Wet van 30 november 2000, houdende verhoging grensbedrag van artikel 3 van de Wet op het consumentenkrediet tot en met negentigduizend gulden en toepasselijkheid Besluit kredietaanbiedingen op transacties boven dit bedrag

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet op het consumentenkrediet zodanig te wijzigen dat de bepalingen ingevolge deze wet gelden voor krediettransacties tot en met negentigduizend gulden en de ingevolge artikel 26 van deze wet gestelde verplichtingen mede gelden voor krediettransacties waarbij de kredietsom meer dan negentigduizend gulden bedraagt;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Wet op het consumentenkrediet1 wordt gewijzigd als volgt:

A

Artikel 3, eerste lid, komt te luiden:

  • 1. Deze wet geldt niet voor krediettransacties, waarbij de kredietsom meer dan negentigduizend gulden bedraagt.

B

In artikel 3, tweede lid, vervalt «met betrekking tot het vermelden van het effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis,» en wordt «vijftigduizend» vervangen door: negentigduizend.

ARTIKEL II

Deze wet treedt in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Lasten en bevelen dat deze wet in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

histnoot

Gegeven te 's-Gravenhage, 30 november 2000

Beatrix

De Staatssecretaris van Economische Zaken,

G. Ybema

Uitgegeven de eenentwintigste december 2000

De Minister van Justitie,

A. H. Korthals


XNoot
1

Stb. 1990, 395, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 28 januari 1999, Stb. 30.

XHistnoot

Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal:

Kamerstukken II 1999/2000, 2000/2001, 26 971.

Handelingen II 2000/2001, blz. 186–193; 642.

Kamerstukken I 2000/2001, 26 971 (36, 36a).

Handelingen I 2000/2001, zie vergadering van 27 november 2000.

Naar boven