

Het Besluit vrijgestelde onderlinge waarborgmaatschappijen 19945 wordt gewijzigd als volgt:

A

In artikel 4, eerste lid, onderdeel d, en tweede lid, wordt telkens «boeken, zakelijke bescheiden of andere informatiedragers» vervangen door: zakelijke gegevens en bescheiden.

B

In artikel 6, eerste lid, wordt «75, eerste lid» vervangen door «75, eerste lid, onderdelen a en b», en wordt «182 en 188, eerste lid» vervangen door «182 tot en met 186, 188, eerste lid, en 188a».

C

Artikel 7 wordt gewijzigd als volgt:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Ten aanzien van een onderlinge waarborgmaatschappij waaraan een verklaring ingevolge artikel 3 is verleend, is het bepaalde bij of krachtens de artikelen 1, 2, 8, 10, eerste lid, 11, 15, 18, 20, aanhef en onderdeel a, 51, 54, 55, 56, 57, eerste, derde en vierde lid, 64, 66, eerste, vierde, vijfde en zesde lid, eerste volzin, zevende en achtste lid, 70 tot en met 73, 75, eerste lid, onderdelen a en b, 76, 77, eerste en derde lid, 121, eerste en vijfde lid, 122, 123, 127, 138, eerste, vierde en vijfde lid, 140, 141, eerste lid, 155, 156, eerste tot en met derde en vijfde tot en met dertiende lid, 157, 161 tot en met 164, 165, eerste lid en derde tot en met zesde lid, 165a, 166, 168, 169, eerste, derde en vierde lid, vijfde lid, onderdelen a tot en met d, 169a, 170, 182 tot en met 186, 188, 188a, en 196 van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 van toepassing of van overeenkomstige toepassing.

  • 2. In het tweede lid wordt «artikel 66, derde lid, eerste volzin» vervangen door: artikel 66, zesde lid, eerste volzin.

D

In artikel 13, onderdeel b, wordt «Gemeenschap» vervangen door: Unie.

ARTIKEL VI

Het Besluit uitvoering overeenkomst EEG/Zwitserland inzake verzekeringstoezicht 19946 wordt gewijzigd als volgt:

In artikel 13 wordt «156, vierde lid, aanhef en onderdeel c, en tiende lid» vervangen door: 156, vijfde lid, aanhef en onderdeel c, en elfde lid.

ARTIKEL VII

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

histnoot

's-Gravenhage, 21 januari 2000

Beatrix

De Minister van Financiën,

G. Zalm

Uitgegeven de vierentwintigste februari 2000

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals

NOTA VAN TOELICHTING

A. Algemeen

Naar aanleiding van wijzigingen die zijn doorgevoerd bij de hierna genoemde wetten, is het noodzakelijk dat de verwijzingen en de terminologie in de in dit besluit genoemde algemene maatregelen van bestuur worden aangepast.

• De wet van 25 september 1996 tot opneming in de Wet toezicht kredietwezen 1992, de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf, de Wet toezicht effectenverkeer 1995 en de Wet toezicht beleggingsinstellingen van bepalingen teneinde het bedrijfseconomische toezicht te versterken (Stb. 537). Deze wet wordt hierna aangeduid als BCCI-wet.

• De wet van 2 juli1999 houdende aanpassing van de Wet toezicht beleggingsinstellingen, de Wet toezicht effectenverkeer 1995, de Wet toezicht kredietwezen 1992, de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 en de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf in verband met het mogelijk maken van onderzoek naar de toereikendheid van deze wetgeving of van de wijze waarop de toezichthouders deze wetgeving uitvoeren of hebben uitgevoerd (Stb. 342).

• De wet van 6 oktober 1999 houdende wijziging van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf en in verband daarmee enkele andere wetten, teneinde de effectiviteit van het bedrijfseconomisch toezicht te vergroten (Stb. 470).

Het onderhavige besluit voorziet in deze aanpassingen en herstelt daarnaast enkele omissies.

B. Artikelsgewijs

Artikel I

Bij de opstelling van artikel 1, onderdeel d, van het Besluit solvabiliteitsmarge natura-uitvaartverzekeringsbedrijf is ten onrechte geen rekening gehouden met het effect van een eventuele herverzekering op de berekening van de vereiste solvabiliteitsmarge. In staat 300 van het Besluit staten natura-uitvaartverzekeringsbedrijf is daar wel rekening mee gehouden. De aanpassing brengt artikel 1, onderdeel d, van het Besluit solvabiliteitsmarge natura-uitvaartverzekeringsbedrijf en staat 300 met elkaar in overeenstemming.

Artikel II

In de onderdelen A en B is, voor wat betreft de verwijzing naar artikel 33a, eerste lid, eerste volzin, van de Wet toezicht natura-uitvaartverzekeringsbedrijf, rekening gehouden met de BCCI-wet. Bij de vaststelling van het Besluit staten natura-uitvaartverzekeringsbedrijf is verzuimd staat 370 op te nemen bij de openbaar te maken staten. Hierin is alsnog voorzien.

Artikel III

De aanpassingen in onderdeel A vloeien voort uit de BCCI-wet.

De aanpassingen in de onderdelen B tot en met D vloeien voort uit de wet van 6 oktober 1999 (Stb. 470).

Artikel IV

Het Besluit staten verzekeringsbedrijf 1994 is aangepast aan de BCCI-wet.

Artikel V

In onderdeel A, betreffende artikel 4, eerste lid, onderdeel d, en tweede lid, van het Besluit vrijgestelde onderlinge waarborgmaatschappijen 1994, is de formulering «boeken, zakelijke bescheiden of andere informatiedragers» in overeenstemming gebracht met die in de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993. Deze formulering is in die wet gewijzigd door de Aanpassingswet derde tranche Awb I.

De overige aanpassingen vloeien voort uit de wetten genoemd onder A. Algemeen.

Artikel VI

Het Besluit uitvoering overeenkomst EEG/Zwitserland is aangepast aan de wet van 6 oktober 1999 (Stb. 470).

De Minister van Financiën,

G. Zalm


XNoot
1

Stb. 1995, 555, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 8 december 1999, Stb. 590.

XNoot
2

Stb. 1995, 643, gewijzigd bij besluit van 8 december 1999, Stb. 590.

XNoot
3

Stb. 1994, 448, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 8 december 1999, Stb. 590.

XNoot
4

Stb. 1994, 478, gewijzigd bij besluit van 8 december 1999, Stb. 590.

XNoot
5

Stb. 1994, 314, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 8 december 1999, Stb. 590.

XNoot
6

Stb. 1994, 429, gewijzigd bij besluit van 11 december 1997, Stb. 703.

XHistnoot

Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vijfde lid jo vierde lid onder b, van de Wet op de Raad van State, omdat het zonder meer instemmend luidt.

Naar boven