Besluit van 9 december 1999 tot aanpassing van de
tarieven in het Legesbesluit akten burgerlijke stand
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
van 8 november 1999, FO99/93185;
Gelet op artikel 2, eerste lid van de Wet rechten burgerlijke
stand (Stb. 1879, 72);
De Raad van State gehoord (advies van 25 november 1999, nr. W04.99.0567/1);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
van 1 december 1999, nr. FO99/97353);
Hebben goedgevonden en verstaan:
ARTIKEL I
Artikel 1 van het Legesbesluit akten burgerlijke stand1
komt te luiden:
Artikel 1
1. Het recht, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Wet rechten burgerlijke
stand bedraagt voor de onder a, b en d genoemde stukken f 17,50 en voor
de onder c genoemde stukken f 34,–.
2. Jaarlijks worden de bedragen, bedoeld in het eerste lid, aangepast overeenkomstig
de procentuele wijziging die het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie
over de maand april van het lopende kalenderjaar heeft ondergaan ten opzichte
van dit prijsindexcijfer over de maand april van het daaraan voorafgaande
jaar. De uitkomst van die berekening wordt naar boven afgerond op 25 cent.
Het aldus berekende bedrag wordt door de Minister van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties vóór 1 september in de Staatscourant bekend
gemaakt en geldt voor het daarop volgende kalenderjaar.
3. Onder het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie wordt verstaan de consumentenprijsindex
reeks: Alle huishoudens, totaal, op meest recente tijdsbasis, zoals dat wordt
berekend door het Centraal Bureau voor de Statistiek en gepubliceerd in het
Statistisch bulletin van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
ARTIKEL II
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2000.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota
van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
histnoot's-Gravenhage, 9 december 1999
Beatrix
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
A. Peper
Uitgegeven de drieëntwintigste december 1999
De Minister van Justitie,
A. H. Korthals
NOTA VAN TOELICHTING
Op grond van het Legesbesluit akten burgerlijke stand (Stb. 1969, 36),
laatstelijk gewijzigd bij besluit van 29 mei 1991 (Stb. 307), worden rechten
geheven wegens de afgifte van afschriften en uittreksels uit akten van de
burgerlijke stand.
De tarieven dienen te worden aangepast aan de sinds de laatste wijziging
opgetreden stijging van het algemene prijspeil.
De huidige tarieven van de rechten bedragen:
– voor elk afschrift van een akte van de burgerlijke stand of voor
een uittreksel als bedoeld in artikel 23b, tweede lid van Boek 1 van het Burgerlijk
Wetboek: f 13,75
– voor elk uittreksel als bedoeld in artikel 23b, eerste lid, van
Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek: f 13,75
– voor elke verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel
49a, derde lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek: ƒ 27,50
– voor elk meertalig uittreksel uit een akte van de burgerlijke
stand:
ƒ 13,75.
De huidige tarieven dateren van 1991. De tarieven zijn toen aangepast
aan de inflatie tot 1990. De totale inflatie van 1990 tot en met april 1999
bedraagt 23,7%. Dit percentage is berekend aan de hand van het prijsindexcijfer
van de gezinsconsumptie voor alle huishoudingen zoals dit is berekend door
het Centraal Bureau voor de Statistiek (1990=100). Door de huidige tarieven
te vermenigvuldigen met dit percentage zouden de nieuwe tarieven f 17,–
respectievelijk f 34,01 bedragen. De VNG stelt voor, naar aanleiding
van overleg met haar leden, het huidige tarief van f 13,75 te verhogen
naar f 17,50. Deze verhoging lijkt ons aannemelijk, mede gelet op het
feit dat de nieuwe tarieven pas met ingang van 2001 opnieuw worden aangepast.
De in het wijzigingsbesluit opgenomen tarieven bedragen dan ook f 17,50
respectievelijk f 34,– (afgerond).
Verder is het besluit in die zin aangepast dat de tarieven jaarlijks aangepast
zullen worden met de procentuele wijziging die het prijsindexcijfer van de
gezinsconsumptie over de maand april van het lopende kalenderjaar heeft ondergaan
ten opzichte van dit prijsindexcijfer over de maand april van het daaraan
voorafgaande jaar, zoals dat wordt berekend door het Centraal Bureau voor
de Statistiek. Dat bedrag wordt naar boven afgerond op een veelvoud van 25
cent. Het aldus berekende bedrag wordt door de minister van Binnenlandse Zaken
en Koninkrijksrelaties vóór
1 september in de Staatscourant bekend gemaakt en geldt voor het daaropvolgende
kalenderjaar. Deze jaarlijkse aanpassing zal voor het eerst gebeuren per 1
januari 2001 (bekendmaking vóór 1 september 2000).
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
A. Peper
XNoot
1Stb. 1969, 36, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 29 mei 1991, Stb.
307.
XHistnoot
Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond
van artikel 25a, vijfde lid jo vierde lid, onder b van de Wet op de Raad van
State, omdat het zonder meer instemmend luidt.